Hoogspanningslijnen Brandevoort

Er lopen verschillende bovengrondse hoogspanningslijnen door de gemeente Helmond. In de wijk Brandevoort komen over een lengte van ongeveer 2,4 kilometer, tussen Liverdonk in het westen en het sportcomplex in het oosten, twee lijnen samen: een 150 kV-lijn en een 380 kV-lijn. Elke lijn bestaat uit twee circuits van elk drie bundels draden; één circuit hangt links en het andere rechts van de mast. Om deze lijnen aan het beleidsadvies van de rijksoverheid uit 2005 te laten voldoen, overweegt de gemeente aanvullende maatregelen. Op deze pagina vindt u de meest actuele informatie hierover.

Magneetveld

Iedere draad waardoor een elektrische stroom loopt, veroorzaakt een magneetveld. Hoe sterker de stroom, hoe sterker het magneetveld. Wanneer, zoals in Brandevoort, verschillende lijnen aan één mast hangen waardoor in gelijke of tegenovergestelde richtingen stroom loopt, kan een sterker magneetveld ontstaan dan bij een losse 150 kV of een losse 380 kV-lijn.

Beleidsadvies voor magneetvelden

Er zijn aanwijzingen voor een verband tussen wonen in de buurt van hoogspanningslijnen en een mogelijk verhoogd risico op leukemie bij kinderen tot 15 jaar. Het magneetveld zou de oorzaak kunnen zijn, maar een oorzakelijk verband is niet bewezen. Mede uitgaande van het voorzorgsbeginsel heeft de rijksoverheid in 2005 aan gemeenten, provincies en netbeheerders geadviseerd om zoveel als redelijkerwijs mogelijk is te voorkomen dat gevoelige bestemmingen – waar kinderen tot 15 jaar dagelijks langdurig verblijven, zoals huizen, scholen en kinderopvangplaatsen – in de magneetveldzone komen te staan.

Dit beleid geldt vanaf oktober 2005 voor nieuwe bestemmingsplannen en voor nieuwe hoogspanningslijnen of wijzigingen aan bestaande hoogspanningslijnen.

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) ondersteunt de uitvoering van het beleidsadvies van de rijksoverheid in de praktijk met instrumenten die kunnen worden ingezet bij het bepalen van de omvang van de magneetveldzone. Ga hier naar de website van het RIVM.

Op 1 oktober 2019 stuurde minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat een brief aan de Tweede Kamer. Hieronder vindt u deze brief. Hierin bood hij een advies van Co Verdaas aan waarin deze het huidige voorzorgbeleid tegen het licht hield. Het adviesrapport vindt u ook hieronder. Voor de zomer van 2020 wil minister Wiebes dat een speciale commissie maatregelen op een rijtje zet waarmee de magneetveldsterkte ‘As Low As Reasonably Achievable’ (‘Zo Laag Als Redelijkerwijs Realiseerbaar’) wordt.

Zoneberekening

Het RIVM beschrijft de rekenmethode in de `Handreiking voor het berekenen van de specifieke magneetveldzone bij bovengrondse hoogspanningslijnen’ (pdf). De RIVM Handreiking is sinds 2005 enkele keren geactualiseerd. Bij het vaststellen van het bestemmingsplan Brandevoort/Hazenwinkel in 2015 baseerde de gemeente zich op een magneetveldzone van 2 x 45 meter, berekend volgens Handreiking versie 3.0 uit 2009. Dat betekent dat op een afstand van 45 meter of meer uit het hart van de lijn het jaargemiddelde magneetveld niet sterker is dan 0,4 microtesla.

Een berekening volgens Handreiking 3.0 houdt geen rekening met het feit dat als er twee hoogspanningslijnen samen in een mast hangen (zoals in Brandevoort) de stromen door die lijnen in tegenovergestelde richting kunnen lopen. Een berekening waarin wel rekening met stroomomkering wordt gehouden, zoals die in de huidige Handreiking 4.1, komt voor Brandevoort uit op een bredere magneetveldzone van 2 x 75 meter.

Capaciteit

Handreiking 4.1 gaat voor de 380 kV lijn uit van een benutting van 30% van het maximale transportvermogen en voor de 150 kV lijn van een benutting van 50%. Nu en in de nabije toekomst ligt het transportvermogen lager. TenneT geeft aan dat de 380 kV lijn in 2025 21% van het transportvermogen gebruikt. Voor de 150 kV lijn is dat in 2025 19%.

Als de magneetveldzone berekend wordt met deze transportvermogens bedraagt de magneetveldzone, volgens berekeningen van adviesbureau Petersburg Consultants, 2 x 50 meter. Wordt de 150 kV lijn in 2025 ook nog ondergronds gebracht, dan neemt de magneetveldzone verder af tot 2 x 40 meter.

Hoewel volgens het beleidsadvies een berekening van de magneetveldzone op het moment van het vaststellen van het bestemmingsplan volstaat, wil de gemeente zich houden aan de afspraken met de bewoners. Deze afspraken houden in dat de magneetveldzone berekend volgens de nieuwste RIVM Handreiking (versie 4.1 van 26 oktober 2015) niet breder wordt dan 2 x 45 meter.

Afspraken

In 2016 schreef de gemeente omwonenden een brief waarin werd aangegeven uiterlijk voor 2020 maatregelen door te willen voeren, waardoor de magneetveldzone berekend met de RIVM-rekenmethode uit Handreiking 4.1 niet breder zou worden dan ‘2 x 45 meter’.  In april 2019 ontvingen omwonenden een brief van de gemeente waarin werd aangegeven dat er vertraging in dit traject optrad.

Ministerie

Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat onderzoekt op dit moment of en op welke manier het beleid bij bovengrondse hoogspanningslijnen kan worden uitgebreid naar andere delen van het elektriciteitsnet zoals ondergrondse kabels en transformatorhuisjes. Een advies van het kabinet hierover zal na de zomer van 2019 aan de Tweede Kamer worden voorgelegd. Op dit moment is onduidelijk welke gevolgen dat voor het beleid van nu kan hebben. Voorlopig blijft de huidige rekenmethodiek volgens Handreiking 4.1 gehandhaafd. Voor situaties die niet onder die Handreiking vallen kan het RIVM op dit moment geen nadere duiding geven.

De inzet van de gemeente is nog steeds om in het plan Brandevoort/Hazenwinkel te voldoen aan Handreiking 4.1. De gemeente wil de magneetveldzone ook volgens die rekenmethode terugbrengen tot maximaal 2 x 45 meter. De komende tijd wordt benut om de maatregelen die dat kunnen realiseren vorm te geven.

Deze maatregelen houden in ieder geval het ‘verkabelen’ (= onder de grond brengen) van de 150 kV-lijnen in. Met deze verkabeling kan de zone wellicht al voldoende worden gereduceerd. Anders vindt de gemeente aanvullende maatregelen nodig, zoals het hoger hangen van de draden of het dichter bij de mast brengen van de draden.

Veelgestelde vragen

Hieronder vindt u de meest gestelde vragen en antwoorden over magneetvelden in het algemeen en over de situatie in Brandevoort in het bijzonder. Vragen die de gemeente later krijgt zullen aan dit overzicht worden toegevoegd.

TenneT is een organisatie die er namens ons allemaal voor zorgt dat het licht blijft branden en dat de samenleving zoals we die kennen kan functioneren. Ze vervult daarmee een wezenlijke nutstaak waar verschillende ministeries betrokken bij zijn en toezicht op houden. We mogen er vanuit gaan dat TenneT en het ministerie met ons de juiste cijfers deelt.

De GGD en andere partijen kijken vanuit hun expertise mee om te bezien of alles klopt.

Voor het vaststellen van de theoretische breedte van een magneetveldzone wordt de methode gebruikt zoals die is beschreven in ‘Handreiking 4.1’ van het RIVM. Daarbij geldt als uitgangspunt het ontwerp van de masten: welke geleiders, isolatoren, circuits en voltages worden er gebruikt en welke hoeveelheden stroom kunnen deze aan?

Om de huidige feitelijke magneetveldzone in Brandevoort te berekenen zijn de waarden en prognoses van TenneT in dat model ingevoerd. We kunnen als gemeente vooralsnog niet zelf meten hoe sterk op Moment M de stroom door Geleider G is. Daarom moeten we uitgaan van de opgaven van netwerkbeheerder TenneT.

(Deze methode, het rekenen met feitelijke stroomwaarden (en prognoses tot 2025), wijkt af van Handreiking 4.1. van het RIVM. Die gaat uit van 30% capaciteit van de 380kV-lijn en 50% van de 150kV-lijn. Deze waarden worden in Brandevoort vrijwel nooit gehaald. Volgens een recente opgave van het ministerie van EZK gebruikt TenneT tot 2025 gemiddeld respectievelijk 21% (380kV) en 19% (150kV) van de capaciteit. Op die waarden zijn ‘onze’ berekeningen van de magneetveldzone gebaseerd.

Op de hoogspanningslijnen in en door Helmond staat een wisselspanning van 50 Hz (ze ‘trilt’ vijftig keer per seconde van plus naar min en weer terug), net als op de rest van het Europese elektriciteitsnet. Door die trilling ontstaat een zogenoemd ‘Extreem Laagfrequent’ (ELF) elektromagnetisch veld. Bij omzetting naar gelijkstroom zou een statisch elektromagnetisch veld ontstaan. In theorie zou dit magneetveld nog onschadelijker zijn dan een ELF-veld. Dit is echter nog nooit aangetoond. 

Het is volgens kenners niet logisch of wenselijk om de stroom in of door Helmond gelijkstroom te maken. Meer apparatuur (omwisselstations en transformatoren) vergroten niet alleen storingsgevoeligheid en energieverlies. Ze leveren daarnaast allemaal een magneetveld op.

Er wordt door stroomproducenten en distributeurs wel eens gebruikgemaakt van gelijkstroom voor het transport van elektriciteit over grote afstanden. Experts verzekeren ons dat het in die gevallen om verbindingen gaat waar niet onderweg ‘op- of afritten’ zijn – denk aan stroomkabels over de zeebodem of, over land, vaste ‘punt-tot-puntverbindingen’ zonder aftakkingen. Dat zijn naar verluidt andere situaties dan die in Brandevoort.

Met ‘uitdovingseffect’ is de dempende werking bedoeld die een 150 kV-geleider kan hebben op het magneetveld van een 380 kV-geleider. Dit effect zou inderdaad optreden als de stroomrichting van de ene geleider tegengesteld is aan die in de andere. Als beide stroomrichtingen hetzelfde zijn kunnen de magneetvelden elkaar juist versterken.

In RIVM-Handreiking 4.1 geldt steeds de doorrekening die het breedste magneetveld oplevert. Handreiking 4.1 uit 2015 is in die zin voorzichtiger dan haar voorgangers.

Smaken blijven natuurlijk verschillen maar we kunnen daarover in overleg treden met de eigenaar van de masten, TenneT. Die zal altijd de veiligheid van zijn medewerkers en de betrouwbare werking van de hoogspanningslijnen meewegen. Onderhoudsmonteurs moeten altijd goed bij de kabels kunnen en er mogen geen geleidende materialen te dicht bij de geleiders komen.

Meer informatie

Uw Reactie
Uw Reactie