- Stad
- Kunstinrichting Huis voor de Stad
- Wilgentafel (centrale hal)
Wilgentafel (centrale hal)
In 2021 was hij volop in het nieuws: de oude Treurwilg in de tuin van het voormalige stadskantoor van de gemeente Helmond. De boom werd ongeveer in 1930 geplant en was een imposante verschijning. Helaas was hij al enige jaren aan het aftakelen; aangetast door tonderzwam en gekortwiekt voor de veiligheid. Tijdens de planontwikkeling voor het Huis voor de Stad werd alles geprobeerd om de boom in te passen, of te verplanten wat uiteindelijk helaas niet is gelukt. Daarom werd besloten de boom een tweede leven te geven en de wilg werd gestekt.
Het inspireerde een creatieve inwoner, Loek van Poppel, tot het schrijven van onderstaand gedicht:
We doen 'm um - we doen 't nie
En toch ging 't gebeuren
Gewillig makt de wilg plats
Haj waar geweënd an treuren
We doen 'm um - we doen 't nie
Toch gingen we an'tzagen
We heurden wel half Hellemond
Mar nie de wilg klagen
We doen 'm um - we doen 't nie
Wà doen we mi z'n takken?
Dor maken we moj dingen van
Vurzichtig dus mì hakken
We doen 'm um - we doen 't nie
Haj krie n twidde lève
Zo blie de wilg van Hellemond
't bèèste àn ons gèven
In oktober 2021 werden stekjes van de wilg beschikbaar gesteld aan medewerkers en belangstellenden uit de stad, om te planten in tuinen. In Helmond en misschien ook daarbuiten.
Het hout van de gekapte treurwilg heeft een tweede leven gekregen in de grote tafel in de centrale hal van het Huis voor de Stad. Het is een bijzondere en opvallende tafel, mede door de grote vitrines met het rode glas.
In 1826 is het kanaal de Zuid-Willemsvaart tussen ’s-Hertogenbosch en Helmond geopend. Dit jaar -2026- vieren we dat dit kanaal 200 jaar door de stad stroomt. Het kanaal betekende een belangrijke stimulans voor het vestigen van bedrijven in Helmond. Vervoer over water was in de 19de eeuw de belangrijkste wijze van transport. Grondstoffen en goederen werden via het kanaal op grote schaal aangevoerd en afgevoerd. Vóór die tijd was vervoer en transport met paard en kar over onverharde landwegen gebruikelijk. Scheepvaart was met platte schuiten beperkt mogelijk over de rivier de Aa en haar zijrivieren.
Het kanaal bracht bedrijvigheid en werkgelegenheid naar Helmond. Naast het kanaal vestigden zich verschillende metaal- en textielfabrieken en houtbewerkingsbedrijven. Lokale arbeiders vonden in de fabrieken hun bestaan. Fabrikanten bouwden hun villa’s dicht bij de fabrieken naast het kanaal. Nog altijd is dit belangrijke verleden in Helmond herkenbaar.
We vieren het 200 jarig jubileum tussen 4 juli en 7 november 2026 met veel verschillende activiteiten zoals wandelroutes, exposities, lezingen, bijzondere excursies en rondleidingen.
Het kanaalwater in de Zuid-Willemsvaart stroomt al
200 jaar door Helmond. Het ‘knaal’ stimuleerde in de
negentiende eeuw de komst van fabrieken en industrie
en bracht werkgelegenheid voor de inwoners.
Schep en kruiwagen
Kranige mannen, vrouwen en kinderen groeven tussen
1822 en 1826 met schep en kruiwagen het kanaal tussen
’s-Hertogenbosch en Nederweert uit. Het stuk vanaf
Nederweert tot Maastricht was al in 1817 uitgegraven in
opdracht van Napoleon.
Wesselman stimuleerde aanleg kanaal
De Helmondse heer Carel Wesselman stimuleerde dat
het Kanaal door Helmond kwam. Een deel van de oude
Helmondse stadsgrachten werd verder uitgegraven en
opgenomen in het kanaal. De oude stadspoort aan de
Veestraat werd hiervoor gesloopt.
In stukken verdeeld
Het kanaal werd gelijktijdig in stukken van 500 meter lang
uitgegraven. Een putbaas stuurde 20 gravers en 12 kruiers
aan. Het grondwater werd met paarden en menskracht
weggepompt, dag en nacht. De uitgegraven grond werd
met kruiwagens of in manden afgevoerd en tot dijken
opgeworpen naast het kanaal.
Willem I, de ‘Kanalenkoning’
In opdracht van ‘Kanalenkoning’ Willem I werd het kanaal
gegraven om de handel tussen de noordelijke en zuidelijke
Nederlanden, België en Luxemburg te verbeteren.
Staats Spoorlijn
Toen in 1866 ook de spoorlijn tussen Eindhoven en Venlo
was aangelegd, lag het kruispunt van goederen transport
midden in Helmond. Industrie bloeide, mede dankzij
goedkope arbeiders.
Water vasthouden
Om het waterverval van 40 meter te beheersen werden
in het kanaal tussen Maastricht en ’s-Hertogenbosch 21
schutsluizen aangelegd. Dat gaf meer zekerheid voor
scheeptransport dan de rivier de Maas.
Bedrijvigheid rond het kanaal
Nadat het kanaal was gegraven kwamen veel fabrikanten
naar Helmond. Voor aanvoer van grondstoffen en afvoer
van producten was transport over water ideaal. Schepen
waren het belangrijkste vervoermiddel in de 19de en begin
20ste eeuw. De schuiten werden met zeilen en windkracht
voortgestuwd of door paarden en mensen getrokken.
Fabrieken en bedrijven
Er kwamen textielfabrieken, metaalgieterijen, houtzagerijen,
bedrijven die ijzer- en staal verwerkten en die cacao en
kruiden importeerden en verhandelden.
Arbeiders gevraagd
De industrie en handel zorgden voor groei en
werkgelegenheid. De stad trok fabrikanten en
arbeiders aan uit de naaste omgeving, maar ook
uit verder weg gelegen streken en uit allerlei
landen. Helmond groeide dankzij bedenkers,
initiatiefnemers én makers!
Kanaalgravers vinden botten en geweien
Bij het graven van het kanaal in 1825 werden verschillende
meanders van de Aa afgesneden. Regelmatig werden in de
oude veenpakketten geweien en botten gevonden van
edelherten en oerrunderen. Deze dieren leefden hier tussen
10.000 en 3.500 jaar geleden. Ze behoorden tot het jachtwild
van steentijdjagers.