- Bestuur
- Nota Programma Brabantstad 2004 2008 Meer samen samen meer
Nota Programma Brabantstad 2004 2008 Meer samen samen meer
| Documentdatum | 06-07-2004 |
|---|---|
| Bestuursorgaan | Gemeenteraad |
| Documentsoort | Nota |
| Samenvatting |
Programma BrabantStad@ 2004-2008 "Meer samen. samen meer B&W van Breda, Eindhoven, Helmond, 's-Hertogenbosch en Tilburg en Gedeputeerde Staten van Provincie Noord-Brabant; 27 april 2004 E u no..,, gio 0 (4 Progranuna BrabantStad 2004-2008 1/38 Inhoudsopgave SAMENVATTING 3 1. Inleiding 5 2. De filosofie achter BrabantStad 7 2.1 Wat is BrabantStad? 7 2.2 Gezamenlijke ambities 9 2.3 De samenwerking van B5 en provincie 10 3. Het Programma BrabantStad 12 3.1 Vier opgaven 12 3.2 Ruimtelijke opgave: balans tussen stedelijkheid en groen 13 3.3 Sociale en culturele opgave: topvoorzieningen voor 1,4 miljoen mensen 15 3.4 Economische opgave: bouwen vanuit het kennis- en innovatieprofiel 16 3.5 Verkeer- en vervoersopgave: internationale bereikbaarheid 17 en verbindingen binnen het netwerk 3.6 Het bestuurlijk arrangement en de instrumenten 19 4. Financiën 21 Bijlagen 1. Beschrijving projecten 2004-2008 22 II. Flankerende acties op het vlak van agendering, proces en communicatie 3 1 111. Overzicht van projecten en betrokken partners 34 IV. Kengetallen BrabantStad 35 V. Publicaties die BrabantStad tot dusver heeft uitgebracht 38 VI. Kaart BrabantStad In dit concept ontbreken nog illustraties en kaartmateriaal Progranuna BrabantStad 2004-2008 2/38 Samenvatting De vijf grootste steden van Brabant - Breda, Eindhoven, Helmond, 's-Hertogenbosch en Tilburg (de B5) - en de Provincie werken op verschillende terreinen nauw samen. BrabantStad is het "A-merk" van die samenwerking. De bestuurlijke samenwerking van B5 en Provincie beoogt BrabantStad verder uit te bouwen als groen stedelijk netwerk en Brabant nadrukkelijk op de Europese kaart te zetten als toonaangevende kennisregio. Door meer samen te doen, wordt samen meer bereikt. Het Kabinet kiest met de Nota Ruimte voor bundeling van verstedelijking en economie in een zestal nationale stedelijke netwerken. BrabantStad is met 1,4 miljoen mensen en zo'n 20% van de industriële productie het tweede stedelijk netwerk van ons land. Het concept van de stedelijke netwerken is deels nog toekomstmuziek en moet de komende decennia verder vorm krijgen. Via het programma Brabant- Stad willen B5 en Provincie er aan werken dat de Brabantse steden gaan functioneren als een herken- bare (groot)stedelijke entiteit. Daarbij horen infrastructuur, topvoorzieningen en een robuuste groene mal die de steden elk voor zich niet kunnen ontwikkelen of waarvoor de kritische massa ontbreel"t. BrabantStad is de schakel tussen twee grensoverschrijdende economische kemzones met concentraties van stuwende bedrijvigheid. West-Brabant is georiënteerd op de havens van Rotterdam en Antwerpen met een accent op logistiek en procesindustrie. Eindhoven / Zuidoost-Brabant en de A2-zone vormen onze nationale "brainport", met daarbinnen een sterke vertegenwoordiging van de maakindustrie. Het stedelijk netwerl@c heeft internationaal gezien een sterk troef met het kennisprofiel van Eindhoven in combinatie met het complete aanbod en de economische diversiteit van de andere steden. Die internationale concurrentiekracht van BrabantStad is essentieel voor de hele provincie. BrabantStad is een ruimtelijke opgave én een economische opgave, maar géén nieuwe bestuurslaag. De opgaven uit het Programma BrabantStad worden door de B5 of de provincie zelf uitgevoerd en in enkele gevallen via een gezamenlijk project. Een lichte en flexibele programmaorganisatie faciliteert de uitvoering. BrabantStad zorgt er voor de projecten bij elkaar te houden, bevordert complementari- teit van plannen, werkt mee aan de financiering, organiseert de belangenbehartiging in Den Haag en Brussel en stimuleert het denken over en ontwerpen aan het stedelijk netwerk. Het Programma BrabantStad is kansgedreven, een stimuleringskader. Dat bete dat e zestien pro- jecten die nu worden uitgevoerd onder de vlag van BrabantStad een momentopname vormen. Kansrij- ke ontwikkelingen kunnen de komende jaren worden toegevoegd aan de agenda. Andersom zullen bepaalde projecten straks wellicht minder opportuun zijn. Van jaar tot jaar neemt de samenwerking van B5 en provincie de maat van BrabantStad. Dit zijn de projecten die de B5 en de provincie tussen 2004 en 2008 gezamenlijk willen uitvoeren: 0 uitbouwen van het Openbaar Vervoernetwerk BrabantStad; 0 realiseren van een groene mal rondom de grote steden, in samenhang met de ontwikke- ling van nationaal landschap Het Groene Woud; 0 opzetten van een BrabantStadfestival; 0 internationale economische promotie en acquisitie. Dit zijn daarnaast de belangrijkste ontwikkelingen die vanuit BrabantStad worden ondersteund, onder meer via gezamenlijke belangenbehartiging: Progranima BrabantStad 2004-2008 3/38 ¿ realiseren Zuidelijk Vervoersknooppunt Breda, inclusief HST-shuttleverbindingen met Rotterdam en Antwerpen en ontwikkelen Eindhoven-Airport tot een volwaardige regio- nale luchthaven; ¿ ontwikkelen Westeorridor van Eindhoven en transformatie stationslocaties in Hel- mond,'s-Hertogenbosch en Tilburg, inclusief de veiligheidsaspecten; ¿ ontwikl,-,elen vijf toplocaties voor (boven)regionale bedrijvigheid; ¿ knelpunten in regionale weginfrastructuur wegnemen en zorgen voor een oplossing voor de bereikbaarheid van de oostzijde van de stadsregio Eindhoven; ¿ randvoorwaarden scheppen voor toename vervoer over de Brabantse kanalen; ¿ realiseren Brabant Medical School en Groene Campus Helmond; ¿ realiseren Grafisch museum in Breda en Museum in Bedrijf in Tilburg, nationaal zwemstadion in Eindoven en herstructureren Brabanthallencomplex in 's-Hertogenbosch. Programma BrabantStad 2004-2008 4/38 1. Inleiding Stedelijke netwerken Eén van de centrale thema's in de Nota Ruimte (2004) is de bundeling van verstedelijking en econo- mische activiteiten binnen een zestal nationale stedelijke netwerken, waaronder BrabantStad. Onder invloed van maatschappelijke en economische trends ontwikkelen Europese steden zich steeds vaker tegelijk als stad én als stedelijk netwerk. Op basis van de eigen sterktes wordt naar complementariteit gezocht, om in de concurrentie met andere steden en regio's zo compleet mogelijk te zijn. Een stad hoeft niet alle bovenstedelijke voorzieningen zelf in huis te hebben. Een breed en hoogwaardig aanbod kan vaak beter gecreëer wor en in samenwerking met nabijgelegen steden. Stedelijke netwerken profiteren meer dan gemiddeld van economische groei en zijn het brandpunt van innovatie. Actualiseren programma BrabantStad De steden Breda, Eindhoven, Helmond, 's-Hertogenbosch en Tilburg (de "B 5 ") en de Provincie Noord-Brabant zijn in 2001 een programmatische samenwerking aangegaan. Op onderdelen is ook het Samenwerkingsverband Regio Eindhoven (SRE) aangehaakt. In 2002 en 2003 zijn de nodige verlcen- ningen en planstudies uitgevoerd, maar voor de realisering van majeure projecten - zoals het OV- netwerk BrabantStad - blijkt een langere adem nodig te zijn. B5 en Provincie hebben daarom gemeend de samenwerking onder de vlag van BrabantStad te moeten voortzetten op basis van een nieuw vijf- jarenprogramma. Doel van de actualiseringsslag was het concept "stedelijk netwerl<," te verdiepen en inhoud te geven aan het begrip "netwerksturing". De actualisering van het bestuurlijk programma was tevens een goede aanleiding om de maatschappelijke partners in Brabant te betrekken bij BrabantStad. Planproces Het geactualiseerde programma BrabantStad is het resultaat van een toekomstdialoog tussen de zes betrokken overheden, met maatschappelijke organisaties, externe deskundigen en op de achtergrond het Ministerie van VROM. Dit departement heeft de toekomstdialoog financieel ondersteund. De re- sultaten van eerder uitgevoerde verkenningen naar mogelijkheden voor een OV-netwerk BrabantStad en naar topvoorzieningen op het niveau van het stedelijk netwerk zijn verwerkt in dit programma. De contouren van BrabantStad zijn besproken tijdens een werkconferentie met raads- en statenleden in oktober 2003. Begin 2004 is een concept-programma voorgelegd aan raads- en statencommissies, maatschappelijke partners en de Provinciaal Planologische Commissie. Programma BrabantStad en de Nota Ruimte Via de Nota Ruimte stuurt het Kabinet op samenwerking tussen grote steden, provincies en Wgr-plus regio's in stedelijke netwerken. Het rijk verwacht dat de steden taken verdelen en afspraken maken over specialisatie en complementariteit. De gemaakte afspraken zijn verplichtend naar elkaar toe. Het Programma BrabantStad past uitstekend in de filosofie van de Nota Ruimte en is daannee vertrekpunt voor selectief overleg met de departementen over: ¿ de gecoördineerde inzet van rijkinstrumenten en rijksmiddelen; ¿ afstemming van investeringen in de ruimtelijke hoofdstructuur; Progranuna BrabantStad 2004-2008 5/38 ¿ facilitering van regionale samenwerking en verdere planvorming; ¿ een adequate bestuurlijke samenwerkingsvorin. Over deze onderwerpen verwachten wij in de loop van 2004 een raamovereenkomst met het rijk te kunnen afsluiten. Ajbakening met de streekplanuitwerkingen In het verlengde van het Streel<@plan worden voor de stedelijke regio's - waaronder Breda/Tilburg, Zuidoost-Brabant en Waalwijk/'s-Hertogenbosch/Oss - ruimtelijke kaders uitgewerkt. Dat beleid heeft onder meer betrekking op woningbouw en bedrijfsterreinen. Deze onderwerpen blijven in Bra- bantstad buiten beschouwing. Het groene gebied tussen de Brabantse steden is onderdeel van recon- structiegebied De Melerij. Ook de herinrichting van het landelijk gebied is geen onderwerp voor Bra- bantstad. Wel wordt er voor gezorgd dat het ontwikkelingsbeleid zoals dat voor BrabantStad is ge- formuleerd, doorwerkt in de streekplanuitwerkingen en de reconstructieplannen. Andersom bevat het Programma BrabantStad de belangrijkste knooppunten, toplocaties, infrastructuur en groen-om-de stadprojecten uit de onderliggende regionale plannen. Bijlage VI bij dit programma is een kaart van de majeure projecten in relatie tot de streekplanuitwerkingen. Ajbakening met het grote stedenbeleid In BrabantStad zijn de B5 en de Provincie partner in de uitbouw van het stedelijk netwerk. BrabantStad is kansgedreven en concentreert zich op ruimtelijk-economische ontwikkel' gen van de in hele regio. De knopen en het netwerk staan centraal. Het grotestedenbeleid (GSB) is probleemgedreven. De rijksoverheid maakt met 30 grote steden - waaronder de B5 - afspraken over investeringen 'm de fysieke, economische en sociale peiler. De stad staat centraal. In aanvulling op het GSB draagt de Provincie Noord-Brabant deze collegeperiode tenminste 6,4 miljoen euro bij aan veiligheidsprojecten van de vijf grote steden. Een veilig imago van de Brabantse steden werkt uiteraard door in het profiel van BrabantStad. ILLUSTPATIEVE TEKST: Stedelijke netwerken in de Nota Puimte Bij de keuze voor bundeling van verstedelijking, onderscheidt het rijk een aantal met elkaar verbonden, maar toch duidelijk van elkaar te onderscheiden, grotere en kleinere steden, ge- scheiden door open ruimten: de nationale stedelijke netwerken. Ze zijn de belangrijkste grootstedelijke gebieden van Nederland en omvatten de belangrijkste concentraties van be- volking, economische activiteiten en werkgelegenheid, van bebouwing en culturele activiteiten. De netwerken verschillen in omvang en samenstelling. De nationale stedelijke netwerken zijn niet alleen van ruimtelijk structurerende betekenis, maar ze hebben ook een organisatorische betekenis. Het biedt een aangrijpingspunt of een podium voor de in de de nationale stedelijke netwerken participerende overheden, om in ruimtelijk opzicht samen te werken, ontwikkelin- gen te initiëren en af spraken te maken, onder meer over taakverdeling en specialisatie, om met name op de langere termijn kansen te benutten. (uit: Nota Puimte, april 2004, hoofdstuk over "netwerken en steden"). Progranuna BrabantStad 2004-2008 6/38 2. De filosofie achter BrabantStad 2. 1. Wat is BrabantStad? Bestuurlijk netwerk van steden en provincie. BrabantStad is primair een bestuurlijk netwerk, een coalitie van Breda, Eindhoven, Helmond, 's-Hertogenbosch en Tilburg en de Provincie Noord-Brabant. BrabantStad werkt als een branche- vereniging. BrabantStad zet zich niet in voor de specifieke deelbelangen van de steden, maar pakt de thema's op die de positie van het netwerk structureel versterken. In termen van een branchevereniging doet BrabantStad aan marl(tverkenning, productvemieuwing en belangenbehartiging. Het bestuurlijk netwerk voorkomt onnodige concurrentie tussen de steden. Eén van de stedelijk netwerken uit de Nota Ruimte. BrabantStad is naar inwoneraantal en economische prestaties - na de Hollandse Randstad - het tweede stedelijk netwerk van ons land. Het concept van de stedelijke netwerken is deels nog toekomstmuziek en moet de komende decennia verder vorm 1<:rij gen. Via het programma BrabantStad willen B5 en Provincie er aan werl-,en dat de Brabantse steden gaan functioneren als een herkenbare (groot)- ste e ij entiteit. On er ee van t stede ijk netwerk zijn - naast de vijf centra en de verbindingen daartussen - ook de middelgrote knopen en de groene ruimte rondom de steden. Economische motor van Brabant. Zoals in veel andere Europese regio's, vormen ook in Brabant de stedelijke agglomeraties de motor van de economie. BrabantStad ligt gunstig tussen Randstad, Vlaamse Ruit en Ruhrgebied en is de schakel tussen twee grensoverschrijdende economische kemzones met concentraties van stuwende bedrijvigheid. West-Brabant is georiënteerd op de havens van Rotterdam en Antwerpen met een accent op logistiek en procesindustrie, terwijl in Breda de zakelijke dienstverlening sterk is vertegenwoordigd. Eindhoven / Zuidoost-Brabant en de A2-zone vormen een kennisregio pur sang - onze nationale "brainport" - met daarbinnen een fors aandeel van de maakindustrie. Ook 's-Hertogenbosch en Tilburg maken deel uit van deze kemzone. Het stedelijk netwerk heeft internationaal gezien een sterke troef met het kennisprofiel van Eindhoven in combinatie met het complete aanbod en de economische diversiteit van de andere steden. Van die internationale concurrentiekracht van BrabantStad profiteert de hele provincie. Uitnodiging aan maatschappelijke partners De overheid faciliteert de ontwikl-,eling van het stedelijk netwerk via investeringen in de centra, top- locaties, topvoorzieningen en infrastructuur. Maar dat is slechts een deel van het verhaal. Uiteraard ontstaan netwerken van onderop: BrabantStad bestaat uit mensen en instellingen die samen onder- nemen. BrabantStad is daarom ook een uitnodiging aan maatschappelijke organisaties en het bedrijfs- leven om nieuwe verbindingen te maken en grenzen te verleggen. B5 en Provincie ondersteunen deze maatschappelijke netwerk-vorming. Progranuna BrabantStad 2004-2008 7/38 Géén keurslijf. BrabantStad is geen geografisch afgebakend concept. Netwerken zijn vooral functioneel en in die zin onbegrensd. Voor de economie van West-Brabant zijn naast Breda ook Roosendaal en Bergen op Zoom van groot belang, alsmede Oosterhout en Etten-Leur. In Oost-Brabant leggen Waalwijk, Oss, Uden en Veghel veel economisch gewicht in de schaal. De Nota Ruimte noemt het Limburgse Venlo in één adem met BrabantStad. Breda trekt op in Rijn-Scheldedeltaverband. Eindhoven is onderdeel van de grensoverschrijdende kennisdriehoek in Zuidoost-Nederland. BrabantStad is geen keurslijf. De vijf Brabantse steden onderhouden elk voor zich banden binnen de provincie en over de (provincie)- grenzen heen. Andersom bestaat stedelijk Brabant uit meer dan alleen de B5. ILLUSTRATIES + SCHEMATISCHE KAART: Puimtelijk-economische positionering van BrabantStad Plaatjes over ondergrond, bebouwingspatroon, Europese omgeving, economische assen uitmon- dend in schematische kaart van BrabctntStcid met als onderschrift: BrcibantStad ligt midden in Noordwest-Europa op een kruispunt van economische assen. Bra- bctntstad bestaat uit een drietal stedelijke agglomeraties met Bredci / Tilburg, Eindhoven Heimond en 's-Hertogenbosch als belangrijkste centra. De steden worden gescheiden door een robuuste groene ruimte, waarvan nationaal landschap het Groene Woud de kern is.Tussen de steden bestaan culturele, inf restructurele en economische relaties. In de vijf grote Brci- bentse steden wonen ongeveer 800.000 mensen, terwijl BrcibantStcid een verzorgingsgebied van ruim 1,4 miljoen mensen heeft. Noord-Brabctnt draagt 14,5% bij clan het Bruto Nationctal Product en 18,3% aan de Nederlandse export. Programma BrabantStad 2004-2008 8138 2.2 Gezamenlijke ambities De centrale doelstelling uit het Programma BrabantStad 2002-2003 blijft ook leidraad voor de komen- de jaren: "Komen tot duurzame groei van de kwaliteit van het bestaan in het stedelijk netwerk BrabantStad in economisch, ruimtelijk, sociaal en cultureel opzicht. " Deze zeer algemeen gefonnuleerde doelstelling wil vooral uitdrukken dat BrabantStad niet alleen gaat voor economische groei, maar ook nadrukkelijk staat voor duurzaamheid, groene kwaliteiten en voor- zieningen die bijdragen aan sociale cohesie in de steden. De toekomstdialoog heeft tot een verdere operationalisering van deze doelstelling geleid, in de vorm van drie in tijd en ruimte gelaagde ambi- ties: Euro gio Ambitie voor de korte termijn I steden en agglomeraties: De vijfgrote steden werken samen naar een complementair aanbod van toplocaties en topvoorzienin- gen. De vijf grote steden werken elk voor zich aan een zo compleet mogelijk aanbod van stedelijke voor- zieningen. BrabantStad wil er aan bijdragen dat ruimtelijl@@,e ontwikkelingen in de stedelijke agglo- meraties dusdanig worden afgestemd dat een complementair aanbod aan toplocaties ontstaat op het niveau van het netwerk. Dus niet in elke stad hetzelfde. Dat geldt ook voor topvoorzieningen zoals congrescentra, topsportfaciliteiten en musea. Vijf complete - maar deels ook complementaire - steden vormen een solide basis onder het stedelijk netwerk. Ambitie voor de middellange termijn Istedelijk netwerk: BrabantStad groeit uit tot een samenhangendstedelijk gebied van 1,4 miljoen mensen met een ro~ buuste groenstructuur. Het is zeker niet de bedoeling dat BrabantStad één grote stad wordt. Door stedelijkheid in de steden te concentreren en de kwaliteiten van de groene ruimte te koesteren wordt bijgedragen aan een con- trastrijk Brabant. Voor het functioneren van het stedelijk netwerk is bereikbaarheid essentieel. Daarom werl"en B5 en provincie samen aan een eigentijds OV-netwerk en sluitende weginfrastructuur. Ook de Progranima BrabantStad 2004-2008 9138 realisering van een robuuste groene mal om de steden vraagt op koppeling van initiatieven. Op termijn kan BrabantStad zich gaan ontwikkelen als een samenhangend en groen stedelijk gebied, met eigen kwaliteiten voor de 1,4 miljoen inwoners van de B5, de stedelijke agglomeraties en tussenliggende plattelandsgemeenten. Ambitie voor de langere termijn 1BrabantStad in Europese context: Stedelijk Brabant gaat zich manifesteren als één van de toonaangevende kennis~ en innovatieregio's van Europa. Door de gunstige ligging in het hart van Europa, de sterke positie van lcennisintensieve bedrijvigheid in Eindhoven - met vertakkingen in Zuidoost-Nederland en België - én clusters in de maak- en pro- cesindustrie, logistiek en agribusiness, kan Noord-Brabant de komende decennia verder uitgroeien tot een toonaangevende Europese regio. Bundeling van kwaliteiten van de Brabantse steden betekent dat daardoor de breedte en l@,ritische massa ontstaat die nodig is om in de top mee te gaan doen. De Euro- pese ambities van BrabantStad veronderstellen investeringen in grootstedelijkheid, in internationale bereikbaarheid en een wervend ondememersklimaat. De Europese ambities veronderstellen óók zicht- baarheid van BrabantStád in het buitenland, in het bijzonder in Brussel. ILLUSTP,ATIE: Ambities op verschillende schaainivectus (drie plaatjes met bijschriften): Ambitie op stedelijk en egglomeratief niveau: de vijf grote steden werken samen naar een complementair aanbod van toplocaties en topvoorzieningen, Ambitie op het niveau van het stedelijk netwerk: BrabctntStad groeit uit tot een samenhan- gend stedelijk gebied van 1,5 miljoen mensen met een robuuste groenstructuur, * Ambitie op internationaal niveau: stedelijk Brabant gaat zich manifesteren als één van de toonaangevende kennis- en innovatieregio's van Europa. 2.3 De samenwerking van B5 en provincie Samenvattend is de missie van de samenwerking van B5 en provincie: De bestuurlijke samenwerking van B5 en Provincie beoogt BrabantStad verder uit te bouwen als groen stedelijk netwerk en Brabant nadrukkelijk op de Europese kaart te zetten als toonaangevende kennis- en innovatieregio. De programmaorganisatie BrabantStad - inclusief de B5-overleggen op verschillende beleidsterreinen - vervult een ondersteunende en katalyserende rol bij de uitvoering van deze missie c.q. het Pro- gramma BrabantStad 2004 tot en met 2008. Achterliggende projecten worden uitgevoerd door de ste- den of de provincie zelf. In een enkel geval zijn andere partijen uitvoerder. Dit zijn de rollen van BrabantStad c.q. de B5-samenwerking: Afstemmen en verknopen projecten op het niveau van het stedelijk netwerk De programmaorganisatie zorgt voor samenhang tussen de projecten en bewaakt de voortgang in al- gemene zin. In sommige gevallen kunnen schaalvoordelen bereikt worden door als B5 samen op te trekken. BrabantStad agendeert de kansen. Speciaal wordt gelet op de complementariteit van plannen: Progranuna BrabantStad 2004-2008 10/38 vullen ze elkaar aan of is het meer van hetzelfde? De programmaorganisatie bevordert dat rondom projecten arrangementen ontstaan tussen overheden, maatschappelijke partners en ondernemers. Promotie en belangenbehartiging BrabantStad vervult daarnaast een belangrijke rol in de positionering van het stedelijk netwerk. De programmaorganisatie zorgt voor de herkenbaarheid van het "merlc' en presenteert de verschillende projecten in hun onderlinge samenhang. BrabantStad organiseert de belangenbehartiging in Den Haag en Brussel op het niveau van het stedelijk netwerk. Steden gaan zelf voor de eigen projecten. In op- dracht van B5 en Provincie ontwikkelt de Brabantse Ontwikkelingsmaatschappij een campagne om buitenlandse investeerders naar BrabantStad te halen. Ook hier geldt weer dat de BrabantStad- inspanningen aanvullend zijn op wat de steden zelf doen. Dynamo voor vernieuwing Centraal in het programma staan de projecten. BrabantStad probeert ontwikkelingen op gang te bren- gen, te versnellen of - wanneer het tegen zit - vlot te trekken. Het denken over stedelijke netwerken staat niet stil. Ook op het punt van het toekomstdenken en ontwerpen wil BrabantStad een aanjagende rol vervullen. BrabantStad stimuleert vemieuwingsprocessen zonder zich die toe te eigenen. In die zin fungeert BrabantStad als een dynamo voor vernieuwing. ILLUSTPATIEVE TEKST: De kracht van netwerkscimenwerking BrcibctntStad is een schoolvoorbeeld van wet in de literatuur wel wordt aangeduid met de term "protoinstituties". Dat zijn instituties die de positie en de bevoegdheden ontberen om anderen een eigen wil te kunnen opleggen. Het zijn lichte netwerken zonder eigen doorzettingsmacht. Juist daarom moeten zij permanent investeren in het organiseren van commitment; in die zin zijn het ook zeer 'moderne' organisaties. Omdat iedereen steeds kan af haken, zijn zij gedwon- gen om voortdurend hun meerwaarde te bewijzen. Soms kan dit verlammend werken, maar er kan ook een stimulerend effect van uitgaan. Men kan niet of nauwelijks op eigen macht terug- vallen - op bevoegdheden en geld - en moet daarom wel permanent in gezag investeren. Inhou- delijke en procesmatige kwaliteit zijn daar de belangrijkste ingrediënten voor. Paradoxaler- wijs kan op deze wijze vaak toch veel invloed worden uitgeoef end ('BrabantStad als dynamo?", essay van Prof. br. P.W. Tops voor de toekomstdialoog Brabant- Stad, mei 2003). Programma BrabantStad 2004-2008 11/38 3. Het Programma BrabantStad BOX: Opbouw van het programma Gezamenlijke ambities --> 4 opgaven --> 9 maatregelen --> 16 projecten 3. 1 Vier opgaven De grote ambities die de B5 en de provincie hebben met BrabantStad betekent dat er op meerdere ter- reinen opgaven liggen. Om de stap te kunnen maken van "vijf steden op eigen kracht" naar "een groen stedelijk netwerk met complementaire voorzieningen" is het volgende nodig: stedelijkheid' te creëren en tegelijkertijd het groene karakter van Brabant te versterken. Onderscheidende topvoorzieningen te ontwikkelen die BrabantStad op de kaart zetten, maar voor- al ook tegemoet komen aan de vraag van de eigen inwoners. De bereikbaarheid binnen de regio zodanig te verbeteren dat de grote steden en agglomeraties ook daadwerkelijk kunnen gaan functioneren als stedelijk netwerk. Deze opgaven dragen ook bij aan de volgende sprong in de ambitie van BrabantStad: het verder bou- wen aan Brabant als één van de toonaangevende kennis- en innovatieregio's in Europa. Deze sprong in het ambitieniveau vraagt aanvullende acties: ¿ Stedelijkheid en voorzieningenniveau moeten gaan bijdragen aan de internationale uitstraling van BrabantStad. 0 Verbindingen met belangrijke economische centra in binnen- en buitenland moeten sterk worden verbeterd. ¿ Het kennis- en irmovatieprofiel moet dusdanig worden verbreed dat BrabantStad een nog aantrek- kelijkere vestigingsplaats wordt voor (internationale) bedrijven. De ambitie voor BrabantStad vertaalt zich aldus naar opgaven op vier terreinen: Programma BrabantStad 2004-2008 12138 Voor elk van de opgaven zijn maatregelen geselecteerd. Dit is gebeurd aan de hand van de uitkomsten van de dialoog en een bestuurlijke inschatting van wat op dit moment haalbaar is om samen te doen ("niet alles tegelijk en niet alles onder de vlag van BrabantStad"). Steeds is nagegaan welke onder- werpen een gezamenlijk belang dienen, onvoldoende door de steden afzonderlijk kunnen worden op- gepakt of waarbij schaalvoordelen ontstaan door samen op te trekken. Voor een gedetailleerde be- schrijving van de onderliggende projecten wordt verwezen naar bijlage 1. 3.2 Ruimtelijke opgave: balans tussen stedelijkheid en groen elijkheid roen rzieningen en nis atie De ruimtelijke opgave voor BrabantStad is in de steden "stedelijlcheid te creëren en tegelijkertijd het groene karakter van Brabant te versterken. Ruimtelijke kwaliteit is een belangrijke vestigingsfactor. Tijdens de toekomstdialoog bestond grote consensus over de ruimtelijke opgave: de B5 moeten niet alleen werken aan het stedelijk karakter van BrabantStad maar ook een expliciete verantwoordelijkheid nemen voor het versterken van de lcwali- teiten van de groene mal. De verwevenheid van stad en land is karakteristiek voor Brabant. Binnen het stedelijk netwerk vinden we overal dynamische stedelijke milieus naast de betrekkelijke luwte van groen en open ruimte. De uitdaging is de stedelijke druk op het landelijk gebied te combineren met behoud en versterking van natuur en landschap. Maatregel 1: beter benutten en versterken van bestaande knooppunten De spoorzones van de Brabantse steden liggen in alle gevallen dicht tegen de stadscentra en lenen zich bij uitstek voor het maken van "stedelijkheid". De stations zijn de belangrijkste knooppunten van het netwerk. De grote steden hebben allemaal grote opgaven bij de transformatie van de stationsomgevin- gen. Knooppuntontwikkeling vraagt om afstemming van de programma's van de steden om - rekening houdend met marktontwikkelingen - tot een zeker complementair aanbod te komen. Daarnaast is het van belang om knelpunten op te lossen die de ruimtelijke ontwikkelingen binnen de spoorzones in de weg staan. Bijvoorbeeld het transport van gevaarlijke stoffen. Op de langere termijn ontstaan binnen het stedelijk netwerk nieuwe knopen, b.v. gerelateerd aan nieuwe voorstadstations of snelwegen. Daar-voor zijn in dit programma 2004-2008 nog géén specifieke projecten opgenomen. Projecten 2004-2008: 0 Afstemmen (OV-)knooppuntontwikkeling: Zuidelijk Vervoersknooppunt Breda, West- corridor en A2-passage Eindhoven, spoorzone Helmond, Paleiskwartier-Il Brabant- hallencomplex 's-Hertogenbosch, spoorzone Tilburg 0 Knelpunten ruimte en veiligheid Brabantroute Programma BrabantStad 2004-2008 13/38 Maatregel 2: ontwikkelen en herstructureren van toplocaties voor bedrijven Brabant loopt al vele jaren voorop bij de uitgifte van bedrijventerreinen. De ontwikkeling en her- structurering van bedrijventerreinen is primair een zaak van de steden en de stedelijke regio's. Via BrabantStad willen B5 en provincie een extra impuls geven aan de realisering van vernieuwende en duurzame bedrijventerreinen met een (boven)regionale functie. Afstemming van deze majeure projec- ten draagt bij aan een complementair aanbod op het niveau van het netwerk. Projecten 2004-2008: Afstemmen ontwikkeling toplocaties voor bedrijven: Moerdijkse hoek, Philips High- tech Campus Eindhoven, uitbreiding Bedrijventerrein Zuldoost-Brabant bij Helmond, Kloosterstraat 's-Hertogenbosch, Kempenbaan Tilburg. Maatregel 3: realiseren groene mal om de steden Om het contrast tussen stad en land in BrabantStad te behouden en ruimte te geven aan recreatie, is versterking van het groen om de stad nodig. Het meest in het oog springend is de ontwikkeling van het Groene Woud als robuust nationaal landschap in het hart van BrabantStad. In de stadsranden is grote winst te behalen door initiatieven slim met elkaar te verknopen. Dat geldt voor landbouw met verbrede doelstellingen. Maar ook de recreatieve bereikbaarheid van het groen - fietspaden, wandelpaden enz. - houdt niet op bij de gemeentegrens. De groene kwaliteiten van Brabant zijn uit toeristisch oogpunt extra interessant als ze gecombineerd worden met een stedelijk cultureel pakket. Projecten 2004-2008: 0 Samenwerking bij de realisering van een groene mal rondom de vijf grote steden (groen-om-de-stad) 0 Nationaal Landschap Het Groene Woud (stad-landovergangen). KAAPT: Opgave stedelijke ruimte KAAP,T: Opgave groene ruimte Programma BrabantStad 2004-2008 14/38 3.3 Sociale en culturele opgave: topvoorzieningen voor 1,4 miljoen mensen eid rzieningen en in .@@.tie De sociale en culturele opgave voor BrabantStad is onderscheidende topvoorzieningen en topevene- menten te ontwikkelen voor een stedelijk gebied van 1, 4 miljoen inwoners. De vijf grote steden werken elk voor zich aan een compleet sociaal en cultureel aanbod. De opgave voor BrabantStad is om op het niveau van het stedelijk netwerk een aantal bovenmodale voorzie- ningen te ontwikkelen. Dat wil zeggen instellingen, accommodaties of evenementen die de steden moeilijk op eigen laacht van de grond krijgen en die een verzorg'mgsgebied hebben dat de stad over- stijgt. Via afstemming van plannen streeft BrabantStad naar een complementair aanbod. Een afgeleid, maar daarmee niet minder belangrijk doel, is het versterken van het vestigingsklimaat en cultureel (verblijfs)klimaat van BrabantStad. Goed gekozen evenementen en culturele "landmarks" dragen bij aan de naamsbekendheid en het imago van Brabant en de Brabantse steden. Maatregel 1: opvullen van hiaten in de kennis- en medische infrastructuur van Brabant(Stad) De kennis- en zorginfrastructuur in Brabant is redelijk tot goed op orde. Tegelijkertijd is het opmerke- lijk dat één van de dichtst bevolkte stedelijke gebieden van ons land geen eigen academisch ziekenhuis heeft. Een gezamenlijke ambitie van de B5 en de provincie is een "Brabant Medical School" (BMS) te realiseren als medisch opleidingseentrum op HBO-niveau. Een ander initiatief dat BrabantStad onder- steunt is de ontwikkeling van een "Groene Campus" in Helmond. Deze opleiding moet leiden tot bun- deling van kennis over groen, recreatie en plattelandseconomie. Mogelijk worden de komende jaren nog andere kennisinitiatieven toegevoegd aan de lijst van BrabantStad op aangeven van de Brabantse Innovatieraad. Projecten 2004-2008: 0 Realiseren Brabant Medical School in Eindhoven en Tilburg 0 Realiseren Groene Campus Helmond Maatregel 2: versterken van het culturele aanbod in BrabantStad en ontwikkelen van topaccommoda- ties. Het culturele klimaat in de Brabantse steden is gevarieerd en basisvoorzieningen zijn voldoende aan- wezig. Voor versterl-,ing van de culturele infrastructuur kijken B5 en Provincie enerzijds naar topvoor- zieningen: in BrabantStad is er ruimte voor enkele nieuwe musea met een nationale uitstraling. Ander- zijds willen B5 en Provincie het productieklimaat in Brabant versterken via een fonds voor jonge kun- stenaars en begirmende gezelschappen. Een terugkerend en internationaal georiënteerd "BrabantStad- festival", kan uitgroeien tot verbindend element in de productieketen en moet tevens gaan fungeren als Prograrnma BrabantStad 2004-2008 15/38 icoon van het cultureel klimaat. BrabantStad wil verder investeren in enkele topaccommodaties voor sport en evenementen. Ook deze toplocaties zijn toekomstige knopen in het netwerk. Voor de uitstra- ling van de regio is het belangrijk samen te werken bij het binnenhalen en realiseren van evenementen met internationale allure (zie bijlage 11, acties nr. 6). Projecten 2004-2008: ¿ Opzetten van een BrabantStadfestival. ¿ Realiseren nieuwe musea en topaccommodaties: Grafisch museum Breda, Museum in bedrijf Tilburg, Nationaal Zwemstadion Eindhoven, Brabanthallencomplex 's- Hertogenbosch. Kaart pictogrammen: Sociale en culturele opgave 3.4 Economische opgave: bouwen vanuit het kennis- en innovatieprofiel e De economische opgave voor BrabantStad is het uitbouwen en uitdragen van het kennis- en innova- tieprofiel van de regio in Europa. In aanleg is BrabantStad geen economisch concept. Het economisch structuurbeleid in enge zin - ge- richt op clusters van bedrijven, op starters of op kennistransfer - is nadrukkelijk buiten het Programma BrabantStad gehouden. Tegelijk mag duidelijk zijn dat het gebiedsgerichte beleid voor de twee grens- overschrijdende economische kemzones binnen het stedelijk netwerk, cruciaal is voor het intematio- naal profiel van BrabantStad. Zoals ook andersom stedelijkheid, bereil<:baarheid en het cultureel kli- maat van de Brabantse steden schragend zijn voor het economisch profiel van de twee euregio's. De B5 en de Provincie willen het stedelijk netwerk BrabantStad nadrukkelijk op de internationale kaart zetten. De clustering van kennisintensieve bedrijven in Eindhoven, Zuidoost-Brabant en op de A2-as is leidend in het economisch profiel van het netwerk. De combinatie van kennis met clusters in de maak- en procesindustrie, de logistiek, de landbouw en de agrifood vergroot de concurrentiekracht. Maatregel 1: bevorderen van innovatie in het midden- en kleinbedrijfen verbeteren van de samenwer- king tussen kennisinstellingen en bedrijven Deze maatregel is cruciaal voor de economische opgave van BrabantStad, maar is op projectniveau niet vertaald in voorliggend programma. Van belang is de wisselwerking tussen BrabantStad, het net- werk van innovatieve regio's in Europa en de eind 2003 opgerichte Brabantse Innovatieraad. Met de Programma BrabantStad 2004-2008 16/38 Innovatieraad zal worden nagegaan of nodig is onderdelen van de innovatieagenda (b.v. het binnen- halen, bundelen of verbreden van topinstituten) toe te voegen aan het Programma BrabantStad. Via het netwerl-, van innovatieve regio's in Europa (IRE) zal een uitwisseling op gang worden gebracht, ge- richt op het uitdragen van vernieuwende projecten en het leren van elkaar. Maatregel 2: voorwaarden scheppen voor het aantrekken van internationale bedrijvigheid De aantrekkelijkheid van Brabant / BrabantStad voor internationale bedrijven is onder meer gebaseerd op de gunstige ligging in het economische hart van Europa. Onder de vlag van BrabantStad werken B5 en Provincie aan andere differentiërende vestigingsfactoren zoals grootstedelijkheid, internationale bereikbaarheid en culturele uitstraling. De Commissie Van Rooy ("BrabantStad, een intelligente ma- nier van leven") heeft in 2003 geadviseerd om het internationaal ondememersklimaat verder te profile- ren via initiatieven zoals internationale scholen en beurzen voor toptalent. Voornemen is om deze uit- werking samen met de Innovatieraad te maken (zie bijlage H "flankerende acties"). Ook bij de inter- nationale promotie en acquisitie willen de Brabantse steden samen gaan optrekken. De Brabantse Ontwikkelingsmaatschappij start in 2004 een campagne gericht op het naar Brabant halen van ken- nisintensieve (buitenlandse) bedrijven. De campagne wordt qua inhoud, doelgroep en timing afge- stemd op initiatieven die vanuit de steden of Brabantbreed lopen. Projecten 2004-2008: Internationale economische promotie van BrabantStad KAAPT: Economische opgave 3.5 Verkeer- en vervoersopgave: internationale bereikbaarheid én verbindingen binnen het netwerk delijkheid groen orzieningen Kennis en innovatie De verkeer- en vervoersopgave is het verbeteren van de internationale bereilcbaarheid van Brabant- Stad en een betere verbinding tussen de knopen van het stedelijk netwerk. Bereikbaarheid is essentieel voor de internationale coneurrentiekracht van stedelijke netwerken, ook voor die van BrabantStad. Het gaat allereerst om goede doorstroming op de hoofdverbindingsassen vanuit de Randstad naar Zuid-Nederland, België en Duitsland (A2, A4 - onderdeel van de economi- sche "triple A"- en Al 6). Maar ook om doorstroming op de Trans-Europese assen die Antwerpen via BrabantStad en Venlo met het Ruhrgebied verbinden (o.a. A67). De aansluiting van Breda op het HSL-netwerk en positionering van Eindhoven-Airport als volwaardige regionale luchthaven verster- Programma BrabantStad 2004-2008 17/38 ken de economische positie van BrabantStad. Voor het functioneren van de Brabantse steden en ag- glomeraties als stedelijk netwerk, zijn voortreffelijk openbaar vervoer en een sluitende (regionale) weginfrastructuur onmisbaar. Maatregel 1: verbeteren externe bereikbaarheid De externe bereikbaarheid is in de eerste plaats gebaat bij een goede aansluiting van BrabantStad op het Europese HSL-netwerk door middel van shuttles naar Rotterdam / Schiphol en Antwerpen / Brus- sel. Voor het functioneren van Eindhoven als regionale luchthaven is er nu nog een aantal bestuurlijl<@- . 'dische én ruimtelijke belemmeringen die in overleg met de rijksoverheid moet worden weg- juri genomen. BrabantStad streeft naar vergroting van het aanbod van zakelijke vluchten van en naar Eindhoven-Airport. Een aantal knelpunten op de hoofdverbindingsassen - met name de A2 - wordt de komende jaren door de rijksoverheid weggewerkt. De matige bereikbaarheid van de oostzijde van de Stadsregio Eindhoven wordt nu nog primair beschouwd als een regionaal probleem, maar heeft be- langrijke repercussies voor de doorstroming op de A2. Voor de externe bereikbaarheid van Brabant- Stad is een oplossing voor de bereikbaarheid van het noordelijk en oostelijk deel van de regio Eind- hoven daarom topprioriteit. Projecten 2004-2008: 0 Realiseren HST-shuttleverbindingen naar Rotterdam en Antwerpen. 0 Ontwikl<:eling Eindhoven-Airport tot volwaardige regionale luchthaven 0 Verbeteren bereikbaarheid oostzijde Stadsregio Eindhoven. Maatregel 2: verbeteren interne bereikbaarheid Het verbeteren van de interne bereikbaarheid betreft zowel de verbindingen tussen de steden als de bereikbaarheid binnen de afzonderlijke stedelijke regio's. Een goed en compleet OV-systeem wordt algemeen beschouwd als de ruggengraat voor stedelijke netwerl<:vorming. BrabantStad heeft de afge- lopen jaren een verkenning naar mogelijkheden voor een samenhangend vervoersnetwerk uitgevoerd. Elementen zijn: optimaal benutten van de beschikbare capaciteit van bestaand spoor, hoogwaardig openbaar vervoer binnen alle stedeli ke agglomeraties, alsmede de ruimtelijk~economische ontwikke- ling van knooppunten in de centra, de stadsranden en de regio. B5, Provincie en SRE willen het OV- netwerk BrabantStad de komende twintig jaar gebaseerd uitbouwen. Onderdelen van het OV-netwerk zijn of worden op korte termijn al gerealiseerd. De bereikbaarheidsopgave van BrabantStad gaat ook over de regionale weginfrastructuur. Een aantal zwakke schakels - randwegen en tangenten - wordt mede onder de vlag van BrabantStad aangepakt. Gestudeerd wordt op mogelijkheden voor een betere doorstroming op de N65 en - op termijn - uitbouw naar een A65. Tenslotte gaan B5 en Provincie nauwer samenwerken bij het stimuleren van vervoer over water: oplossingen voor de capaciteit van de Zuid-Willemsvaart en het Wilhelminakanaal zijn daarvoor een randvoorwaarde. Projecten 2004-2008: ¿ Realiseren OV-netwerk BrabantStad ¿ Verbeteringen in de regionale weginfrastructuur ¿ Randvoorwaarden scheppen voor toename van het vervoer via de Brabantse kanalen KAAPT: Verkeer- en vervoersopgave Progranirna BrabantStad 2004-2008 18/38 3.6 Het bestuurlijk arrangement en de instrumenten In hoofdstuk 2 is de rol beschreven die de samenwerking van B5 en Provincie zou moeten spelen. In deze paragraaf worden de rollen geconcretiseerd. Uitgangspunt is dat de BrabantStad-organisatie licht en flexibel blijft en zeker geen instituut of bestuurslaag wordt. Programmaorganisatie BrabantStad BrabantStad is primair een bestuurlijk netwerk. De uitvoering van projecten uit het Programma 2004- 2008 gebeurt door verschillende partners. Soms expliciet onder de vlag van BrabantStad, soms bewust ook niet. De gezamenlijke programmaorganisatie is verantwoordelijk voor samenhang in structuur- versterkende maatregelen op het niveau van het stedelijk netwerk en voor flanl<:erende acties op het vlak van agendering, proces en communicatie. De BrabantStad-organisatie bestaat uit (zie ook schema in bijlage IH): 0 een stuurgroep van wethouders en gedeputeerde, die het dagelijks bestuur van BrabantStad vormt en fungeert als "spelverdeler" richting vakoverleggen; 0 De burgemeesters van de B5 en de Commissaris van de Koningin die samen met de stuurgroep een coördinerende rol spelen en voorop gaan in de belangenbehartiging. 0 Een ambtelijk overleg met vertegenwoordigers van de vijf steden en de Provincie dat besluitvor- ming in de stuurgroep voorbereidt en waarin lijnen met de staande organisaties samen komen. 0 Een onafhankelijke programmamanager die - samen met het programmabureau - zorg draagt voor de uitvoering van besluiten en in het bijzonder de communicatie, belangenbehartiging en het rela- tiebeheer organiseert. 0 B5-vakoverleggen op verschillende beleidsterreinen: onder meer ruimtelijke ordening, sociaal beleid, cultuur, economische zaken en verkeer & vervoer. De B5-overleggen adopteren projecten uit het programma BrabantStad. 0 Diverse ambteli .ke werl<:overleggen, onder meer op het vlak van communicatie en Europees be- leid. B5-dinsdagen Met ingang van 2004 worden alle bestuurlijk overleggen tussen de B5 en de Provincie geconcentreerd op vaste tweemaandelijkse vergaderdagen, de zogenaamde "B5-dinsdagen". Op deze manier wordt efficiencywinst geboekt en kunnen gemakkelijk dwarsverbanden tussen de verschillende beleidsvelden worden gelegd. Colleges, raden en staten Jaarlijks wordt een werkplan met begroting - via de stuurgroep - ter accordering voorgelegd aan de vijf colleges van B&W en aan GS. Over belangrijke kwesties die tijdens de B5-dinsdagen aan de orde komen wordt uiteraard ook tussentijds binnen de colleges ruggespraak gehouden (B&W en GS blijven immers ten alle tij den eindverantwoordelijk!). Via een jaarverslag worden gemeenteraden en provinci- ale staten geïnformeerd over de voortgang van het programma. De onderliggende projecten worden via de gebruikelijke lijnen geagendeerd. In 2007 wordt het Programma BrabantStad geëvalueerd. Mo- gelijk kan daarbij een visitatiecommissie vanuit raden en staten een rol spelen. Belangenbehartiging in Den Haag en Brussel Voor de belangenbehartiging van het stedelijk netwerk BrabantStad wordt gebruik gemaakt van de lobbyfacilitelten van de Provincie Noord-Brabant in Den Haag. In Brussel gaan B5-steden en provin- cie samen een belangenbehartiging opzetten. B5 en Provincie willen op korte termijn - in het verleng- de van de Nota Ruimte - een raamovereenkomst met het Kabinet aangaan voor verdere samenwerking Prograrnma BrabantStad 2004-2008 19/38 bij de uitbouw van BrabantStad. Europa wordt ook voor Brabant steeds belangrijker. Gelet op de in- temationale ambitie van het stedelijk netwerk, willen B5 en Provincie de zichtbaarheid van Brabant- St ad in Brussel vergroten. Selectief worden samenwerkingsrelaties met EU-regio's met vergelijkbare kansen of problemen opgezocht. Daarnaast wordt uiteraard nagegaan of voor onderdelen van het Bra- bantstad-programma een beroep gedaan kan worden op EU-subsidieregelingen (o.a. INTERREG) en - na 2006 - mogelijk op programmafinanciering vanuit de EU-structuurfondsen. Ondersteunende instrumenten In het verlengde van de rol van "dynamo voor vernieuwing" is de samenwerking van B5 en Provincie van plan de volgende instrumenten in te zetten of te gaan ontwikkelen: ¿ Regelmatige gedachtewisseling met de belangrijkste maatschappelijke partners en met de kennis- instellingen, met als doel elkaar te blijven infonneren. ¿ Een "projectengarage" waarin periodiek projecten op de brug gereden worden om vervolgens door een expertpanel aan een keuring te onderwerpen: wat gaat er goed, wat loopt niet goed en waar komt dat door, wat kan worden verbeterd? ¿ Het organiseren van het denken over en het ontwerpen aan specifieke facetten van BrabantStad, met als doel de creativiteit te blijven prikkelen en de komende jaren eventueel nieuwe elementen toe te kunnen voegen aan het programma. ¿ Verzamelen van de belangrijkste cijfers en kengetallen over BrabantStad, om de effectiviteit van het beleid te monitoren en mede als instrument voor de profilering van stedelijk netwerk en regio. Voor een gedetailleerde beschrijving van flankerende acties op het vlak van agendering, proces en communicatie wordt verwezen naar bijlage H. ILLUSTPATIE: orgctniscitieschema BrabantStctd Programma BrabantStad 2004-2008 20/38 4 Financiën BrabantStad is een kleine en wendbare programmaorganisatie en wil dat ook blijven. Dat betekent dat de zes betrokken overheden uit eigen organisaties capaciteit vrijmaken voor de bemensing van het programmabureau, de communicatie- en lobbyfunctie evenals voor de "BrabantStad-plus" op de ver- schillende projecten. Voor de uitvoering van het "flankerend beleid" (communicatie, lobby, relatiebeheer, stimuleren van het denken en ontwerpen, monitoring, enz.) én voor procesmatige ondersteuning van de projecten (advies, onderzoek, workshops, promotie, enz.) is een jaarlijks werkbudget beschikbaar dat in orde van grootte vergelijkbaar is met het bedrag dat provincie en steden in 2002-2003 hebben gevoteerd. In jaarschijven: 2004 2005 2006 2007 2008 communicatie en belangenbehartiging 150 150 150 150 150 procesmatige ondersteuning van projecten 150 150 150 150 150 Totaal 300 300 300 300 300 (bedragen x 1000 euro) Een begroting wordt uiteraard opgenomen in de jaarlijkse werkplannen van het programmabureau; de feitelijke uitgaven worden verantwoord via het jaarverslag aan colleges, raden en staten. Programma BrabantStad 2004-2008 21/38 Bijlage 1: Beschrijving projecten 2004-2008 Uitwerking ruimtelijke opgave: balans tussen stedelijkheid en groen. orzieningen en ie kbaarheid Maatregel 1: beter benutten en versterken van bestaande knooppunten Pro eet 1 Afstemmen (OV-)knooppuntontwikkeling Wat willen steden en Pro- Steden en provincie willen de belangrijkste knooppunten van het stedelijk vincie? netwerk (her)ontwikkelen. In alle gevallen gaat het om een combinatie van (OV-)infrastructuur en de realisering of modernisering van woon- en werkloca- ties. Het accent ligt op de volgende knooppunten: 0 Zuidelijk vervoersknooppunt 1 spoorzone Breda 0 Westeorridor en A2-passage Eindhoven (inclusief stations- omgeving) 0 Heimond Station Centraal Tweede fase Paleiskwartier's-Hertogenbosch (inclusief herontwikkeling Brabanthallencomplex) en Avenue-2 knoop Transformatie spoorzone Tilburg Rol BrabantStad Afstemmen van stationsplannen 1 woon- en werklocaties, zowel kwantitatief (vierkante meters) als kwalitatief (complementair aanbod). Belangen- behartiging voor het pakket van stationslocaties. Cofinanciering onderdelen door de provincie. B5-tafels B5-RONHV en B5-EZ Uitvoering Breda, Eindhoven, Heimond,'s-Hertogenbosch, Tilburg. Externe partners nader te bepalen. Programma BrabantStad 2004-2008 22/38 Project 2 Knelpunten ruimte en veiligheid Brabantroute Wat willen steden en Pro- Via de zogenaamde "Brabantroute" worden gevaarlijke stoffen over spoor vincie? vervoerd dwars door de centra van Breda, Tilburg, Eindhoven en Heimond. Daardoor ontstaan veiligheidsknelpunten en deze vormen op zich weer een obstakel voor de (her)ontwikkeling van stationslocaties. Steden en provincie streven op de langere termijn naar structurele oplossingen, zoals afwikkeling van gevaarlijke transporten via de Betuwelijn. Voor de korte termijn willen wij werken aan locatiespecifieke oplossingen, b.v. 's nachts rijden, aanpassing railinfrastructuur of stedenbouwkundige ingrepen. VROM is samen met Bre- da een pinot gestart dat verbreed kan worden naar andere steden (het zoge- naamde "KIEV-projecf': Knelpunten infragerelateerde investeringsprojecten externe veiligheid). Rol BrabantStad Zorgen dat pinot wordt verbreed. Belangenbehartiging steden en andere ge- meenten langs Brabantroute. B5-tafel B5-ROIVHV Uitvoering Breda (Tilburg, Eindhoven, Heimond, 's-Hertogenbosch) Externe partners i VROM, V&W, ProRail e.a. Maatregel 2: ontwikkelen en herstructureren van toplocaties voor bedrijven Project 3 Afstemmen ontwikkeling toplocaties met een regionale functie Wat willen steden en Pro- Via BrabantStad geven B5 en provincie een extra impuls aan de realisering of herstructurering van bedrijventerreinen met een (boven)regionale functie vincie? en met een innovatieve uitstraling. Door afstemming van deze majeure pro- jecten wordt gewerkt aan een complementair aanbod op het niveau van het netwerk. Het accent ligt bij de volgende toplocaties: Moerdijkse Hoek (Breda / West-Brabant) Philips Hightech Campus (Eindhoven) 0 Bedrijventerrein Zuidoost Brabant-11 (bij Helmond) 0 Kloosterstraat ('s-Hertogenbosch) 0 Kempenbaan (Tilburg) Rol BrabantStad Ondersteunen van deze initiatieven. Afstemmen van projecten, zowel kwan- titatief als kwalitatief. Meenemen in economische promotie. B5-tafel B5-RONHV en B5-EZ (afstemmen aanbod). Uitvoering Breda e.a., Eindhoven, Heimond,'s-Hertogenbosch, Tilburg, Provincie, SRE Externe partners nader te bepalen Maatregel 3: realiseren groene mal om de steden. Project 4 Samenwerking bij de realisering van een groene mal rondom de vijf grote steden (groen-om-de-stad) Wat willen steden en Pro- De steden nemen een expliciete verantwoordelijkheid voor het versterken en vincie? realiseren van een groene mal om de steden. Voorzover van toepassing in samenhang met de ontwikkeling van Het Groene Woud als nationaal land- schap. De stedelijke druk op het landelijk gebied wordt gecombineerd met behoud en versterking van natuur en landschap. Bedoeling is in de stads- randen grote winst te behalen door initiatieven slim met elkaar te verknopen. De groene mal van BrabantStad - inclusief de stad-landovergang van het Progranuna BrabantStad 2004-2008 23/38 Groene Woud - worden ruimtelijk expliciet gemaakt en voorzien van een re- gionaal groenprogramma waarin steden, provincie en rijksoverheid partner zijn. i Rol BrabantStad Ondersteunen van de realisering van een ruimtelijke uitwerking en groenpro- gramma; organiseren van adequate bestuurlijke inbedding. B5-tafel B5-RONHV Provincie, Breda, Eindhoven, Helmond,'s-Hertogenbosch, Tilburg en SRE 1 Uitvoering Externe partners LNV, VROM e.a. Project 5 Ontwikkelen nationaal landschap Het Groene Woud (stad- landovergangen) i Wat willen steden en Pro- Het groene gebied tussen Eindhoven, 's-Hertogenbosch en Tilburg wordt 1 vincie? verder ontwikkeld als nationaal landschap. Het gaat daarbij om het verbinden van natuurgebieden, om verweving van natuur met agrarische functies ("proeftuin groenblauwe dooradering") en het verknopen van projecten in de overgang van stad naar land. Gestreefd wordt naar versterking van de toe- ristisch-reereatieve functies van het nationale landschap. Rol BrabantStad 1 Ondersteunen van de planontwikkeling, met name voor wat betreft de over- gangen stad-land (mede in relatie met project 4); organiseren adequate be- stuurlijke inbedding; belangenbehartiging. Cofinanciering door provincie. B5-tafel B5-ROIVHV Uitvoering Platform Het Groene Woud 1 Reconstructiecommissie Meierij. Externe partners o.a. LNV, ZLTO. Progranuna BrabantStad 2004-2008 24/38 Uitwerking sociale en culturele opgave: topvoorzieningen voor 1,5 miljoen mensen Stedelijkheid en groen innovatie Kennis en Bereikbaarhed7] Maatregel 1: opvullen van hiaten in de kennis- en medische infrastructuur van Brabant(Stad) Project 6 Realiseren Brabant Medical School Wat willen steden en Pro- De urgentie om de opleidingscapaciteit voor medische beroepen op zo kort i vincie? i mogelijke termijn uit te breiden is groot, in Nederland maar in het bijzonder in Brabant. Daarom wordt gestreefd naar de opzet van een complete opleiding van artsen en paramedici gekoppeld aan de ziekenhuizen en universiteiten van Tilburg en Eindhoven. Op termijn zou de BMS ook een onderzoeksfunc- tie kunnen krijgen. Op dit moment wordt een haalbaarheidsonderzoek uitge- voerd. i Rol BrabantStad Ondersteunen van dit initiatief, belangenbehartiging. Cofinanciering door provincie. B5-tafel Stuurgroep 1 gecombineerd overleg met B5-burgemeesters Uitvoering 1 externe partners Taskforce van provincie met de gemeenten, ziekenhuizen, universiteiten en hogescholen van Eindhoven en Tilburg. Voorts: Ministeries van VVVS en ocw. Project 7 Realiseren "Groene ampus" e Wat willen steden en Pro- Realisatie van een verticaal onderwijscentrum (VMBO, MBO, HBO) gericht i vincie? op groen, landbouw en recreatie evenals voedselkwaliteit en rurale ontwikke- ling. Deze "Groene Campus", gesitueerd in Heimond, heeft een regionale i functie en voorziet in de behoefte voor het gehele stedelijke netwerk. Ver- wacht wordt dat van de campus een stuwende werking uitgaat voor starten- de ondernemers en innovatie in de verschillende sectoren van het groene bedrijfsleven. Rol BrabantStad Ondersteunen van dit initiatief-, belangenbehartiging. B5-tafel B5-sociale pijler. Uitvoering Heimond Externe partners Onderwijsinstellingen in de regio, projectontwikkelaars. Programma BrabantStad 2004-2008 25/38 Maatregel 2: versterken van het culturele aanbod in BrabantStad en ontwikkelen van topaccommodaties Project 8 Opzetten van een "BrabantStadfestival" Wat willen steden en Pro- Een spraakmakende en regelmatig terugkerende kunstmanifestatie opzetten vincie? die een brug slaat tussen enerzijds in Brabant gevestigde kunstinitiatieven, podia, musea en regionale festivals en anderzijds het internationale aanbod. De programmering wordt geconcentreerd in de vijf steden maar ook activi- teiten op "groene" locaties behoren tot de mogelijkheden. Het is de bedoeling om vanaf 2006 te starten met een BrabantStadfestival. Rol BrabantStad Haalbaarheidsstudie 1 businessplan, initiëren festival en zorgen voor inbed- ding in locale 1 regionale cultuuraanbod; middelen genereren, belangenbehar- tiging. B5-tafel B5-cultuur Uitvoering Werkgroep van cultuurafdelingen provincie, 's-Hertogenbosch en Eindhoven Externe partners nader te bepalen Project 9 Realiseren nieuwe musea en topaccommodaties Wat willen steden en Pro- In aanvulling op de bestaande culturele topvoorzieningen zetten steden en vincie? provincie zich samen in voor de volgende initiatieven: Grafisch Museum Breda Museum in Bedrijf in Tilburg. Steden en provincie zetten zich ook in voor de volgende accommodaties die de topsport- en evenementen infrastructuur van het stedelijk netwerk ver- sterken: Realiseren Nationaal Zwemstadion Eindhoven. Herontwikkeling beurs- en evenementencomplex "Brabant- hallen" in 's-Hertogenbosch (zie ook knooppuntontwikke- ling). Rol BrabantStad Afstemmen van het aanbod (complementariteit); werken aan financieringscon- structies, belangenbehartiging. BS-tafel B5-cultuur, B5-RONHV Uitvoering Breda, Tilburg, Eindhoven en 's-Hertogenbosch Externe partners nader te bepalen. Programma BrabantStad 2004-2008 26/38 Uitwerking economische opgave: bouwen vanuit het kennis- en innovatieprofiel Stedelijkheid en groen _j Maatregel 1: bevorderen van innovatie in het midden- en kleinbedrijf en verbeteren van de samenwerking tussen ken- nisinstellingen en bedrijven Nota bene: projecten 1 stimuleringsprogramma's niet in kader BrabantStad. In overleg met de lnnovatieraad wordt bekeken of het wenselijk is op termijn bepaalde investeringsprojecten toe te voegen aan de agenda van het stedelijk netwerk. Maatregel 2: voorwaarden scheppen voor het aantrekken internationale bedrijvigheid Project 1 0 Internationale economische promotie Brabant(Stad) den en Pro- In 2004 wordt gestart met een meerjarige economische promotie- en acqui- VVat willen ste vincie? sitiestrategie voor Brabant in het algemeen en de Brabantse steden in het bijzonder. Accent ligt daarbij op: het profileren van BrabantStad als Europese kennisregio via business-to-businesspromotie en aquisitie; het aantrekken en behouden van kennisintensieve bedrij- ven en instellingen; het aanmoedigen en faciliteren van uitbreiding van ken- nisintensieve bedrijven. De internationale economische promotie stelt het innovatieve en oplossings- gerichte karakter van de regio centraal, niet zozeer specifieke sectoren of clusters van bedrijven. Inhoud, doelgroep en timing van de campagne wor- den nauw afgestemd op initiatieven van de steden en economische eure- gio's. De internationale promotie onder de vlag van BrabantStad komt niet in de plaats van de eigen "branding" van de steden of euregio's, maar is juist gericht op verbinding. Rol BrabantStad Initiëren en cofinancieren. B5-tafel B5-EZ externe partners Brabantse Ontwikkeliijg aatsch@p@ij. (BOM). Programma BrabantStad 2004-2008 27/38 Uitwerking verkeer en Vervoeropgave: internationale bereikbaarheid én verbindingen binnen het netwerk kheid en 9 en n@ Maatregel 1: verbeteren externe bereikbaarbeid Project 1 1 Realiseren HST-shuttieverbindingen naar Rotterdam en Antwerpen Wat willen steden en Pro- Met snelle shuttieverbindingen naar Rotterdam 1 Schiphol 1 Amsterdam en vincie? Antwerpen 1 Brussel krijgt BrabantStad via Breda - bij voorkeur vanaf 2007 - een aansluiting op het Europese HSL-netwerk. Ontwikkeling en inge- bruikname van deze shuttieverbindingen moet parallel oplopen met de reali- sering van de HSL-zuid. Met het oog op veiligheid en ruimtelijke inpassing pleiten steden en provincie voor de realisering van een op de komst van de HST-shutties toegeruste OV-terminal (zie ook project l). Rol BrabantStad Ondersteunen van dit initiatief, belangenbehartiging. B5-V&V Uitvoering i Gemeente Breda. Externe partners 1 o.a. consortium van NS, KLM en National Express. 1 Project 12 Ontwikkeling Eindhoven-Airport tot volwaardige regionale luchthaven -T Wat willen steden en Pro- Met Eindhoven-Airport beschikt BrabantStad over een belangrijke en snelle vincie? verbindingsmogelijkheid met andere Europese stedelijke netwerken en - via Schiphol en Zaventem - de rest van de wereld. Voor een optimaal functione- ren van Eindhoven als regionale luchthaven dient een aantal bestuurlijk- juridische én ruimtelijk-economische belemmeringen te worden weggeno- men. Dit betreffen het wettelijk kader waarin de status van de luchthaven en (groei)mogelijkheden worden geregeld, externe veiligheidsaspecten, de ont- wikkeling van de terminal, enz. Rol BrabantStad Ondersteunen van dit initiatief, zorgen voor coördinatie door betrokken de- parlementen, lobby. B5-tafel B5-V&V i Uitvoering Eindhoven, provincie (als aandeelhouders) Externe partners Eindhoven-Airport, Schiphol, VROM, V&W en EZ Progranuna BrabantStad 2004-2008 28/38 Project 13 Verbeteren bereikbaarheid oostzijde Eindhoven Wat willen steden en Pro- Na de Randstad is Zuidoost-Nederland de meest internationaal georiënteer- vincie? de regio van ons land met daarbinnen een speciale positie van Eindhoven als "brainport". Voor de noodzakelijke verbetering van de internationale en interne bereikbaarheid zullen ontbrekende schakels in het hoofdwegennet moeten worden aangelegd. Het rijk heeft zich inmiddels bereid verklaard op 1 termijn mede financiële verantwoordelijkheid daarvoor te willen nemen. De SRE voert op dit moment een studie 1 MER uit naar de bereikbaarheid van de noordoostzi de van de stadsregio Eindhoven (de zogenaamde "BOSE- studie"). Primaire doelstelling is het verbeteren van de bereikbaarheid door het realiseren van een verbinding tussen de aansluiting A501A58 en de N279 ter hoogte van Heimond, die op zich weer een verbinding geeft met de A67. Rol BrabantStad 1 Ondersteunen BOSE-traject, belangenbehartiging. B5-tafel B5-V&V Uitvoering 1 externe partners SRE, Eindhoven, Heimond e.a., V&W, Provincie Maatregel 2: verbeteren interne bereikbaarheid Project 14 Realiseren OV-netwerk BrabantStad Wat willen steden en Pro- 1 B5 en Provincie willen de komende 20 jaar een samenhangend OV-vervoer- vincie? systeem voor BrabantStad realiseren via de ontwikkeling van frequente treinverbindingen, knooppunten en hoogwaardig openbaar vervoer in de ste- delijke agglomeraties. Eind 2003 is de verkenning OV-netwerk BrabantStad 1 afgerond. Dit zijn de elementen van het streefbeeld: Frequenter gebruik van bestaand spoor en optimaal be- nutten van de capaciteit van rivierkruisingen; Prioriteit voor de zogenaamde Randstadcorridors (Den Haag-BrabantStad-Venlo, Amsterdam-BrabantStad- Maastricht); Ontwikkelen knooppunten, waaronder de vijf centrale sta- tions 1 spoorzones en - op termijn - nieuwe knopen aan de stadsranden; Ontwikkeling van kansrijke nieuwe voorstadstations; Hoogwaardig openbaar vervoer in de stedelijke regio's met ondermeer herkenbare knooppunten voor het streekver- voer en (vrije) doorstroomassen. Steden en Provincie willen de Verkenning OV-netwerk in 2004-2005 verder uitwerken en investeringsafspraken maken Daarna kan de feitelijke realise- ring vanaf 2006 gefaseerd in schijven van vijf jaar wordt uitgevoerd. Vooruit- lopend op de nadere uitwerking OV-netwerk BrabantStad realiseren provin- cie en steden alvast een aantal onderdelen, te weten: 9 Zuidelijk Vervoersknooppunt Breda 0 Station Tilburg-Reeshof 0 Station Helmond-Brandevoort HOV-lijn Eindhoven Centraal- Eindhoven-Airport (Phileas) HOV-lijnen van Breda naar Etten-Leur en Oosterhout Bij de realisering van het (hoogwaardig) openbaar vervoer in de steden en Programma BrabantStad 2004-2008 29/38 de stedelijke agglomeraties willen de B5 door afstemming en eventuele geza- men lijke inkoop 1 aanbesteding mogelijke schaalvoordelen benutten ("taskforce HOV"). Rol BrabantStad Gangmaken, voorbereiden uitvoeringsconvenant, samenhang bewaken, co- financiering, belangenbehartiging, Europese-partnerships ontwikkelen, publi- eiteit genereren. B5-tafel B5-V&V Uitvoering Provincie, Breda, Eindhoven, Heimond,'s-Hertogenbosch, Tilburg, SRE. Externe partners nader te bepalen Project 15 Uitvoeren verbeteringen regionale weginfrastructuur (tangenten) Wat willen steden en Pro- De komende jaren staan - naast de BOSE-studie van het SRE - de volgende vincie? 1 uitvoeringstrajecten voor verbetering van de regionale weginfrastructuur in BrabantStad op de rol: Afronding westtangent Breda Realisering randweg 's-Hertogenbosch (Zuidweststructuur) Realisering noordwesttangent Tilburg (uitvoering gestart met gemeentelijke voorfinanciering) BrabantStad wil verder de doorstroming op de N65 van 's-Hertogenbosch naar Tilburg in studie nemen, met als doel op termijn eventueel te komen tot ombouw van de vierbaans autoweg naar autosnelweg met ongelijkvloerse kruisingen. Rol BrabantStad Monitoring voortgang realisering tangenten, zonodig troubleshooting (o.a. voor wat betreft vertraagde aanleg noordwesttangent Tilburg), planstudie entameren. B5-tafel B5-V&V Uitvoering 1 externe partners Breda, Tilburg, 's-Hertogenbosch, Provincie. rproject 16 Randvoorwaarden scheppen voor toename van vervoer via de Brabant- se kanalen 1 Wat willen steden en pro- 1 Meer goederenvervoer over water bevorderen als alternatief voor vervoer vincie? over de weg. Daarbij gaat het om: uitbreiding aantal en capaciteit van overslaglocaties verbreding kanalen tot klasse IV onder meer verbreding en verdieping Wilheiminakanaal van Vossenberg tot Loven (Tilburg) en aanpassing sluizen 0 omlegging Zuid-Willemsvaart bij 's-Hertogenbosch 0 ontwikkeling moderne en efficiënte containerschepen Rol BrabantStad ondersteunen initiatieven, belangenbehartiging B5-tafel B5-V&V Uitvoering 1 externe partners rijkswaterstaat, kanaalgemeenten, vervoerders 1 bedrijfsleven, verladers Programma BrabantStad 2004-2008 30/38 Bijlage 11: Flankerende acties op het vlak van agen- dering, proces en communicatie Flankerende actie 1 Bestuurlijk overleg 1 B5-dinsdagen Wat gaat BrabantStad op diti Elke twee maanden wordt een stuurgroepoverleg georganiseerd en parallel vlak doen? bestuurlijk overleg van burgemeesters, portefeuillehouders Ruimtelijke Orde- ning, Verkeer en Vervoer, Economische zaken, Cultuur, Sociaal beleid en Grotestedenbeleid 1 veiligheid. i BS-tafel Het overlegcircuit wordt gecoördineerd door CvdK en B5-burgemeesters. Flankerende actie 2 Communicatiemiddelen Wat gaat Bra antstad op dit De programmaorganisatie wil de communicatieaanpak waarmee de afgelo- vlak doen? pen jaren is gewerkt planmatig uitbouwen; elementen zijn onder meer: Bouwen en onderhouden website BrabantStad (www.brabantstad.nl) Nieuwsbrief voor politiek, maatschappelijke partners en ge- interesseerden Gericht mediabeleid 1 publicaties in dag- en vakbladen Ondersteunen publiciteit rondom projecten Organiseren van conferenties en themabijeenkomsten B5-tafel Stuurgroep 1 gecombineerd overleg met burgemeesters en CvdK Flankerende actie 3 Dialoog 1 relatiebeheer Wat gaat BrabantStad op dit Voor BrabantStad is het draagvlak bij maatschappelijke organisaties, onder- vlak doen? nemers en investeerders belangrijk. In het verlengde de toekomstdialoog worden jaarlijkse bijeenkomsten met de partners georganiseerd. Daarnaast wordt vooral rondom de concrete projecten de samenwerking tussen publie- ke en private partners georganiseerd. i Een ander speerpunt is het relatiebeheer met gemeenten in de stedelijke agglomeraties (de centrumgemeenten staan daarvoor centraal) en platte- landsgemeenten in en om BrabantStad (de provincie staat daarvoor cen- traal). Daarnaast onderhoudt BrabantStad contacten met andere (net- werk)steden in en buiten Brabant. BrabantStad is in beginsel géén publieksconcept en daarom wordt voorlopig afgezien van specifieke campagnes gericht op de Brabantse burger. B5-tafel Stuurgroep 1 gecombineerd overleg met burgemeesters en CvdK Flankerende actie 4 Haagse belangenbehartiging Wat gaat BrabantStad op dit Gezamenlijke speerpunten worden van jaar tot jaar bepaald. Voor de korte vlak doen? termijn is het voorbereiden van een raamwerkovereenkomst met het kabinet Programma BrabantStad 2004-2008 31/38 over BrabantStad in relatie tot de uitvoeringsagenda van de Nota Ruimte prioriteit. In de contacten met bewindslieden, parlementariërs en departe- menten worden verder de volgende acties ondernomen: Maken en onderhouden van een lobbykalender Organiseren jaarlijkse ontvangsten van parlementariërs in het voor- en najaar Organiseren van werkbezoeken van vaste kamercommissies aan BrabantStad B5-tafel Gecombineerd overleg van stuurgroep met burgemeesters en CvdK Flankerende actie 5 Europese belangenbehartiging Wat gaat BrabantStad op dit i Gezamenlijke speerpunten worden van jaar tot jaar bepaald. Elementen in vlak doen? de Europastrategie van BrabantStad zijn: Zichtbaarheid van Brabant(Stad) in Europa vergroten, o.a. via een eigen belangenbehartiger in Brussel en lidmaatschap van het Euroci- ties-netwerk. i Samenwerkingsrelaties ontwikkelen met-andere EU-regio's met ver- gelijkbare kansen of problemen. EU-projectsubsidies genereren voor onderdelen van het Brabant- Stad-programma Bekijken of op de langere termijn - na 2006 - een beroep gedaan kan worden op programmafinanciering vanuit de EU- structuurfondsen. B5-tafel Gecombineerd overleg van stuurgroep met burgemeesters en CvdK Flankerende actie 6 Ondersteunen van het binnenhalen en realiseren van (internationale) evenementen Wat gaat BrabantStad op dit Evenementen met internationale allure zijn belangrijk voor de uitstraling van vlak doen? Brabant en de Brabantse steden. Van jaar tot jaar wordt bekeken in hoeverre de zes partners elkaar kunnen ondersteunen bij het binnenhalen en realise- ren van evenementen. BrabantStad faciliteert deze initiatieven. Een van de initiatieven waar B5 en Provincie samen voor gaan is de Floriade-Tilburg. B5-tafel Gecombineerd overleg van stuurgroep met burgemeesters en CvdK Flankerende actie 7 Ondersteunen maatschappelijke netwerkvorming Wat gaat BrabantStad op dit Een achterliggend doel van BrabantStad is de netwerkvorming tussen cultu- vlak doen? rele instellingen, maatschappelijke organisaties en bedrijfsleven in de steden 1 stedelijke agglomeraties. BrabantStad ondersteunt interessante initiatieven. B5-tafel Stuurgroep 1 Gecombineerd met burgemeesters en CvdK i Flankerende actie 8 Projectengarage Wat gaat BrabantStad op dit Een expertpanel formeren dat periodiek projecten doorlicht én gaat fungeren vlak doen? als ambassadeurs van het gedachtegoed van BrabantStad. i B5-tafel Stuurgroep / Gecombineerd met burgemeesters en CvdK Programma BrabantStad 2004-2008 32138 Flankerende actie 9 Stimuleren denken en ontwerpen 1 verkenningen en ateliers Wat gaat Brat)antbtaö op öit De toekomstdialoog heeft naast de projecten die nu al in het programma zijn vlak doen? opgenomen nog een "bloementuin" met projectideeën opgeleverd. Verschil- ]ende initiatieven zijn de moeite waard om de komende jaren verder uit te werken. Ook wil de programmaorganisatie het denken over stedelijke net- werken en het (ruimtelijk) ontwerpen aan BrabantStad stimuleren door bij- voorbeeld essaywedstrijden en ontwerpateliers te organiseren. Concreet staan voor 2004105 op stapel: 0 Verkenning wervend internationaal ondernemersklimaat. 0 Verkenning mogelijkheden voor verbreding digitaal zorgloket Til- 1 burg naar andere Brabantse steden. Verkenning mogelijkheden B5-samenwerking bij realisering breedbandinfrastructuur. Verkenning B5-samenwerking bij het conserveren van industrieel erfgoed. Ontwerpen aan (nieuwe) knooppunten OV-netwerk 1 verstedelij- king met internationale allure. B5-tafel Stuurgroep, diverse B5-overleggen Flankerende actie 10 Monitoring 1 almanak Wat gaat BrabantStad op dit 1 BrabantStad is voornemens om elke twee jaar een rapportage ("almanak") vlak doen? uit te brengen met de belangrijkste cijfers en kengetallen over BrabantStad. Uiteraard richt deze monitor zich op de doelstellingen en maatregelen die B5 i en Provincie zichzelf als stedelijk netwerk gesteld hebben. B5-tafel Stuurgroep Flankerende actie 11 Programmabeheer Jaarlijks wordt een geactualis Wat gaat BrabantStad op dit eerd werkplan met programmabegroting ge- vlak doen? maakt ten behoeve van de Colleges van B&W en GS. Een jaarverslag wordt aangeboden aan de betrokken raads- en statencommissies en is ook be- doeid voor maatschappelijke partners. In 2007 wordt voorliggend programma BrabantStad geëvalueerd. B5-tafel Stuurgroep Programma BrabantStad 2004-2008 33138 Bijlage 111: overzichten van projecten en betrokken partners Breda Eindhoven Heimond 's-Hertogenbosch Tilburg Provincie SRE 1. knooppuntontwikkeling x x x x x x x 2. ruimte en veiligheid Brabantroute x x x x x x x 3. afstemmen toplocaties bedrijven x x x x x x 4. Groene mal rondom steden x x x x x x x 5. Het Groene Woud x x x x 6. Brabant Medical School x x x 7. Groene campus x 8. BrabantStad-festival x x x x x x 9. Musea 1 topaccommodaties x x x x x 10.Economische promotie x x x x x x x 1 1. HST-shutties x 12. Eindhoven-Airport x 1 x x 13. BOSE x x x 14. OV-netwerk BrabantStad x x x x x x x 15. Regionale weginfra 1 tangenten x x x x 16. Brabantse kanalen x x x x x x Programma BrabantStad 2004-2008 34/38 BIJLAGE IV: Kengetallen BabantStadl Mensen Aantal inwoners: Breda Eindhoven Heimond 's-Hertogenbosch Tilburg Agglomeraties 1 verzorgingsgebied 164.456 206.111 82.871 -1132.493 1198.060 1.400.000 (cijfers 2003; totaal aantal inwoners Noord-Brabant = 2,4 miljoen; totaal aantal inwoners Nederland 16,2 miljoen). Beroepsbevolking: Breda Eindhoveri Helmond 's-Hertogenbosch Tilburg 75.200 97.500 38.200 63.600 91.800 (in 2002; totale beroepsbevolking Noord-Brabant = 1,1 miljoen mensen; totale beroepsbevolking Nederland 7,4 miljoen men- sen; werkeloosheid in de stedelijke regio's 2,1% tegen 2,3% gemiddeld in Nederland) Ruimte Oppervlakte stedelijk gebied: Breda Eindhoven Heimond 's-Hertogenbosch Tilburg 12.900 8.804 5.457 9.127 11.850 (in vierkante kilometers; totale oppervlakte Noord-Brabant 5.028 km2; totale oppervlakte Nederland 41.528 km2). Oppervlakte groene ruimte: Nationaal Groen-om-de-stad Landschap Eindhoven-Heimond Breda-Tilburg 's-Hertogenbosch Oss - Waalwijk 13.900 6.580 (20%) 4.770 (14%) 1.610 (8%) (in hectaren ecologische hoofdstructuur; tussen haakjes het percentage bos- en natuurgebied per stedelijke regio; gemiddelde voor Brabant is 25,7%, voor heel Nederland 11,7%) Belangrijkste uitbreidingen en nieuwe kantoorlocaties komende vijf jaar: Breda Eindhoven Heimonld ::1:1['s-Hertogenbosch Tilburg 40.900 93.500 25.000 77.000 99.000 (in vierkante meters kantoorlocaties, cijfers uit 2002). Oppervlakte bedrijfsterreinen inclusief uitbreidingen en nieuwe locaties komende vijf jaar: Breda 1 Eindhoven 1 Heimond ='S-Hertogenbosch 1 Tilburg 1689 1788 1620 1502 1984 (in vierkante meters bedrijventerreinen, cijfers uit 2002). Belangrijkste bron: "Facts and figures Noord-Brabant" van de Brabantse Ontwikkelingsmaatschappij, onder meer gebaseerd op data van CBS, het CPB en ETIN-consultants. Daarnaast gegevens uit de Provinciale Almanak 2004, Verkenning OV-netwerk BrabantStad, Verkeersmodel en Geografisch Informatie Systeem Provincie Noord-Brabant. Progranuna BrabantStad 2004-2008 35/38 Economie Algemeen Noord-Brabant Nederland Bruto Regionaal Product 59,2 (14,5%) 409,1 Export 24,5 (18,3%) 133,9 Buitenlandse Investeringen 1,1 (22,4%) 4,9 (1993 -2001) Investeringen in research & 1,8 (23%) 7,8 development (in miljard euro's, cijfers uit 2002); Economische structuur: Breda Eindhoven Heimond 's-Hertogenbosch Tilburg Industrie 12,2% 19,3% 28,8% 11,4% 18,6% Bouw 5,9% 6,0% 5,7% 6,8% 4,4% Handel 1 horeca 23,8% 18,7% 21,0% 23,1% 20,4% Dienstverlening 54,7% 56,4% 43,1% 58,1% 55,7% Overige 1,6% 0,3% 1,4% 0,5% 1,0% Aantal arbeids- 92.300 137.400 35.300 94.300 96.400 plaatsen (cijfers uit 2002; totaal aantal arbeidsplaatsen in Noord-Brabant = 1,2 miljoen; totaal aantal arbeidsplaatsen in Nederland is 7,6 miljoen; in de vijf grote steden zijn samen ruim 40.000 bedrijven gevestigd, dat is ca. 30% van de bedrijvigheid in Noord- Brabant). Studenten universiteiten 1 hogescholen: Breda Eindhoven s-Hertogenbosch Tilburg Heimond Universiteiten 6.864 10.561 Hogescholen 15.700 16.300 1600 1 8.000 12.300 (cijfers uit 2002; in Tilburg en Eindhoven zijn universiteiten gevestigd; de vijf Brabantse steden tellen samen 10 hogescholen). Programma BrabantStad 2004-2008 36/38 Bereikbaarheid Afstanden tussen de steden: Breda Eindhoven Heimond s-Hertogenbosch Tilburg Breda - 67 95 62 35 Eindhoven 67 - 15 38 36 Heimond 95 15 - 66 64 's-Hertogenbosch 62 138 66 30 Tilburg 35 36 64 (kilometers) Doorstroming op de hoofdverbindingsassen: Ochtendspits Avondspits A2 's-Hertogenbosch- Eindho- 85 - 73 76 - 60 ven vv. A16 Dordrecht-Bredavv. 82 - 73 49 - 91 A58 Eindhoven-Tilburgvv. 1102-79 93 - 77 A58 Tilburg - Breda vv. 1 86 - 92 94 - 100 (trajectsnelheden in kilometer per uur op het drukste uur van de spits in 2001) Groei van het aantal verplaatsingen: binnen BrabantStad vanuit BrabantStad totaal Noord-Brabant 1998 1,51 1,14 3,40 Verwacht in 2020 2,14 (+ 42%) 1,49 (+30%) 4,73 (+38%) (miljoen verplaatsingen per etmaal). Modal split verplaatsingen in BrabantStad: stadscentra agglomeraties stedelijke regio Auto 51% 71% 84% Openbaar vervoer 18% 10% 6% Fiets 31% 19% 9% (cijfers uit 1998) Progranuna BrabantStad 2004-2008 37/38 BIJLAGE V: Publicaties die BrabantStad tot dusver heeft uitgebracht ¿ Netwerken op niveau, samenwerken en specialiseren binnen BrabantStad (INO-Inro, mei 2001) ¿ BrabantStad, het beste van twee werelden (Saris / De Stad, 2001) ¿ BrabantStad-spoor- een lightrailoptie? (verslag van rondetafelconferentie, juni 200 1) ¿ Programma BrabantStad 2002-2003 ¿ Jaarverslag BrabantStad 2002 ("Meer samen, samen meer") en Werkplan 2003 ¿ Internationale kennisbenchmark BrabantStad (Stec-groep in opdracht van de Brabantse Ont- wikkelingsmaatschappij, april 2003) ¿ Rapportage Commissie Van Rooy: "BrabantStad, een intelligente manier van leven" (Saris De Stad, april 2003). ¿ Toekomstdialoog: essays over BrabantStad (met bijdragen van onder meer de hoogleraren Boekema, Bijsterveld, Ester, De Ridder en Tops, mei 2003). ¿ Verkenning "Topvoorzieningen BrabantStad: tombola of diepte-invester'mg?" (Van Vugt Gemeente Tilburg, juni 2003). ¿ Verslag van een werkconferentie met raads- en statenleden op 14 oldober 2004 ("BrabantStad, dynamo van vernieuwing") ¿ Verkenning OV-netwerk BrabantStad ("Samen investeren", januari 2004) ¿ Jaarverslag BrabantStad 2003 en Werkplan 2004 (in voorbereiding) Progranima BrabantStad 2004-2008 38138 |