Raadsnotulen

Documentdatum 07-12-1999
Bestuursorgaan Gemeenteraad
Documentsoort Raadsnotulen
Samenvatting

NOTULEN

VIJFTIENDE vergadering van de raad der gemeente Helmond, gehouden op dinsdag 7 december

1999 des avonds om zeven uur.

Bij aanvang der vergadering zijn aanwezig de leden: H.F.J. Bekkers, C.J. Bethlehem,

J.F.C. Damen, rs. W.M.H. Dams, drs. S. Ferwerda, J.L. Henraat, drs. E.R.M. Hesen, R.A.C.

van Heugten, mevrouw M.M. Jonkers-Goedhart, mevrouw J.S.A.M. Jurrius-Hakvoort, G.T.H.

Klaus, W. Klerkx, J.H.J. Kuijpers, J.F.J. Kuypers, mevrouw M.J. Lintermans, mevrouw A.

Meinardi, S. Mokadim, T.J. van Mullekom, M. Naoum, drs. G.B. Praasterink, drs. S.H. Prinsen,

W.C.M. Raaymakers, J.L.C. van Rest, M.P.J. Rieter, J.N.M. van Rooij, L.M.M. Smits, P.G.M.

Tielemans, T.J.W. van de Ven, J.G.M. Verbakel, A.F.H. Wijnen, J.P. Witteveen, S.H. Yeyden

en R.A.L. van der Zanden.

Later ter vergadering komen de leden: mevrouw B.M. Houthooft-Stockx en J.H.J.M.

Roefs.

VOORZITTER: mr. W.J.B.M. van Elk, burgemeester.

SECRETARIS: mr. A.C.J.M. de Kroon.

De VOORZITTER opent de vergadering.

Hierna spreekt hij de volgende woorden, die door de aanwezigen staande worden aange-

hoord.

Dames en heren! Op 20 november jl. is op 74-jarige leeftijd overleden de heer Jan van de

Meulenhof. In de periode van 1966 tot 1986 heeft hij als vertegenwoordiger van de CPN en

laatstelijk van de VCN in uw raad zitting gehad. Juist dat laatste toonde aan dat hij als volksverte-

genwoordiger kon rekenen op een trouwe kiezerschare, die hem waardeerde voor zijn werk als

volksvertegenwoordiger. Hij zag dat ook als zijn roeping. In zijn werk als raadslid kwam hij op

voor de gewone Helmondse mens. Daarbij had hij oog voor de democratische spelregels in en

buiten de raad.

Een aantal maanden geleden bezocht hij voor het laatst het Kasteel-Raadhuis. Het leek - en

dat was het de facto ook - een afscheidsbezoek aan de gemeente. In alle rust maakte hij toen nog in

de bodekamer een praatje met allen die hem kenden. Door zijn werk als volksvertegenwoordiger

gedurende zoveel jaren voelde hij zich nauw met de gemeente Helmond verbonden. Merkbaar was

dat hij zeer gewaardeerd werd.

Namens u allen wens ik zijn echtgenote, kinderen en kleinkinderen veel sterkte toe om het

verdriet om zijn dood te kunnen dragen. Wij zullen de nagedachtenis van dit markante raadslid in

blijvende, hoogachtende herinnering bewaren. Moge hij rusten in vrede.

(Nadat de aanwezigen enige ogenblikken van stilte

in acht hebben genomen, nemen zij hun zetels we-

derom in.)

Dames en heren! Ik deel u mede dat mevrouw Houthooft heeft laten weten later ter vergade-

ring te zullen komen.

Gezien de publieke belangstelling, die voornamelijk uitgaat naar agendapunt 14, stel ik voor

dat wij dit punt zo dadelijk aan de orde stellen. Ik constateer dat de raad zich in dit voorstel kan

-2- 7 december 1999.

vinden.

1. Aanwijzing van een lid als bedoeld in artikel 16 van het Reglement van orde 1997.

De VOORZITTER trekt nummer 4, zodat eventuele hoofdelijke stemmingen zullen aanvan-

gen bij het lid Henraat.

2. Vaststelling van de notulen van de openbare vergadering van 5 oktober 1999.

Deze notulen worden zonder stemming ongewijzigd vastgesteld.

Hierna stelt de VOORZITTER aan de orde agendapunt 14:

Voorstel tot vaststelling van het programma, bedrag en overzicht huisvesting onderwijs 2000 (bij-

lage nr. 280).

Het lid WIJNEN (SDH): Voorzitter! Het jaar 1999 is voor het onderwijsveld nogal rumoe-

rig geweest. De laatste tijd is er veel over en weer gepraat. Men had geen vertrouwen meer in de

gemeente. Men had het idee dat men niet meer voor vol werd aangezien. Gelukkig zijn op tijd de

rijen gesloten. Men is gekomen tot een projectgroep, een commissie, die het integraal beleidsplan

onderwijshuisvesting (IBO) - waar het allemaal om ging - in goede banen gaat leiden. Dat plan zal

medio volgend jaar gepresenteerd worden. Een en ander hield ook in dat wij vanavond alsnog het

plan voor 2000 moeten vaststellen. In de commissie heb ik twee zaken aangeroerd, die ik vanavond

eveneens wil aanroeren, omdat onze fractie van mening is dat het om twee ernstige zaken gaat.

Ten eerste willen wij ingaan op de onderwijshuisvestingssituatie in Brouwhuis. In de

commissievergadering van mei jl. is over deze zaak gesproken. Die avond was aan de orde het

openbaar onderwijs in Dierdonk, waarvoor de verordening gewijzigd moest worden. Tegelijkertijd

werd de zaak van De Korenaar aangekaart, omdat de nood in Brouwhuis enorm hoog is. De

commissie was unaniem (of bijna unaniem) van oordeel dat het inderdaad om een noodsituatie ging

en dat er snel iets aan gedaan moest worden. De wethouder werd opgedragen om dit mee te nemen.

Ook hij was van mening dat dit punt voor 2000 hoog op de agenda van het plan zou moeten komen

te staan.

Wie schetst onze verbazing toen wij in de afgelopen commissievergadering merkten dat in

het plan voor 2000 staat dat de school de tekorten maar moet invullen in Rijpelberg. Het ging er

eerder juist om dat dit niet moest, omdat gezinnen daardoor uit elkaar werden gehaald. De SDH-

fractie neemt geen genoegen met het in het plan gestelde, gezien de ernst van de zaak. Wij hebben

in het voorjaar suggesties gedaan in de richting van de school in Brouwhuis. Iedereen ging tevre-

den weg, omdat de commissie unaniem van mening was dat er iets moest gebeuren. Vorige week

was het verhaal anders. Toen bleek dat er maar twee, hoogstens drie fracties waren die dit nog

steeds vonden. Om deze zaak serieus aan de kaak te stellen, dienen wij thans het volgende amen-

dement in, dat is ondertekend door de heren Henraat, Tielemans en mijzelf. Het luidt als volgt:

'Amendement 1.

De gemeenteraad van Helmond, in vergaderin bijeen op 7 december 1999,

@ 9

gezien het voorstel van het college van B&W m.b.t. agendapunt 14, raadsbijlage 280,

gelet op de een- en andermaal in de commissie OCS uitgesproken zorg over de onder-

wijshuisvesting in Brouwhuis, meer in het bijzonder de huisvestingsnood van BS De

Korenaar, en de wens om in afwijking van de Verordening Onderwijshuisvesting deze

nood binnen Brouwhuis te lenigen,

Besluit:

het probleem van de ondercapaciteit van BS De Korenaar (behoefte 1 1 gr./capaciteit 9

gr.; teldatum nieuwe schoolseizoen) op zo kort mogelijke termijn op te lossen binnen

Brouwhuis en dienovereenkomstig de Verordening Onderwijshuisvesting te wijzigen

en de hiervoor benodigde middelen ten laste te brengen van het Fonds Structuur-

versterkende Maatregelen."

(Het lid Roefs komt, te 19.12 uur, ter vergadering.)

Als tweede willen wij ingaan op het achterstallig onderhoud. In eerste instantie bleek dat er

-3- 7 december 1999.

maar weinig achterstallig onderhoud was, gezien de vele keren dat er "geen noodzaak" achter een

aanvraag stond in het programma. De scholen hebben daarop alle gevraagd om een nieuwe schou-

wing. Daarop bleek dat er achterstallig onderhoud is voor een bedrag van ruim f 3,7 miljoen. Na

veel gezoek is er gelukkig een bedrag gevonden van f 1,7 miljoen. Dat is echter lang niet genoeg

om al het achterstallig onderhoud weg te werken. Er zijn maar liefst 51 gevallen gemeld. Door het

gevonden bedrag van f 1,7 miljoen kunnen wij 8,5 gevallen helpen, waardoor er bijna 43 gevallen

op de plank blijven liggen. Dat heeft als gevolg dat er volgend jaar weer 51 gevallen van achter-

stallig onderhoud gemeld zullen worden. Het bedrag wat daarmee gemoeid zal zijn, zal dan wel-

licht groter zijn, want het gaat om gevallen van daklekkages en verstopte waterafvoeren. Dit soort

zaken geven ergernis en zullen ervoor zorgen dat de post achterstallig onderhoud nog veel groter

zal worden. De SDH-fractie vindt dat er hier iets meer gedaan moet worden, gezien de ernstige

situatie die zich in Helmond voordoet voor wat betreft het buitenonderhoud van de scholen. Over

deze zaak dienen wij thans een amendement in, dat is ondertekend door de heren Henraat, Tiele-

mans en mijzelf. Het luidt als volgt:

"Amendement 2.

De gemeenteraad van Helmond, in vergadering bijeen op 7 december 1999,

gezien het voorstel van het college van B&W m.b.t. agendapunt 14, raadsbijlage 280,

gelet op de aanzienlijke tekorten voor het buitenonderhoud van schoolgebouwen; te-

genover een onderhoudsprioriteitenraming van afgerond f 3,8 miljoen staat voor 2000

een beschikbaar budget van f 1,5 miljoen excl. een post onvoorzien van 2,5 ton;

gelet voorts op de aanzienlijke tekorten voor de overige voorzieningen; tegenover een

financieringsbehoefte van ca. 3,5 ton staat een beschikbare dekking van ruim

f 1 10.000,-- en wordt aanvullende dekking gezocht in het budget klassenverkleining

2000 van ca. f 240.000,--;

gelet tevens op het feit dat structureel beleid terzake nog ontwikkeld en vastgesteld

moet worden in het kader van het Inte raal Beleidsplan Onderwijshuisvesting;

9

Besluit:

om bovenop de al beschikbaar gestelde middelen voor het buitenonderhoud van

schoolgebouwen voor het jaar 2000 aanvullende middelen uit te trekken voor onuit-

stelbare en onontkoombare onderhoudsuitgaven en deze ten laste te brengen van het

Fonds Structuurversterkende Maatregelen."

Het lid KUYPERS (Ondernemend Helmond): Mijnheer de voorzitter! Het voor ons liggende

voorstel met als onderwerp "onderwijshuisvestingsprogramma, bedrag en overzicht 2000" is een

voortvloeisel uit de in 1997 gewijzigde Wet op het basisonderwijs, Interimwet op het speciaal en

voortgezet speciaal onderwijs en Wet op het voortgezet onderwijs. Een van de verplichtingen in het

kader van de decentralisatie is de vaststelling van een verordening onderwijshuisvesting. Deze

verordening is na overleg met de schoolbesturen op 1 januari 1997 in werking getreden en intussen

drie maal aangepast als gevolg van wetswijzigingen en lokaal maatwerk. Deze wijzigingen zijn pas

in werking getreden na het indienen van de aanvragen voor het programma 2000. In de tussentijd is

gepoogd om in overleg met het SHOP in het kader van het integraal beleidsplan onderwijshuisves-

ting tot een gezamenlijke invulling te komen. Dit is tot op heden helaas nog niet gelukt. Beide

partijen hebben echter nu de hoop uitgesproken dat ze er gezamenlijk wel uitkomen.

Het onderhoudsbudget voor 2000 biedt onvoldoende ruimte om alle potentiële toekenningen

voor bekostiging in aanmerking te brengen. De totale kosten worden geraamd op ruim f 3,7

miljoen. Het beschikbare budget voor 2000 bedraagt ruim f 1,7 miljoen. Er is dan ook een tekort

van zo'n f 2 miljoen. In verband met onvoorziene werkzaamheden moet er een bedrag van

f 250.000,-- gereserveerd worden. Op basis van de toepassing van de urgentiecriteria wordt de

prioriteit bepaald. Dit zal geen voldoende uitkomst bieden. Naar onze mening is dit na het eventu-

eel instellen van een integraal onderhoudprogramma samen met het SHOP ook nog niet mogelijk.

Het niet voldoende plegen van het noodzakelijke onderhoud zal tot gevolg hebben dat er in een

later stadium veel meer kosten gemaakt moeten worden.

In het begin van het jaar is in de commissie OCS - overigens in aanwezigheid van vele

toeschouwers (met of zonder spandoek) - door de wethouder de toezegging gedaan dat prioriteit zal

worden gegeven aan de oplossing van de huisvestingsproblemen bij basisschool De Korenaar in

Brouwhuis om te voorkomen dat kinderen uit een gezin naar twee verschillende scholen moeten

worden gebracht. De oplossing voor dit probleem zien wij niet terug in het ontwerphuisvestings-

programma. Ondernemend Helmond vraagt zich af wat aan het probleem wordt gedaan.

-4- 7 december 1999.

Wij willen nog een keer ingaan op de financiële paragraaf in het programma. De knelpun-

tenpot willen wij graag een keer in de raad bespreken.

Overigens gaan wij akkoord met het voorstel.

Het lid RIETER (Helmondse Belangen): Voorzitter! Het voorliggende voorstel is voor

Helmondse Belangen geen gemakkelijk dossier, hoewel onderwijs een dossier is dat ons zeer na aan

het hart ligt. Dat mocht al eerder blijken uit onze bijdrage aan de begroting 1999. Toen stonden wij

nagenoeg alleen. Gelukkig was er bij de voorjaarsnota een raadsmeerderheid voor wat betreft het

onderwijskansenbeleid. Mochten wij er vanavond voor wat betreft onderhoud en huisvesting niet

uitkomen, dan kan het onderwijsveld uit de recente, historische ontwikkelingen wellicht hoop

putten. Maar misschien komen wij er vanavond wel uit.

Aan onderhoud moet zo'n f 3,7 miljoen besteed worden, maar er zit maar ruim f 1,5

miljoen in de knip. Dat betekent dat er f 2,2 miljoen te weinig is. Voor Helmondse Belangen is

onderwijs een basisvoorziening. Sterker nog: dé basisvoorziening. In principe zouden wij dan ook,

omdat het gat van f 2,2 miljoen blijft, tegen het collegevoorstel moeten stemmen. Desondanks

stemmen wij in principe vóór het voorstel onder bepaalde voorwaarden. Wij' zijn van mening dat

zowel het in te stellen fonds structuurversterkende maatregelen (f 3,5 miljoen) als de gelden met

betrekking tot de door Helmondse Belangen tijdens de begrotingsbehandeling 2000 niet nodig

geachte ophoging budget onderhoud wegen/asfaltering als ook de recent aan het licht gekomen

besteding van de post onvoorzien ten behoeve van Boscotondo nadrukkelijk middelen opleveren om

dit gat te dichten.

Onze fractie was van mening dat het verzoek van De Korenaar terecht was, maar was tevens

van mening dat honorering precedentwerking zou hebben. Ik zeg "was", want de brief van het

Overlegplatform Helmondse Schoolbesturen van 30 november jl. biedt o.i. handvatten om daar

onderuit te komen. In de brief staat:

"Afgezien van de gedane belofte vinden wij dat uw raad op basis van de verordening

met betrekking tot Brouwhuis kan bepalen dat meer dan twee locaties voor een school

niet acceptabel is, zodat van precedentwerking geen sprake kan zijn."

Het lid VAN REST (CDA): Voorzitter! Door in te stemmen met het voorliggende voorstel

verwachten wij dat een enerverende periode, die gekenmerkt werd door onrust en onvrede, wordt

afgesloten. Wij vinden het van groot belang dat door wederzijdse inspanningen het onderwijsveld

en de gemeente weer "on speaking terms" zijn en het wederzijdse vertrouwen, nodig om aan de

slag te kunnen, hersteld is. Het is eveneens van groot belang dat het onderwijsveld de krachten

bundelt, de eensgezindheid bewaakt en optreedt als gesprekspartner van het college, projectmatig

aan de slag gaat en ook zelf prioriteiten aangeeft. Hier liggen o.i. mogelijkheden voor doordecen-

tralisatie, waarnaar in het commissieadvies wordt verwezen. Het mag duidelijk zijn dat wij met

grote belangstelling de verdere ontwikkelingen tegemoet zien.

In de commissie zijn wij na ontvangen voorinformatie akkoord gegaan met het voorstel,

inclusief het voorstel om extra middelen uit reserves beschikbaar te stellen, en met de gepresen-

teerde meerjarenplanning voor onderhoud. Wel duidelijk is dat wij er met de vaststelling van dit

voorstel nog niet zijn. Er moet nog veel onderhoud gepleegd worden, in totaal voor f 3,7 miljoen,

terwijl een bedrag van f 1,7 miljoen beschikbaar is. Daarnaast zagen wij dat in het kader van het

IBO tot en met het jaar 2005 voor f 17,5 miljoen aan investeringen nodig zal zijn.

Bij de begrotingsbehandeling is het besluit genomen om met financiële meevallers een

zogenaamde knelpuntenpot op te bouwen en daarmee onder meer knelpunten in de onderwijshuis-

vesting te bestrijden. Wij verzoeken het college een substantieel deel van de knelpuntenpot voor

onderwijshuisvesting (zowel onderhoud als nieuwbouw) in te zetten. De collegevoorstellen dien-

aangaande zien wij met grote belangstelling tegemoet.

Het initiatief van het onderwijsveld tot bundeling van krachten was voor ons een wezenlijk

gegeven met betrekking tot de beoordeling van het verzoek van de Stichting Katholiek Basisonder-

wijs Brouwhuis om in afwijking van het collegevoorstel noodlokalen bij De Korenaar te plaatsen.

Het CDA vond - hoewel het meermalen blijk heeft gegeven van zijn grote zorg voor de onderwijs-

huisvesting en de aandacht voor kinderen vanuit het onderwijs - dat dit initiatief niet de stellige

commissieadviezen voor de voeten moest lopen. Wij hebben gesteld dat een en ander zou moeten

passen in het beleid dat momenteel in ontwikkeling is.

Daarnaast is er het gegeven dat bij afwijking van de vigerende verordening ook een aantal

andere scholen recht zouden hebben op honorering van hun claim op voorzieningen (precedent-

werking).

7 december 1999.

Wij begrijpen dat vooruitlopend op het IBO inmiddels vanuit het veld handreikingen worden

gedaan om het huisvestingsknelpunt in Brouwhuis tot een oplossing te brengen. De brief van 30

november van het overlegplatform duidt daarop. Hoewel een en ander nog niet formeel vorm heeft

gekregen, versterkt dit ons vertrouwen erin dat in goed overleg en met afzien van eigen claims in

Helmond tot uitvoerbare en aanvaardbare oplossingen is te komen.

Het lid BEKKERS (PvdA): Mijnheer de voorzitter! De PvdA-fractie is er blij mee dat het

IBO niet is afgeschoten door het SHOP en aangepast terug zal komen in commissie en raad. Een

meerjarenplanning is zeer aan te bevelen. Vanuit deze achtergrond staat vanavond het programma

onderwijshuisvesting 2000 op de agenda. De PvdA gaat akkoord met de gemaakte keuzes. Echter

de kwestie Brouwhuis blijft ons achtervolgen. De brief van het SHOP benadrukt deze problematiek

nog eens. Men doet namens alle deelnemers een beroep op ons om Brouwhuis tegemoet te komen.

Maar zien alle deelnemers van het SHOP nu ook af van nadere claims? Om juridische en financiële

redenen kunnen wij nu nog niet instemmen met een aparte behandeling van Brouwhuis. Mogelijk

wordt dit in de loop van 2000 wel mogelijk. Nu is dit onverantwoord. De financiële gevolgen zijn

niet te overzien. Als een nieuwe situatie ontstaat, staan wij uiteraard welwillend tegenover het

verzoek van de school in Brouwhuis.

Het lid RAAYMAKERS (GroenLinks): Voorzitter! In de commissiebehandeling zaten de

SDH en GroenLinks precies op dezelfde lijn. Dat is ook vanavond zo.

Ik wil met een negatieve opmerking beginnen. Er is te weinig geld beschikbaar om de

noodzakelijke voorzieningen op het gebied van onderwijshuisvesting te treffen. Het is niet voor

niets dat tijdens de begrotingsbehandeling vele amendementen zijn ingediend (ook door ons)

teneinde meer geld voor onderwijshuisvesting beschikbaar te krijgen.

Het is positief dat het college al heeft toegezegd dat vanuit het fonds structuurversterkende

maatregelen extra geld bestemd wordt voor het inhalen van de achterstand op het gebied van de

onderwijshuisvesting.

Verder is het positief dat de schoolbesturen elkaar hebben gevonden en zich heel goed

hebben georganiseerd. In collegiaal verband gaan ze samen met het college werken aan het onder-

wijshuisvestingsbeleid. Dit samenwerkingsverband doet veel verwachten voor de toekomst.

Iedereen is in blijde verwachting van het IBO-3, waarover al veel is gezegd. Wij hopen dat

wij echt consensus kunnen bereiken over het meerjarenbeleid. Helaas moeten wij het nu doen met

het programma 2000 als een soort noodverband, wellicht voor de allerlaatste keer.

Het onderhoudsbudget is volstrekt ontoereikend om de grootste nood nu te lenigen. Wij

steunen het amendement terzake van de SDH. Er is echter nog geen bedrag in het amendement

genoemd. Het zou goed zijn als de voorzieningen die getroffen moeten worden om erger en duur-

der onderhoud te voorkomen, in het jaar 2000 getroffen kunnen worden.

Het is een goede zaak dat wij de doordecentralisatie serieus ter hand gaan nemen, omdat dit

er gegarandeerd toe leidt dat met het geld meer kan worden gedaan.

Tijdens de commissievergadering heb ik een pleidooi gehouden voor het vooruitschuiven

van een oplossing voor Brouwhuis. Wethouder Bethlehem merkte toen op dat dit een precedent-

werking zou hebben. Dit argument is door mij met kanttekeningen weerlegd. Het doet mij genoe-

gen dat het bestuur van het overlegplatform nu aan college en raad heeft geschreven te kunnen

instemmen met het oplossen van het probleem-Brouwhuis, zonder dat dit consequenties heeft in de

sfeer van precedentwerking voor de scholen die toen door wethouder Bethlehem zijn genoemd,

behalve de openbare scholen De Lindt en De Rakt. Wij doen een beroep op hen om aan te sluiten

in het rijtje van de andere scholen, om daarmee steun te geven aan de uitbreiding van de school in

Brouwhuis. Ten aanzien van deze uitbreiding zijn overigens verwachtingen gewekt door de wet-

houder,en zijn toezeggingen gedaan. De motivatie om deze nu bij nader inzien in te trekken, lijkt

wat op gegoochel.

Wij steunen amendement 1. Wij willen dat er twee noodlokalen aan de school in Brouwhuis

worden gegeven, een stadsdeel waar zich eveneens schoolwoningen bevinden. Er is de nodige

flexibiliteit aanwezig, doordat deze panden in de toekomst terug genomen kunnen worden als

woning. Er is geen risico van een teveel aan lokalen. Ik denk dat er in het kader van het IBO-3 een

goed voorstel zal komen om ook op de langere termijn de onderwijshuisvesting in Brouwhuis te

waarborgen.

Het lid mevrouw LINTERMANS (SP): Voorzitter! De problemen inzake de huisvesting van

het onderwijs hebben het afgelopen jaar tot een escalatie geleid. Vanuit het onderwijs is flink aan

-6- 7 december 1999.

de bel getrokken en dit is begrijpelijk. Alle commotie heeft wel tot enige beweging geleid bij de

gemeente, maar de problemen zijn nog lang niet opgelost. Het staat ook gewoon in de raadsbijlage:

er wordt veel te weinig geld vrijgemaakt.

Er wordt nu weliswaar beter overleg gevoerd met de scholen, maar wij moeten nog zien

waar dit toe leidt, want de kern van de zaak is dat er een structurele bijstelling nodig is van het

beleid, die ertoe leidt dat er structureel meer geld voor het onderwijs wordt vrijgemaakt. Het zou

zo moeten gaan als ten aanzien van Boscotondo gebeurt. Als zich daar een overschrijding voordoet

van bijna f 2,5 miljoen, kan daar moeiteloos in worden voorzien. Dan is het niet nodig dat boze

actievoerders aan de bel trekken. Hoe anders gaat het met het onderwijs. Is dat eigenlijk niet een

merkwaardige gang van zaken?

Het behoeft geen betoog dat het voorstel voor het komende jaar, dat nu op de agenda staat,

tekortschiet. Of wij als oppositiepartij voor of tegen stemmen, zal daar niet veel aan afdoen. Of er

iets verandert, hangt er vooral van af of er de politieke bereidheid is om het onderwijsbeleid de

veel hogere prioriteit te geven die het verdient.

Met betrekking tot het onderwijs in Brouwhuis zijn er al voldoende vragen gesteld. Ik wacht

de reactie van de wethouder af op die vragen en op de brief van het Overlegplatform Helmondse

Schoolbesturen.

Het lid VAN MULLEKOM (HSP): Voorzitter! Onderwijshuisvesting zou moeten worden

art kunnen achterlaten. Kinderen uit

geregeld in de wijk, waar ouders de kinderen met een gerust h

één gezin mogen niet geplaatst worden in én Brouwhuis én Rijpelberg. Goede hoop hadden wij na

de commissievergadering in het voorjaar, waar het betrokken onderwerp is besproken. Nu blijkt

dat wij toch weer het bos ingestuurd dreigen te worden. Dit is voor de Helmondse Seniorenpartij

onaanvaardbaar.

Als wij het onderhoud van de scholen projecteren op ons eigen onderkomen, dan is de vraag

te stellen of wij zeer noodzakelijk onderhoud laten zitten of dat wij er wat aan doen. Ook aan

achterstallig onderhoud in schoolhuisvesting moet wat gedaan worden. Hoofden van scholen, de

onderwijzers en onderwijzeressen: ze worden er stapelgek van. Dit heeft naar onze mening zijn

terugslag op het onderwijs dat aan de leerlingen wordt gegeven. Hoofden van scholen en hun

onderwijzend personeel kunnen dit er niet meer bij hebben.

Vooruitlopend op agendapunt 21 inzake de passantenhaven, merken wij op dat de thans aan

de orde zijnde kwestie van een veel groter belang is. Het heeft ons aller zorg. Een oplossing is

hoogst noodzakelijk en geboden.

Het lid BETHLEHEM (wethouder): Voorzitter! Ik wil allereerst iets rechtzetten. Er is in

Boscotondo geen overschrijding van f 2,5 miljoen. Degenen die bij het overleg hierover zijn

geweest, kunnen bevestigen dat wij ruim binnen de begroting zijn gebleven. Het verhaal stond

helaas in de krant. Daar kan ik niets aan doen.

Ik dank de raad voor het feit dat hij de onderhandelingen met de schoolbesturen toestaat om

te komen tot een IBO-3, een nieuwe versie van het onderwijshuisvestingsprogramma voor de

toekomst. Ik begrijp dat iedereen het ermee eens is dat, gezien de ervaringen in de afgelopen tijd,

wij proberen te komen tot een meerjarenonderhoudsprogramma. Mocht er zicht zijn op financiën,

dan kunnen wij mogelijk praten over doordecentralisatie.

Het onderhoud aan de scholen is achterstallig. Dat is in het verleden geconstateerd en dat is

nu geconstateerd. Nu wordt met wat verve gebracht dat er ineens een achterstand is van f 2 mil-

joen. De constatering van de huidige achterstand is echter geen nieuw feit, maar het heeft te maken

met het feit dat wij veranderd zijn van systematiek. Ik begrijp dat de raad de verandering van

systematiek overneemt. In plaats van eerst een bepaald aantal versleten kozijnen te constateren,

kunnen wij nu per kozijn reageren. Dat betekent dat op dit moment de financiële ondergrens de

weigeringsgrond wordt. In de toekomst wordt niet meer geweigerd op grond van noodzakelijkheid,

maar op grond van het nieuwe systeem met de huidige prioritering, die overigens ook nog ter

discussie staat. Dat heb ik in de commissie al uitgelegd.

De raad is unaniem geschrokken voor wat betreft de achterstand in onderhoud. De raad is

raadsbreed, gezien de uitspraak bij de begrotingsbehandeling, bereid extra middelen voor de

onderwijshuisvesting in beeld te brengen. Dat is nu gebeurd. Er is een gat van f 2 miljoen. Deze

maand komt de knelpuntenpot - het fonds structurele maatregelen - aan de orde. In het kader

daarvan kan de raad zich beraden op zijn bijdrage vanuit het fonds voor onderwijshuisvesting. Het

tweede amendement is naar mijn mening dan ook overbodig. De raad heeft allang uitgesproken wat

daarin staat. Men wist alleen niet om welk bedrag het ging. Men weet op dit moment ook nog niet

-7- 7 december 1999.

hoe groot de inhoud van het fonds is.

Het klopt dat er in een vorige commissievergadering gesuggereerd is dat de oplossing voor

de onderwijsproblematiek in Brouwhuis nabij zou zijn. Als men de brief van het Overlegplatform

Helmondse Schoolbesturen goed gelezen heeft, dan kan men zien wat de reden is dat wij op grond

van de huidige verordening richting Brouwhuis niet kunnen reageren. In een vorige commissie-

vergadering hebben wij niets anders gezegd en gesuggereerd dan dat wij zouden proberen, uit-

gaande van het feit dat het IBO eraan kwam en wij de volgende fase klassenverkleiningsmiddelen in

zouden zetten voor klassenverkleining, in deze richting een oplossing te zoeken voor Brouwhuis. In

deze situatie stond de school zelfs bovenaan. Dat staat dikgedrukt in de brief. Het overlegplatform

heeft dan ook exact aangegeven hoe de beantwoording destijds is geweest en hoe wij als commissie

gedacht hadden dat wij het probleem Brouwhuis zouden kunnen tackelen, namelijk door middel van

het vaststellen van het IBO met in het kielzog daarvan de inzet van de middelen voor klassenver-

kleining. Dat is niet gelukt. Wij zijn nu bezig te proberen een nieuw IBO-3 te maken.

De brief suggereert dat de schoolbesturen bereid zouden zijn om afstand te doen van hun

claims. Als wij huisvesting zouden toewijzen aan de school in Brouwhuis op ba-sis van deze veror-

dening, dan geeft dat automatisch recht aan andere schoolbesturen om een claim in te dienen.

Terecht maakt de heer Bekkers de opmerking dat het goed klinkt dat de schoolbesturen af willen

zien van claims. Dat is overigens ook de IBO-gedachte: schoolbesturen moeten wegen en zelfs een

stap terug doen om een school die nog nijpender problemen heeft eerst te helpen. Er is een positief

geluid vanuit de schoolbesturen, maar ik wijs erop dat er nu in principe nog geen schriftelijke

verklaring met handtekeningen ligt. Wij bekijken momenteel of het juridisch gezien wel mogelijk is

dat schoolbesturen afstand doen van huidige en toekomstige rechten, zonder dat wij straks alsnog

middelen beschikbaar moeten stellen, omdat men spijt heeft van de afspraak en met de handteke-

ning kan herroepen. De ervaring is namelijk opgedaan in de huisvestingssfeer dat men het bij de

rechtbank gedaan krijgt dat een eerder gedane toezegging niet bindend wordt bevonden, als een-

maal van een verordening is afgeweken.

De zaak van het afstand doen van claims door schoolbesturen is nog in onderzoek. Ik ben

over deze mogelijkheid nogal kritisch. Ik verwacht er niet de oplossing van. Ik adviseer de raad

dan ook vooral om vanavond het voorstel conform de huidige verordening vast te stellen en te

bekijken of het juridisch mogelijk is om het probleem op te lossen. Als dit niet het geval blijkt te

zijn, dan zal het IBO - dat er in principe op 1 april dient te zijn, maar waarvan wij in februari

weten of het dé oplossing zal zijn en of het de richting wordt waarin de schoolbesturen willen

meewerken - moeten aangeven of daarbinnen een oplossing gevonden kan worden voor Brouwhuis.

Ik vind het interessant dat de SDII-fractie in haar eerste amendement de suggestie doet dat

wij Brouwbuis moeten helpen vanuit het fonds structuurversterkende maatregelen. Dat lijkt een

beetje op de gedachte van de Combivisie-middelen, waarmee wij destijds andere scholen geholpen

hebben met huisvestingsproblemen.

Ik kan het op dit moment niet voor mijn rekening nemen om voor wat betreft Brouwhuis

enige toezegging te doen, omdat ik de ervaring heb - ook met betrekking tot de Combivisie-

middelen - dat een schoolbestuur dat niets heeft gekregen alsnog een bezwaarschrift indient en dat

dit nu leidt tot een procedure, waardoor wij uiteindelijk toch middelen moeten uitkeren.

Het lid WIJNEN (SDH): Voorzitter! Ik vind het raar dat de verantwoordelijke wethouder

alles nu heel anders gaat draaien dan een halfjaar geleden. Ik heb de notulen van de commissiever-

gadering van 20 mei bij me. Toen is er helemaal niet gesproken over de zaken waar de wethouder

het nu over heeft. De zaak zou geregeld worden, alhoewel wij daarvoor de verordening aan zouden

moeten passen. Dat was mogelijk. Dat hebben wij ook gedaan voor het openbaar onderwijs in

Dierdonk.

Ik vind het jammer dat dingen zo moeten lopen, want het probleem dat in Brouwhuis speelt,

is niet uit de lucht komen vallen. Het speelt al jaren. De school is zelfs steeds met handreikingen

gekomen, alleen maar om alles in goede banen te leiden. Het schijnt echter steeds zo te moeten zijn

dat, als puntje bij paaltje komt, zaken worden opgeschoven, bijvoorbeeld tot IBO-3 er is in april.

De school en de gemeenschap in Brouwhuis zijn daarmee niet geholpen. Wij zijn verantwoordelijk

voor de onderwijshuisvesting. De SDH-fractie blijft dan ook bij haar standpunt. Wij hebben

destijds als commissie unaniem gezegd dat de nood groot is en dat die opgelost moet worden. Daar

staan wij hier voor. Als het gaat om andere problemen, schudden wij zo de tonnen uit onze mouw.

Nu moeten er voor Brouwhuis twee noodlokalen komen als tijdelijke voorziening. Als in het IBO

anders wordt beslist, dan zien wij wel weer. Dan kunnen wij de lokalen desnoods weer terug laten

halen. De zaak moet echter opgelost worden. Wij zullen dan ook beide amendementen handhaven.

-8- 7 december 1999.

Het lid FERWERDA (D66): Voorzitter! Ik heb het antwoord van de wethouder willen

afwachten, voordat ik een mening zou geven over deze zaak.

Na het antwoord van de wethouder heb ik geen behoefte meer aan amendement 2. Over de

betrokken zaak zullen wij nog praten.

Waar het gaat om de huisvestingsproblematiek in Brouwhuis vraag ik de wethouder of hij

kan verzekeren dat er voor het volgende schooljaar een oplossing komt voor het probleem in

Brouwhuis, in welke richting dan ook.

Het lid DAMS (VVD): Voorzitter! Onderwijs is duidelijk een structuurversterkend element

in de samenleving en is daarmee zeker voor Helmond een zeer wezenlijk element. Het gaat ons dan

ook nauw aan het hart. Wij kunnen echter op dit moment amper de consequenties overzien van een

eventueel precedent. Dat is de reden dat de VVD zal wachten op het IBO en voorstellen rond het

fonds structuurversterkende maatregelen.

Het lid RIETER (Helmondse Belangen): Voorzitter! Ten aanzien van de financiën voor de

onderhoudsprioriteitenraming heeft de wethouder ons in principe voldoende geantwoord. Bij de

begrotingsbehandeling 2000 werden daarvoor voldoende middelen beschikbaar gesteld. Het amen-

dement zou daarmee overbodig zijn. Wij zullen na de tweede termijn bezien of wij het amendement

zullen steunen.

Het amendement inzake Brouwhuis is in strijd met de brief die wij hebben gehad van het

Overlegplatform Helmondse Schoolbesturen. In het amendement staat nadrukkelijk: 'in afwijking

van de Verordening Onderwijshuisvesting". Wij menen juist een handvat gezien te hebben om te

voorzien in de nood in de onderwijshuisvesting in Brouwhuis zonder af te wijken van de verorde-

ning. Wij hebben dit met de Helmondse Seniorenpartij en het CDA al in het begin van het jaar

onderschreven. Wij zijn er in principe van overtuigd dat er lokalenuitbreiding in Brouwhuis moet

kunnen plaatsvinden op basis van de onderwijshuisvestingsverordening.

Het lid KUYPERS (Ondernemend Helmond): Voorzitter! De wethouder zegt toe dat de

knelpuntenpot en de besteding ervan integraal in de raad terugkomen. Dit zou een goede oplossing

kunnen zijn voor het achterstallig onderhoud op het gebied van de onderwijshuisvesting.

In de commissievergadering is gezegd dat de prioriteit voor de onderwijshuisvesting in

Brouwhuis koste wat koste gehonoreerd moest worden. Als de oplossing er zou zijn, waarom

zouden wij er dan geen gebruik van maken?

Het lid VAN REST (CDA): Voorzitter! Het CDA staat sympathiek ten opzichte van de

opvattingen van de SDH, maar kan die niet steunen. Het CDA heeft in deze periode en ook al in de

vorige periode met kracht aangegeven welke belangen er gemoeid zijn met het onderwijs in Brouw-

huis. Wij hebben nu voldoende informatie ontvangen om tot de conclusie te komen dat wij het

collegevoorstel moeten volgen. Wij kunnen derhalve de amendementen van de SDH niet steunen,

zowel voor wat betreft Brouwhuis als ten aanzien van de financiering. Van nabij hebben wij

meegemaakt waartoe dit kan leiden met het oog op precedentwerking. De wethouder heeft ons

daarover geïnformeerd.

Het is van uitermate groot belang dat het IBO snel van de grond komt. Dat is het fundament

waarop de toewijzingen en voorzieningen geregeld kunnen worden.

Het lid RAAYMAKERS (GroenLinks): Voorzitter! Als het zo is dat het college op 23

december a.s. in de commissie financiën een voorstel presenteert dat inhoudt dat een substantieel

deel van het fonds structuurversterkende maatregelen wordt besteed aan achterstallig onderhoud,

dan is het amendement overbodig. Wij weten nu nog niet om welk substantieel bedrag het precies

gaat. Daar wordt echter in amendement 2 ook niet concreet om gevraagd.

Waar het om gaat, is dat in augustus 2000 de kinderen in Brouwhuis die nu op de wachtlijst

voor de school staan (dat is een behoorlijk aantal) naar school kunnen in Brouwhuis. Zoals het er

nu naar uitziet, zijn daar twee lokalen voor nodig. Wij vinden dat in ieder geval vanavond de

garantie gegeven moet worden dat die lokalen er in augustus staan. Wij zitten echter met het

probleem dat er overleg gaat plaatsvinden over het IBO, waarbij over de planning voor Brouwhuis

wordt gesproken. Wij weten nu niet wat de uitkomst daarvan is. Is de uitkomst in het voorjaar

zodanig dat deze een oplossing biedt op de kortere termijn voor de nood die in Brouwhuis bestaat,

dan is het wachten op het IBO geen probleem. Dat schrijft het schoolbestuur ook in zijn brief van

-9- 7 december 1999.

22 november aan de leden van de commissie OCS. Het schrijft: "Het bestuur zegt u toe dat het

lopende het IBO-traject af zal zien van de lokalen, indien er binnen de wijk een goedkopere alter-

natieve oplossing geboden wordt."

De wethouder heeft het over het risico van precedentwerking. Hij zit echter zelf aan tafel

met het Overlegplatform Helmondse Schoolbesturen. Er is nu sprake van een goede overlegsituatie.

De schoolbesturen hebben er onderling het vertrouwen in dat ze de situatie samen goed gaan

tackelen. Zij hebben het vertrouwen uitgesproken dat zij de zaak samen met de wethouder en zijn

medewerkers goed zullen aanpakken. Als nu duidelijk blijkt dat de schoolbesturen solidariteit laten

zien ten opzichte van Brouwhuis, dan vind ik het niet juist dat de wethouder nu geen vertrouwen

heeft in het proces door ervan uit te gaan dat, als wij nu de school in Brouwhuis alvast garanderen

dat ze twee lokalen krijgt, dit een negatieve precedentwerking zou kunnen hebben.

Op het moment dat de schoolbesturen in het kader van de onderwijshuisvesting misbruik

zouden maken van deze situatie, dan kan ik op een briefje geven dat er ook geen consensus komt

over het IBO-3. Ik vind het logisch dat de wethouder nu de garantie biedt dat er twee lokalen extra

in Brouwhuis zullen zijn om de kinde'ren die op de wachtlijst staan in augustus in Brouwhuis naar

school te kunnen laten gaan. In het amendement staat dat dekking hiervan moet plaatsvinden vanuit

het fonds structuurversterkende maatregelen. Dat punt is voor mij echter niet zo belangrijk. Het

gaat niet zo zeer om de letterlijke formulering van het amendement, als om de strekking en het

doel. Daarover zijn wij helder.

Het lid RIETER (Helmondse Belangen): Voorzitter! Dat is ook hetgeen ik namens Hel-

mondse Belangen in eerste en tweede termijn heb gezegd. In het amendement staat echter dat er

afgeweken moet worden van de verordening. Wij roepen de wethouder op om met de onderwijs-

huisvestingsverordening in de hand (onderwijs op niet meer dan twee locaties) twee lokalen in

Brouwhuis neer te zetten.

Het lid TIELEMANS (SDH): Brouwhuis zit niet te wachten op juridische haarkloverij. Het

gaat om de strekking en de achterliggende bedoeling van het amendement. Die zijn klip en klaar.

Brouwhuis moet geholpen worden. Dat is een- en andermaal toegezegd. Vanavond moet er garen

op de klos komen.

Het lid mevrouw LINTERMANS (SP): Voorzitter! De SP-fractie kan instemmen met beide

amendementen.

Het lid BETHLEHEM (wethouder): Voorzitter! Ten aanzien van amendement 2 stel ik

nogmaals dat de raad in principe de uitspraak heeft gedaan dat er geld beschikbaar moeten komen

voor het wegwerken van achterstanden in de onderhoudssituatie van scholen. Ik heb dit verbreed

naar onderwijshuisvesting. De raad heeft ook gezegd dat zo snel bekend is hoe groot de achterstand

is en hoe groot het fonds structuurversterkende maatregelen is, hij daarover een collegevoorstel wil

ontvangen. Ik heb al toegezegd dat er 23 december a.s. in ieder geval een voorstel richting com-

missie komt.

(Het lid mevrouw Houthooft-Stockx komt, te 19.53

uur, ter vergadering.)

Het voorstel van de SDH met betrekking tot Brouwhuis is in principe juist. Op grond van

de huidige verordening kan ik niet reageren op de problemen vanwege het risico van precedentwer-

king. Het voorstel dat inhoudt dat afgeweken wordt van de verordening, is dan ook juist. De

afwijking daarvan geeft echter het probleem dat ik in eerste termijn geschilderd heb.

De raad zou kunnen stellen dat wij koste wat kost het probleem in Brouwhuis moeten

oplossen. De geest van de brief van de schoolbesturen ademt uit dat de besturen willen meewerken

aan een oplossing en dat ze waarschijnlijk afzien van een toekomstige claim. Degenen die zitting

hebben gehad in de commissie klacht-, verzoek-, beroep- en bezwaarschriften kunnen zich echter

wellicht de huisvestingsproblematiek herinneren rondom de tweede fase studiehuis, waarbij een

schoolbestuur achteraf terugkomt op naar onze inschatting duidelijke afspraken en er is verzuimd

alles zwart op wit te regelen. Ik ben het met de heer Raaymakers eens waar hij stelt dat, als

schoolbesturen zo met elkaar omgaan, hij ook geen geloof heeft in het IBO. Ik heb wel geloof in

het IBO. Wat ik in het IBO echter heb voorgesteld als oplossing voor Brouwhuis is nogal een

rigoureuze oplossing. Ik heb namelijk een andere school verzocht om zich elders te vestigen.

-10- 7 december 1999.

Daarover heeft men een brief gehad. Omdat het IBO in principe niet is doorgezet in het overleg,

weet ik definitief nog steeds het standpunt van het betrokken schoolbestuur niet. Ons voorstel zou

naar ons inzicht de meest ideale oplossing zijn voor Brouwhuis. Daar zou zicht op kunnen zijn in

februari. Ik denk dat ook de brief van het schoolbestuur daarnaar verwijst. Verplaatsing van de

school zou een geweldige oplossing zijn voor de school. Daarmee is er namelijk ook een oplossing

voor de problemen rondom de schoolwoningen in Brouwhuis. Die geven ook niet de ideale situatie

om kinderen les te geven. Dat is een tweede probleem dat de school naar voren brengt.

Het lid RAAYMAKERS (GroenLinks): Het IBO maakt duidelijk wat het beleid op het

gebied van onderwijshuisvesting op termijn van een jaar of vijf wordt. Als wij dat vaststellen nadat

er consensus over is, dan heeft het pas effecten in 2001. Nu hebben wij het over een oplossing voor

het probleem dat zich voordoet in augustus 2000. Wij hebben nu niets aan een oplossing vanwege

verhuizing van de Montessorischool. Die oplossing is er niet in augustus. Gezien alles wat er

gebeurd is in de loop van dit jaar, in overlegsituaties en in de commissie onderwijs, is het logisch

dat wij nu de toezegging van twee lokalen extra aan Brouwhuis doen. Als de wethouder bang is dat

er te veel onderwijshuisvesting in Brou'whuis komt en dat dit op termijn de spaak in het wiel is van

het IBO-verhaal, dan wijs ik op het feit dat wij met de schoolwoningen een stukje flexibiliteit

hebben ingebouwd. De schoolwoningen functioneren in Brouwhuis niet goed als onderwijsvoorzie-

ning. In overleg met de eigenaar zouden deze weer gebruikt kunnen gaan worden als woning.

Wij doen niets verkeerd wanneer wij nu een onderwijsvoorziening toekennen aan Brouw-

huis. Wij moeten erop vertrouwen dat de schoolbesturen die nu met de wethouder aan tafel zitten

de solidariteit die ze nu op papier uitspreken, in werkelijkheid waarmaken.

Het lid KLAUS (SP): Voorzitter! De wethouder heeft het over verplaatsing van de Montes-

sorischool. Ik weet niet hoeveel leerlingen uit Brouwhuis er op de Montessorischool zitten, maar ik

schat in dat het om een aanzienlijke hoeveelheid gaat. Het is dan ook een beetje raar om te ver-

wachten dat de school gaat verhuizen naar een andere wijk, waardoor het probleem ontstaat dat de

kinderen van deze school moeten gaan verkassen.

Het lid BETHLEHEM (wethouder): Ik doe hierover geen uitspraak. Het overleg met de

schoolbesturen is in principe afgebroken. Dit wordt hervat in het overlegplatform. In het SHOP is

afgesproken dat er verder geen bilateraal overleg meer zal plaatsvinden tussen schoolbesturen en de

wethouder. Het probleem met betrekking tot Brouwhuis blijft dat op het moment dat wij op grond

van de verordening reageren op de huisvestingsproblematiek in Brouwhuis, zelfs in de vorm van

noodlokalen, er een precedent wordt geschapen. Ik heb erop gewezen dat daarop gereageerd kan

worden. Ik kan niet anders dan de raad erop wijzen dat dit de mogelijke consequentie is.

Ik kan vertrouwen uitspreken in de schoolbesturen. Dat heb ik ook. De brief ademt uit dat

men de betrokken kant op wil. Ik wil dit echter afgecheckt hebben. Ik wil voorkomen dat ik straks

alsnog naar de raad moet komen met een verzoek om aanvullende middelen die de raad in principe

niet kan weigeren, omdat wij gereageerd hebben op de huisvestingsproblematiek in Brouwhuis.

Daarom handhaaf ik het standpunt dat wij op dit moment niets anders kunnen dan conform de

verordening verwijzen naar leegstand binnen de afstand van 2 km.

De VOORZITTER: Dames en heren! Dan gaan wij thans over tot de besluitvorming. Wenst

de SDH-fractie haar amendementen te handhaven?

Het lid TIELEMANS (SDH): Voorzitter! Amendement 2 trekken wij in. Vanavond is

duidelijk geworden dat nog deze maand in de commissie financiën op het probleem van het achter-

stallige onderhoud wordt teruggekomen met de intentie om extra middelen ter beschikking te stellen

voor de bestrijding van dit probleem.

De VOORZITTER: Dames en heren! Op 23 december a.s. wordt het knelpuntenfonds

behandeld, waarin een viertal prioriteiten die de raad tijdens de begrotingsbehandeling heeft

aangegeven (waar onderwijshuisvesting er één van was) aan de orde is.

Ik constateer dat amendement 2 is ingetrokken.

Het lid RIETER (Helmondse Belangen): Voorzitter! Uit de beantwoording van de wethou-

der in eerste en tweede termijn constateren wij dat de wethouder ons verzoek afwijst om te bezien

of er met de verordening onderwijshuisvesting in de hand mogelijkheden zijn om twee lokalen in

7 december 1999.

Brouwhuis te realiseren. Dat noodzaakt ons in te stemmen met amendement 1. De nood in Brouw-

huis is zeer hoog. Via dit amendement komt de garantie er dat per 1 augustus volgend jaar twee

extra lokalen aanwezig zullen zijn.

Het lid PRAASTERINK (Ondernemend Helmond): Voorzitter! Wij zullen tegen het amen-

dement stemmen. De wethouder heeft voldoende argumenten om een clemente houding in februari

alsnog mogelijk te maken.

Het lid FERWERDA (D66): Voorzitter! De wethouder dwingt mij om vóór amendement 1

te stemmen.

Amendement 1 wordt vervolgens in stemming gebracht en verworpen met 21 tegen 14

stemmen.

Tegen stemmen de leden: Damen, Dams, mevrouw Houthooft-Stockx, Kuypers, Praaste-

rink, Van Heugten, mevrouw Jurflu's-Hakvoort, Klerkx, Mokadirn, Van Rest, Roefs, Bekkers,

Naoum, Van Rooij, Van der Zanden, Yeyden, Witteveen, Prinsen, mevrouw Jonkers-Goedhart,

Bethlehem en Hesen.

Voor stemmen de leden: Henraat, Ferwerda, Smits, Rieter, Kuijpers, Van Mullekom,

mevrouw Meinardi, Raaymakers, mevrouw Lintermans, Klaus, Verbakel, Van de Ven, Tielemans

en Wijnen.

Zonder stemming wordt overeenkomstig het voorstel van burgemeester en wethouders

besloten.

Hierna wordt de behandeling van de hoofdagenda voortgezet.

3. Onderzoek van de geloofsbrieven van de heer A. SpMüt.

De VOORZITTER benoemt mevrouw Jurrius en de heren Raaymakers en Damen tot leden

van de commissie tot onderzoek van de geloofsbrieven en schorst de vergadering, teneinde de

commissie in de gelegenheid te stellen haar werkzaamheden te verrichten.

Na hervatting der vergadering verleent de VOORZITTER het woord aan mevrouw Jurrius.

Het lid mevrouw JURRIUS-HAKVOORT (CDA): Mijnheer de voorzitter! De commissie heeft

de geloofsbrieven van de heer Spruijt onderzocht en in orde bevonden. De commissie adviseert

derhalve de heer Spruijt toe te laten als lid van de raad.

Zonder stemming wordt overeenkomstig het advies van de commissie tot onderzoek van de

geloofsbrieven besloten.

De VOORZITTER dankt de commissie voor de verrichte werkzaamheden en ontbindt haar.

4. Voorstel tot het aangaan van een bruikleen/schenkingsovereenkomst met de heer drs. P.A.W. Roef

en mevrouw G.A. Roef-Meelker (bijlage nr. 271).

,Het lid mevrouw JURRIUS-HAKVOORT (CDA): Voorzitter! De gemeenteraad is de heer

Roef en mevrouw Roef-Meelker zeer erkentelijk voor de schenking waarover het in voorliggend

voorstel gaat. Wij wisten dat de bouw van de Boscotondo-hal bij burgers en andere partijen veel

initiatieven losmaakt. Deze schenking is wel een heel bijzondere uiting van de waardering voor de

Boscotondo-formule en de gemeente Helmond in totaliteit.

De gemeente verplicht zich via dit voorstel de in bruikleen geschonken werken als een goed

huisvader te verzorgen en deze op professionele wijze te behandelen. Wij hopen en verwachten dat

deze schenking een forse impuls zal geven aan het bezoekersaantal en aan het genoegen in een

bezoek aan het Helmondse museum op de nieuwe locatie Boscotondo.

Wij vragen u de heer Roef en mevrouw Roef-Meelker de hartelijke dank over te brengen

namens de gemeenschap van Helmond.

-12- 7 december 1999.

De VOORZITTER: Dames en heren! Gewoonlijk zeg ik dat bijval, zoals dat door de heer

Van Rooij middels applaus werd gegeven, achterwege moet blijven, maar ik kan me voorstellen dat

er soms een uitzondering gemaakt moet worden! Het voorstel dat vanavond voorligt, is wel van

zo'n uitzonderlijke aard dat ik niet gewaagd zou hebben de heer Van Rooij het applaudisseren te

verbieden.

Wij spreken van een buitengewoon uitzonderlijke schenking, die een vliegende start zal

geven aan de formule "kunsthal" in het Boscotondo-complex. Wij zijn daarvoor zeer dankbaar. Wij

zullen die dankbaarheid graag aan de heer en mevrouw Roef mededelen. Uiteraard zullen wij daar

op een daartoe geëigend moment - als de kunsthal klaar is - op een zeer passende wijze uiting aan

geven.

Zonder stemming wordt overeenkomstig het voorstel van burgemeester en wethouders

besloten.

5. Voorstel tot het aangaan van een iyroiidtransactie met de heer A.H.C.M. Blijlevens te Helmond

(bijlage nr. 275).

Zonder stemming wordt overeenkomstig dit voorstel van burgemeester en wethouders

besloten.

6. Voorstel tot voortzetting van het Financieringsschap Strategische Projecten Eindhoven e.o. (bijlage

nr. 258).

Het lid PRAASTERINK (Ondernemend Helmond): Voorzitter! Het voorstel valt in twee

delen uiteen: een vast deel en een variabel deel. Bij de behandeling in de commissie SO zijn het

variabele deel en de dekking uitvoerig aan de orde gekomen. Bij de behandeling in de commissie

financiën waren wij helaas niet aanwezig vanwege verschuivingen. In de begroting was destijds een

bedrag van 9 ton opgenomen. Dat zou gedekt worden uit middelen uit de post onvoorzien inciden-

teel. In deze post zou mede daardoor een tekort ontstaan. Op dit moment praten wij over f 2,8

miljoen. Is er een koppeling tussen de twee bedragen? Zo ja, uit welke pot wordt dan de dekking

verzorgd voor het vaste gedeelte?

Het lid WITTEVEEN (wethouder): Voorzitter! De koppeling is te vinden in het investe-

ringsprogramma. Vanuit het investeringsprogramma wordt een zaak ingezet, die naar het financie-

ringsschap gaat. Op grond daarvan komen extra middelen vanuit het financieringsschap. Dat is de

systematiek.

Het lid PRAASTERINK (Ondernemend Helmond): Voorzitter! Ik snap het niet, maar dat

zal wel aan mij liggen.

Het lid TIELEMANS (SDH): Voorzitter! Wellicht kan ik de heer Praasterink een beetje op

weg helpen. Volgens mij is de systematiek dezelfde als de afgelopen vier jaar, toen de heer Praaste-

rink wethouder van financiën was.

Het lid PRAASTERINK (Ondernemend Helmond): Toen ging het om een incidentele

storting.

De VOORZITTER: Het college is niets van veranderingen gebleken.

Zonder stemming wordt overeenkomstig het voorstel van burgemeester en wethouders

besloten.

7. Voorstel tot vaststelling van het bestemmingsplan "Herziening Groot Schooten/Steenovenweg 20"

(bijlage nr. 276).

8. Voorstel tot wijziging van de gemeenschappelijke regeling samenwerkingsverbanden Helso

Helmond (bijlage nr. 257).

-13- 7 december 1999.

9. Voorstel tot het beschikbaar stellen van een krediet ten behoeve van de aanleg van een

skatevoorziening op spoMark De Braak (bijlage nr. 270).

Zonder stemming wordt overeenkomstig deze voorstellen van burgemeester en wethouders

besloten.

10. Voorstel tot a=assing van een aantal belastinaverordeningen (bijlage nr. 272).

Het lid PRAASTERINK (Ondernemend Helmond): Voorzitter! Er spelen drie zaken.

In de eerste plaats gaat het om de verordening onroerende-zaakbelastingen 2000. Tijdens de

begrotingsbehandeling hebben wij afgesproken dat wij de Zalmsnip zouden doorgeven aan de

burgers. Wij hebben er dan ook geen behoefte aan de mogelijkheid te openen om dat in de toe-

komst niet meer te doen.

Ten tweede gaat het om een wijziging van de verordening rioolrechten en de verordening

reinigingsheffingen. De NV Waterleidingmaatschappij Oost-Brabant (WOB) gaat de facturering

overnemen van Obragas. Daarvan worden vele voordelen genoemd. Waar wij vroeger één rekening

kregen, krijgen wij er nu drie. Ik heb geprotesteerd tegen de betreffende overdracht die naar de

burgers toe een verslechtering van het servicepakket inhoudt. De gemeente zou actie kunnen of

moeten ondernemen in de richting van de nutsbedrijven. Waarom kan de gemeente mij verplichten

tot automatische maandbetalingen? De WOB incasseert verder per kwartaal.

In de derde plaats gaat het om een wijziging van de legesverordening. Wij stelden onlangs

een begroting vast. Nu moeten de tarieven na een maand opnieuw worden verhoogd en wordt een

nieuwe noot aan de belastingboom toegevoegd.

Wij hebben moeite met deze drie onderdelen.

Het lid WITTEVEEN (wethouder): Mijnheer de voorzitter! De belastingverordening is de

consequentie van hetgeen bij de begrotingsbehandeling is vastgesteld. Het is normaal dat hetgeen

wordt vastgesteld bij de begrotingbehandeling in een apart voorstel wordt vastgelegd, zeker waar

het een belastingverordening betreft.

Verder had de heer Praasterink het over het opleggen van verplichtingen bij inningen, maar

dat kon ik niet helemaal verstaan.

Het lid PRAASTERINK (Ondernemend Helmond): Ik gaf aan dat ik het in hoge mate

betreur dat er voor de consument in plaats van één rekening nu drie gaan komen. Ik heb dit destijds

al aangekaart toen de PNEM zich afscheidde van Obragas. De gemeente zou over die verslechte-

ring van service best iets kunnen zeggen.

In de begroting heeft de wethouder voor een aantal tarieven f 16,-- gerekend, waar die nu

worden opgeschroefd naar f 17,--. Zo wordt f 116,-- f 117,--. Er wordt dan ook wel degelijk

verhoogd.

Het lid WITTEVEEN (wethouder): Voorzitter! Voor wat betreft de consequenties van het

inningssysteem zijn wij afhankelijk van de betrokken partijen. Als die zich afscheiden of samen-

gaan met een ander, dan is dat aan hen. Dat kunnen wij als gemeente niet beïnvloeden. Wij kunnen

er hooguit onze treurnis over uitspreken. Wij hebben in ieder geval wel de meest adequate oplos-

sing gevonden door het op de betreffende manier te doen.

Zonder stemming wordt overeenkomstig deze voorstellen van burgemeester en wethouders

besloten.

De leden van de fractie van Ondernemend Helmond verkrijgen op hun verzoek aantekening

in de notulen dat ze zich met de genomen beslissing niet hebben verenigd.

11. Voorstel het college te machtigen over te @zaan tot verkoop van de 12.000 gemeentelijke aandelen

van het Bouwfonds Nederlandse Gemeenten aan de ABN-Amro Bank NV (bijlage nr. 278).

De VOORZITTER: Dames en heren! U begrijpt dat het gaat om een belangrijke sponsoring

van de knelpuntenpot. Durf er maar eens tegen te zijn!

Het lid TIELEMANS (SDH): Voorzitter! Wij zijn uiteraard niet tegen. Het college heeft

-14- 7 december 1999.

een verbeterd exemplaar aan ons voorgelegd. De wijziging daarin betreft "c.q. een hoger bedrag

indien ABN/AMRO alsnog een hoger bod uitbrengt'. Wij hebben begrepen dat dit een gepasseerd

station is en dat wij genoegen moeten nemen met het bedrag dat in het voorstel staat. Met dat

bedrag kunnen wij overigens leven.

De VOORZITTER: Het bod wordt niet verhoogd. ABN-Amro is echter wel bereid een

dotatie te doen aan het volkshuisvestingsfonds.

Zonder stemming wordt overeenkomstig het voorstel van burgemeester en wethouders

besloten.

12. Voorstel met betrekking tot de roresentativiteit van SLOT (bijlage nr. 269).

13. Voorstel tot herbenoeming van leden in de bestuurscommissie openbaar basisonderwijs (bijlage nr.

274).

Zonder stemming wordt overeenkomstig deze voorstellen van burgemeester en wethouders

besloten.

14. Voorstel tot vaststelling van het programma, bedrag en overzicht huisvesting onderwijs 2000 (bij-

lage nr. 280).

Dit punt is reeds behandeld aan het begin van de vergadering.

15. Voorstel tot het beschikbaar stellen van een krediet ten behoeve van het opstellen van een

bodemzoneringskaart (bijlage nr. 260).

Het lid RIETER (Helmondse Belangen): Voorzitter! Wij hopen dat de bodemzoneringskaart

een basis zal zijn voor een bodemsaneringskaart. Gezien de problematiek aan bijvoorbeeld de

Eikenwal, hangt ons nog veel boven het hoofd c.q. zit er voor ons nog veel onder de grond.

Zonder stemming wordt overeenkomstig het voorstel van burgemeester en wethouders

besloten.

16. Voorstel tot vaststelling van het Milieuwerkprogramma 2000 (bijlage nr. 259).

Het lid mevrouw MEINARDI (GroenLinks): Voorzitter! De Milieudienst doet heel veel

voorbereidend werk voor de gemeente (planvoorbereiding, onderzoek, opstellen van notities en

andere papieren projecten). Voor wat betreft de uitvoering van milieuzaken door de gemeentelijke

diensten zien wij vaak niet in de praktijk wat er allemaal gebeurt. Nu er eindelijk werk wordt

gemaakt van de gemeentelijke interne milieuzorg en daarvoor geld en menskracht worden ingezet,

vragen wij het college om op gezette tijden terug te koppelen wat er gedaan wordt en met welke

resultaten. In de commissie heb ik dit ook al gevraagd. Het antwoord daarop was niet heel erg

positief. Juist de interne milieuzorg van de gemeentelijke organisatie leent zich heel goed om

concrete milieuresultaten te laten zien. De voorbeeldfunctie moet ook anderen inspireren.

Wij zouden ons graag laten inspireren en vragen dan ook om op gezette tijden, maar zeker

binnen een halfjaar, concrete resultaten van de gemeentelijke interne milieuzorg te laten zien.

Het lid HESEN (wethouder): Voorzitter! Ik ben het van harte eens met mevrouw Meinardi

waar zij zegt dat de gemeente een belangrijke voorbeeldfunctie heeft te vervullen. Dat kan o.a.

door middel van de interne milieuzorg. Ik heb dit steeds bepleit. De interne milieuzorg maakt

onderdeel uit van het milieubeleidsplan 2000-2004. Daarnaast spelen er andere zaken, die ook

buitengewoon belangrijk zijn. Tijdens de afgelopen voorlichtingsbijeenkomst in de Gaviolizaal heb

ik moeten constateren dat een andere lijn, die ook in het milieuwerkprogramma wordt gekozen,

namelijk die van de milieucommunicatie, buitengewoon belangrijk is. Ik denk dat het creëren van

een nieuw draagvlak voor een milieubeleid dat uiteindelijk gaat om de inhoud van de zaak buiten-

gewoon hard nodig is, als ik kijk naar de opkomst bij die bijeenkomst.

Zonder stemming wordt overeenkomstig het voorstel van burgemeester en wethouders

-15- 7 december 1999.

besloten.

17. Voorstel tot het beschikbaar stellen van een krediet voor de aanleg van een langzaamverkeersroute

Qp WoMark De Braak (bijlage nr. 263).

Dit punt is van de agenda afgevoerd.

18. Voorstel tot het beschikbaar stellen van een krediet ten behoeve van de verkeersveiligheid in Hel-

mond; Actigplan Verkeersruimten 1999 (bijlage nr. 267).

Zonder stemming wordt overeenkomstig dit voorstel van burgemeester en wethouders

besloten.

19. Voorstel tot het beschikbaar stellen van een krediet ten behoeve van het Fietsrou10roject 1999. ge-

deelte Spoorbaanroute aan de noordzijde van de Mgr. Nolensstraat tot aan de overweg Mierlose-

weg/Hoofdstraat (bijlage nr. 266).

Het lid DAMEN (VVD): Voorzitter! In de commissie hebben wij een heleboel alternatieve

plannen mogen aanschouwen, waaronder een plan om het betrokken fietspad te splitsen naar beide

kanten van de weg, om de ter plekke aanwezige bomen te sparen. De VVD-fractie blijft achter het

oorspronkelijke gemeentelijke plan staan, omdat splitsing in onze ogen met name voor de jeugdige

fietsers een aantal problemen kan betekenen in de toekomst. Dat lijkt ons niet verstandig. Daarbij

komt dat in onze ogen de spoorwegovergang Mierloseweg/Hoofdstraat speciale aandacht behoeft,

omdat zich daar de werkelijk gevaarlijke situatie bevindt. Die bevindt zich niet op het stukje tussen

de Mgr. Nolensstraat en de Mierloseweg.

Het lid RIETER (Helmondse Belangen): Voorzitter, wat waren wij eensgezind tijdens de

wijkcontactdag in 't Hout! Tijdens de fietstocht door de Apostelwijk waren diverse raads- en

burgerleden van de commissie van mening dat het zonde zou zijn als de bomen moesten wijken

voor het nieuwe fietspad. Ook was bijna iedereen ervan overtuigd dat de situatie op de Mierlose-

weg veiliger moest worden.

Drie maanden later blijken vele raadsleden die mooie zaterdagmiddag op 't Hout te zijn

vergeten. Tijdens de behandeling van voorliggend voorstel in de commissie stedelijk beheer en

volkshuisvesting was niet veel oog meer voor het behoud van de majestueuze eikenbomen. Met

betrekking tot de veiligheidsaspecten rest nog de opmerking in het commissieadvies dat tijdelijke

maatregelen zullen worden getroffen bij de spoorwegovergang. Om welke tijdelijke maatregelen

gaat het? Dat wordt overgelaten aan de dienst Stadsbeheer. En de bewoners? Die worden in de

waan gelaten dat zij tijdens de informatieavond bij handopsteking besloten hebben de huidige

situatie te handhaven. Zelfs werd ti dens de commissievergadering, nadat een vertegenwoordiger

van het bestuur van de buurtvereniging gebruik had gemaakt van het inspreekrecht, gehoord dat

bewonersgroepen pas actief worden als het zaken betreft die hun direct aangaan. Dit is een onbe-

grijpelijke opmerking, mede omdat wij het hier hebben over een zeer actieve buurtvereniging die in

het verleden al meer zaken op de rails heeft gezet en daar o.a. de nominatie voor de Veiligheids-

prijs 1998 van de gemeente Helmond voor ontving. Het gaat om een buurtvereniging die zich inzet

voor de leefbaarheid in de wijk en de mensen die in de wijk wonen. Wat is hier mis mee?

Vele alternatieven zijn reeds door de dienst Stadsbeheer op papier gezet. Deze alternatieve

plannen hadden mede tot doel het behoud van de bomen. Deze alternatieven bleken volgens de

opstellers om diverse redenen echter geen alternatief te zijn. Daarom is het alternatieve plan dat op

de valreep door de buurtvereniging is ingediend zo interessant. De stedelijke dienst kon daartegen

bijna geen bezwaren aandragen. Of toch wel, met enige politieke steun? Er zou namelijk een

gevaarlijke situatie ontstaan, omdat vanwege de splitsing van de tweebaansfietsstrook de fietser,

nota bene in een verblijfsgebied of 30 km-zone, een eenrichtingsweg zou moeten oversteken.

Levensgevaarlijke situaties worden voorzien.

Onze fractie is van mening dat het alternatieve plan van de buurtvereniging heel reëel is.

Middels dit plan doen zich niet meer gevaarlijke situaties voor dan nu al het geval is. Het behoud

van de eikenbomen is gegarandeerd en het traject van de fietsbaanroute blijft ingevuld. Het plan

heeft trouwens financiële voordelen. Het aanzienlijke kostenplaatje voor het weghalen en terug-

plaatsen van bomen kan in zijn geheel komen te vervallen. Dit is een typisch voorbeeld van een

win/win-situatie, waar het college toch altijd de mond van vol heeft, want naast de milieuwinst is

-16- 7 december 1999.

er geldelijke winst.

Wij hebben inmiddels begrepen dat het bestuur van de buurtvereniging een bezwaarschrift

en een verzoek tot voorlopige voorziening heeft ingediend tegen het verlenen van een kapvergun-

ning. Op welk tijdstip deze kapvergunning zal worden verleend, is nog niet duidelijk, maar daar zal

de vereniging op de een of andere manier ook nog wel achter komen.

Het moge duidelijk zijn dat de fractie van Helmondse Belangen tegen het voorliggende

voorstel zal stemmen.

Het lid FERWERDA (D66): Voorzitter! Het kan er bij mij niet in dat je geen andere

oplossing kan creëren dan nu wordt voorgesteld, waardoor beeldbepalende bomen worden gehand-

haafd. Als het voorstel blijft zoals het nu is, dan zullen wij tegenstemmen.

Het lid mevrouw MEINARDI (GroenLinks): Voorzitter! In de commissie hebben wij al naar

voren gebracht dat wij van mening zijn dat op de lange termijn een vrijliggend fietspad voor de

lange afstand het veiligst is. Dat is niet alleen zo voor de fietsers, maar ook voor het andere

verkeer in de buurt. Wij denken verder dat autoverkeer in twee richtingen ter plekke eigenlijk

nodig is voor de ontsluiting van de wijk.

De bomen zijn beeldbepalend. Het is jammer dat die moeten wijken voor de plannen. Daar

is niemand blij mee. Er komen bomen van redelijke omvang voor terug.

De spoorwegovergang behoeft de nodige aandacht.

Ondanks het probleem van de bomen denken wij dat voorliggend voorstel voor de lange

termijn de beste oplossing biedt.

Het lid KLAUS (SP): Voorzitter! In de commissie kwam de wethouder met een aantal

alternatieven, die vervolgens door hem werden onderuitgehaald. Uiteindelijk bleef alleen het

voorstel over, waarbij de bomen moeten wijken. Er zijn o.i. mogelijkheden om een fietspad neer te

leggen, waarbij de bomen worden gespaard.

Eén argument dat werd gebruikt ter ondersteuning van het voorliggende voorstel, is het feit

dat uitritten op een fietspad gevaarlijk zouden zijn. In de commissievergadering heb ik al opge-

merkt dat het aantal mensen dat ter plaatse gebruik zal maken van de uitritten in geen verhouding

staat tot het aantal mensen dat gebruikmaakt van de uitritten op bijvoorbeeld de Engelseweg bij de

Gamma en de Praxis. Daar hebben wij evenwel in al onze wijsheid besloten het fietspad langs de

uitritten aan te leggen. Daar hebben wij het over enorme hoeveelheden autoverkeer dat het fietspad

elke dag kruist, omdat daar zeer veel mensen boodschappen doen. Als je het argument van de

uitritten gebruikt, moet je het overal gebruiken. Het is eigenlijk van de zotte om het argument te

gebruiken, omdat het autoverkeer in dit geval eigenlijk niet zoveel voorstelt. De verkeersintensiteit

in het straatje is niet zo groot. Daar kun je bovendien nog iets aan doen. Er kan in alle veiligheid

een fietspad aangelegd worden, met bijvoorbeeld eenrichtingsverkeer voor de auto's. Iedereen is

dan volgens mij tevreden.

Het lid mevrouw JURRIUS-HAKVOORT (CDA): Voorzitter! Fietspaden realiseert men om

de verkeersveiligheid voor de fietser te verbeteren. In dit voorstel zien wij daarin geen verbetering

komen. Het zorgt voor een onnodige, prachtige rode loper, maar het kruispunt met de Mierloseweg

is en blijft ook in deze ontwikkeling voor de fietsers zorgwekkend. Daarom is de CDA-fractie van

mening dat deze investering achterwege kan blijven. Wij vinden dat het huidige wegprofiel ge-

handhaafd moet blijven. Wij adviseren het college wel om zo spoedig mogelijk stappen te onder-

nemen om het kruispunt te heroverwegen, o.a. ten bate van de fietsers. Ook de afwikkeling van het

verkeer op de Mierloseweg zal waarschijnlijk bij een nieuw plan gebaat zijn. Wellicht moet in deze

buurt een andere verkeerscirculatie worden bedacht ten bate van de fietser en de gebruikers van de

Mierloseweg/Hoofdstraat.

Het lid KUYPERS (Ondernemend Helniond): Voorzitter! Om de Wet van Klets te vermij-

den wacht ik het antwoord van het college in eerste instantie af.

Het lid WIJN-EN (SDH): Voorzitter! Ik vind de opstelling van het CDA in dezen heel raar.

Wij hebben immers al jaren geleden gekozen voor non-stopfietsroutes vanuit alle wijken naar het

centrum. De fietsroute die nu geprojecteerd is, is de zoveelste fase in dit plan. Wij moeten dat

afmaken.

Welk voorstel men ook doet, men zal mensen tegen zich krijgen.

-17- 7 december 1999.

Het lid KLAUS (SP): Welke mensen?

Het lid WIJNEN (SDH): De mensen die er wonen. Zij maken bezwaar tegen het kappen van

de bomen. Als je het fietspad aan de andere kant van het spoor zou leggen, krijgen wij de mensen

daar tegen ons. Zo werkt dat nu eenmaal.

Wij hebben gekozen voor een non-stopfietsroute en daar houden wij aan vast.

Het lid mevrouw JURRIUS-HAKVOORT (CDA): Ik herinner de heer Wijnen eraan dat wij

in dezelfde commissievergadering een stuk fietspad geschrapt hebben, waar wij in het verleden met

elkaar voor gekozen hebben.

Het lid WIJNEN (SDH): Wij hebben daar niet voor gekozen. Het plan is door iedereen

geaccepteerd, zonder dat er iemand is gaan kijken. Niemand wist over welk fietspad wij het

hadden.

Het lid KLAUS (SP): Dat geldt voor het fietsplan in heel Helmond.

Het lid WIJNEN (SDH): Daar hebben wij het nu niet over. Geen enkel lid van de commis-

sie was ter plekke gaan kijken.

Het lid KLAUS (SP): Het is iedereen toegestaan om voortschrijdend inzicht te tonen. Dat

geldt ook voor de SDH, want die wijkt ook nog wel eens af van eerder genomen besluiten.

Het lid WIJNEN (SDH): Dat is het leuke in de politiek!

Het lid KLAUS (SP): Het fietsplan is ooit een keer vastgesteld. Ik vind dat dit daarna weer

ter discussie gesteld mag worden.

Het lid WIJNEN (SDH): Ik heb er geen probleem mee dat het plan ter discussie wordt

gesteld. De SDII-fractie kiest echter voor de non-stopfietsroute die nu geprojecteerd is. Wij kiezen

niet voor een andere invulling van het laatste stuk. Verbeeld je dat aan alle drie de fasen een andere

invulling was gegeven!

Het lid KLAUS (SP): Volgens mij was indertijd in het fietsplan niet meegenomen dat het

fietspad op grond van de NS zou komen.

Het lid WIJNEN (SDH): Jawel.

Het lid KLAUS (SP): Hadden wij daar toen al toestemming voor?

Het lid WIJNEN (SDH): Andere stukken liggen ook op grond van de NS. Daarover zijn

zelfs overeenkomsten gesloten, die door de raad zijn goedgekeurd.

Wij kiezen voor de non-stopfietsroute, waarbij wij de restrictie maken dat ervoor gezorgd

moeten worden dat rond de spoorwegovergang Mierloseweg/Hoofdstraat een veilige situatie wordt

gecreëerd. De wethouder heeft toegezegd dat die er zal komen. Die toezegging horen wij vanavond

graag bevestigd.

Het lid VAN MULLEKOM (HSP): Voorzitter! Er is een regelgeving ingesteld, die koste

wat kost gehandhaafd moet blijven. Daarmee ben ik het niet eens. Als door de bewoners een

alternatief wordt aangedragen, waarbij de bomen worden gespaard en de veiligheid gewaarborgd is,

waarom wordt dan niet het principe losgelaten dat er een fietspad moet komen van Dierdonk naar

Brandevoort? Waarom kiezen wij niet voor het inzicht van de mensen die ter plekke wonen? Wij

stemmen tegen het voorstel.

Het lid HESEN (wethouder): Voorzitter! Voorafgaand aan de zomervakantie hebben wij met

elkaar gesproken over de afronding van de fietsroute in de richting van 't Hout. In de betrokken

raadsvergadering heeft de heer Smits nogal stevig aan de bel getrokken over het stukje fietspad

tussen de Cortenbachstraat en de Noord-Parallelweg. De raad heeft toen in overgrote meerderheid

-18- 7 december 1999.

besloten vast te houden aan het oorspronkelijke tracé. Dat stukje fietspad is keurig aangelegd. Er

zijn enkele bomen omgehakt.

De discussie is niet nieuw, maar heeft een extra dimensie gekregen toen ik de heer Smits

heb toegezegd dat ik de bewoners nog een keer zou bezoeken, omdat er nog twijfel over bestond of

de aanwezige bomen gezond waren. Tijdens de informatieavond heb ik de kaarten open neergelegd.

Ik ga niet vertellen dat bomen ziek zijn, als ze dat niet zijn. Ik heb aangegeven dat de reden dat de

bomen moesten verdwijnen de aanleg van het fietspad is. Wij zagen op dat moment niet hoe wij het

fietspad op een veilige wijze zouden kunnen projecteren, als de bomen niet zouden verdwijnen. In

samenspraak met de bewoners heb ik een heleboel mogelijkheden verkend, om te bekijken of voor

het fietspad een ander tracé kon worden gekozen. Daarover heb ik een zeer uitgebreide discussie

gevoerd. Wij hebben moeten constateren dat de voorgelegde alternatieven nog onaantrekkelijker

waren dan het oorspronkelijke tracé.

De heer Rieter zegt dat ik middels handopsteken de suggestie heb gewekt dat de bewoners

iets te kiezen zouden hebben. Ik heb de bewoners echter gezegd dat het uiteindelijk de gemeente-

raad is die kiest. In de commissie SBV heb ik overigens al gezegd dat ik de peilingen voor alle

duidelijkheid in de toekomst iets anders zal laten plaatsvinden. Ik wil er geen al te grote zaak van

maken. Het verslag is terzake helder genoeg.

Het fietspad is voor driekwart aangelegd en moet een belangrijke ontsluiting zijn voor

Mierlo-Hout. Verder moet het een belangrijke aansluiting bieden op het flitsfietspad. Voorligt de

vraag of de raad ten aanzien van de staart van het fietspad bereid is om de keuze te maken die door

de heer Wijnen heel helder wordt gemaakt. Wil de raad ten behoeve van een veilig fietspad de

consequentie trekken uit de keuze die hij eigenlijk al een aantal keren heeft gemaakt en bevestigd?

Het gaat om een gefaseerde aanpak. Er is een probleem bij de spoorwegovergang. Dat

probleem kunnen wij pas ten finale oplossen op het moment dat wij de Mierloseweg/Hoofdstraat

gaan aanpakken. Wanneer wij een netwerk van doorgaande fietsroutes aanleggen, moet er een stuk

veiligheid worden gebracht. Ik ben bereid ook voor de korte termijn veiligheidsmaatregelen uit te

werken ter hoogte van de spoorwegovergang.

Ik kan mij voorstellen dat de keuze een moeilijke is. Het is geen disrespect voor de buurt-

vereniging dat wij tot de voorliggende keuze moesten komen. In de commissie zijn de alternatieven

besproken. Men heeft moeten constateren dat het overgrote deel van de bewoners de alternatieven

niet gewenst acht.

Het fietspad heeft een betekenis voor de stad. Het gaat om een stedelijke voorziening.

Natuurlijk komen er protesten, als je met omwonenden moet spreken over een zo stevige ingreep in

de omgeving als het weghalen van bomen. Die protesten zijn versterkt door het feit dat ik openlijk

heb erkend dat de bomen niet ziek zijn.

Het lid HENRAAT (SDH): Is het wel mogelijk het betrokken stuk fietspad zomaar over te

slaan, zoals het CDA voorstelt? Komen daardoor geen subsidies in gevaar die wij al gekregen

hebben of nog krijgen?

Het lid HESEN (wethouder): Wij gaan een transactie aan met de provincie. Wij hebben de

afspraak gemaakt dat wij een netwerk van doorgaande fietsroutes aanleggen. De provincie heeft dit

zwaar gesubsidieerd. Ik was er eerder een beetje bang voor dat, als wij ten aanzien van het laatste

stukje voor iets anders zouden kiezen, dit misschien gevo'lgen zou hebben voor de subsidie voor de

andere delen van het traject. Dat is gelukkig niet het geval, alhoewel de relatie met de provincie

dan wel een zware deuk oploopt. Erg consequent zou het immers niet zijn. Voor het nieuw aan te

leggen deel vervalt uiteraard de subsidie op het moment dat wij een andere keuze zouden maken

dan die welke wij een keer of twee in deze raad hebben bevestigd.

Het lid WIJNEN (SDH): Voorzitter! De wethouder is niet ingegaan op het punt van de

veiligheidsmaatregelen rond de spoorwegovergang.

Het lid HESEN (wethouder): De tijdelijke maatregelen zal ik tegelijkertijd met de aanleg

van het fietspad gaan nemen. Ik moet die uiteraard laten voorbereiden.

Het lid mevrouw JURRIUS~HAKVOORT (CDA): Voorzitter! Het CDA is nooit zo erg

enthousiast geweest over het ononderbroken fietslint door de stad. Wij zien nu dat er hier en daar

zeer kunstmatige situaties zijn gecreëerd. Ik denk aan de Pastoor Van Leeuwenstraat en Tolpost.

Ook de heer Klaus heeft een voorbeeld genoemd. Het fietslint heeft ons - last hut not least - zeer

-19- 7 december 1999.

veel geld gekost. Wij hebben wel veel subsidie ontvangen, maar het heeft onszelf ook zeer veel

geld gekost. De zware deuk die volgens de wethouder zou ontstaan in de relatie met de provincie

valt, denk ik, wel mee.

Voortschrijdend inzicht kan worden ingegeven door wetmatigheden, maar kan natuurlijk

ook worden ingegeven door ervaring. Een van de veranderingen die wetmatig zijn aangegeven, is

de 30 km-zone die op ons bordje is gelegd. De resultaten hiervan zullen wij in de praktijk moeten

zien.

Wij zullen tegen het voorstel stemmen.

Het lid RIETER (Helmondse Belangen): De wethouder heeft het over het laatste stukje van

de fietsroute. Volgens mij gaat het om het voorlaatste stukje. Er komt nog een stukje na.

Wellicht wordt de suggestie gewekt dat de buurtvereniging tegen het fietspad is. Dat is niet

het geval. Integendeel. Ze denkt mee en heeft een alternatief bedacht. De buurtvereniging is wel

tegen de voorgestelde inrichting. Ze is voor het behoud van de bomen en pleit voor een veilige

spoorwegovergang.

Ik doe een grondig beroep op GroenLinks om nog eens na te denken over het "groen" in

GroenLinks. Er bestaat ook nog zoiets als een en/en-situatie.

Het lid RAAYMAKERS (GroenLinks): Voorzitter! Voor ons is het stedelijke belang van de

fietsvoorziening in dit geval zwaarder dan het microbelang van de Noord-Parallelweg. De pijn van

het weghalen van de bomen wordt verzacht doordat er in een verbeterde inrichting fatsoenlijke

bomen worden teruggeplaatst. In die afweging moet je prioriteiten stellen.

Ik wil reageren op hetgeen mevrouw Jurrius in tweede instantie heeft gezegd. Regeren is

vooruitzien. Als wij naar de toekomst toe iets aan mobiliteitsombuiging willen doen, in dit geval

waar het gaat om het traject van het centrum naar Brandevoort en Eindhoven, dan moeten wij

voortgaan met de fietshoofdwegenstructuur. Wat zich nu wreekt, is het feit dat wij op dit punt geen

beleid geformuleerd hebben, waaraan wij de maatregelen kunnen toetsen.

Mevrouw Jurrius heeft in haar bijdrage vooral teruggekeken op wat haar fractie ongelukkig

vindt. Wij moeten vooral naar voren kijken, naar wat wij moeten doen op het gebied van verkeer.

Ik vraag wethouder Jonkers om voort te maken met de formulering van het fietsbeleid, zodat wij

naar de toekomst toe antwoorden krijgen met betrekking tot de vraag hoe wij het fietsverkeer in de

stad kunnen bevorderen. Ik ben ervan overtuigd dat een fietshoofdwegenstructuur verder ontwik-

keld moet worden. Daar is dit een onderdeel van.

Het lid mevrouw JURRIUS-HAKVOORT (CDA): Wij gaan ervan uit dat de verkeersveilig-

heid voor de fietser absoluut gewaarborgd is middels ons voorstel. Wij willen geen onveilige

situatie voor fietsers.

Het lid RAAYMAKERS (GroenLinks): Ik ben ervan overtuigd dat het CDA de verkeers-

veiligheid hoog in het vaandel heeft staan. Wij zijn echter ook bezig met een project richting

Eindhoven. Daarvoor leggen wij nu stukjes infrastructuur aan. Het gaat nu weliswaar maar om een

klein stukje fietspad, maar het is wel consistent om het te realiseren. Als er nu een ontbrekende

schakel komt, dan zullen wij later van mening zijn dat wij die in het jaar 2000 toch hadden moeten

leggen. Dat bedoel ik met: regeren is vooruitzien.

Het lid KLAUS (SP): Voorzitter! Ik ben nooit een voorstander van het flitsfietspad geweest.

Ik zie daar het nut niet van. Ik geloof niet dat er meer dan vijftig mensen als een idioot over dat

fietspad zullen gaan rijden. Als mensen de afstand willen overbruggen, zal het meestal om recrea-

tief gebruik gaan. Het flitsfietspad draagt niet bij aan de oplossing van het openbaarvervoer-

probleem in bredere zin. Ik vind het overdreven om dit als argument te gebruiken om hier het

stukje fietspad aan te leggen. De snelle fietsers moeten in ieder geval bij de overweg afremmen,

want er zal een verkeerslicht staan. Ik vind dat hier argumenten worden gezocht die er niet zijn.

Ik verzoek de wethouder de zaak nog eens in overweging te nemen. Ik heb daarvoor argu-

menten genoemd. Het CDA heeft de Pastoor Van Leeuwenstraat genoemd. Ik wil de Molenstraat

noemen. Ik ben nog steeds niet gelukkig met de manier waarop het fietspad daar is aangelegd. Ik

kan me herinneren dat wij toentertijd de discussie terzake voerden en de commissie van mening

was dat het fietspad aan de overkant gelegd zou moeten worden. In alle wijsheid hebben de ambte-

naren het fietspad toen aan de andere kant getekend en zo is het aangelegd. Als wij kijken naar de

manier waarop de inrichting daar werkt, dan ben ik nog steeds van mening dat niet voor de beste

-20- 7 december 1999.

oplossing is gekozen.

Ik ben van mening dat aan de Noord-Parallelweg een fietsvoorziening aangelegd kan

worden, in tegenstelling tot het CDA die de situatie wil laten zoals deze is. Het fietspad kan op een

andere manier aangelegd worden. De wethouder had in mogen gaan op het alternatief van de

buurtvereniging. Dat had gebruikt kunnen worden. Ik vind het kort door de bocht om dan gewoon

te zeggen dat het zo op tekening staat. Dit vind ik tekortdoen aan de bomen. Wij hebben het over

echte bomen en niet over dingetjes die er neergezet worden en nog vijftig jaar nodig hebben om een

beetje boom te worden.

Het lid HESEN (wethouder): Voorzitter! Ik dacht zojuist met enige bewondering aan mijn

voorganger op deze plek. Ik vroeg me af hoe hij het in godsnaam voor elkaar had gekregen om een

bijna volledig netwerk van doorgaande fietsroutes tot stand te brengen in deze stad, zonder dat de

CDA-fractie daar ooit enthousiast over is geweest.

Het lid KLAUS (SP): Dat is een kwestie van onderhandelen.

Het lid HESEN (wethouder): Dat is helder. De inzet van het Helmondse beleid is er eigen-

lijk de afgelopen zestien jaar op gericht geweest om doorgaande comfortabele en snelle fietsroutes

tot stand te brengen. Het gaat nu louter om de staart van dat streven.

Wij kunnen natuurlijk terugzien op meer of minder gelukte voorbeelden. Ik kan een aantal

van de genoemde voorbeelden navoelen. Dan gaat het met name om binnenstedelijke stukken van

het fietspad. Het fietspad waar wij het nu over hebben, is iets anders. De situering en de verbin-

ding die het tot stand probeert te brengen zijn eigenlijk van een totaal andere aard, nog even

daargelaten het feit dat wij al dan niet met enthousiasme nog maar kort geleden het voorvoorlaatste

deel van deze route hebben aangelegd aan dezelfde kant van de weg en eigenlijk direct daarop

aansluitend. Ik ontzeg de leden daarmee overigens niet het recht om op enig moment het belang van

bomen een rol te laten spelen. Ik hecht er echter wel aan op te merken, dat als de raad dit type van

beleid uitlegt, het wellicht verstandiger is om dergelijke keuzes eerder te maken. Ik stel immers

vast dat het stuk tussen de Cortenbachstraat en de Noord-Parallelweg er gewoon ligt en dat ook

toen die discussie aan de orde was en voorzienbaar was dat dit gegeven verderop in hetzelfde

traject een rol zou spelen.

Het lid KLAUS (SP): Er is zeer kort geleden een stukje uit het fietspadennetwerk in het

centrum gestreept. Dat is op basis van voortschrijdend inzicht gebeurd.

Het lid HESEN (wethouder): Dat is zo. Voorafgaand aan de zomervakantie hebben wij

echter het besluit genomen om het fietspad juist aan deze kant van de weg te leggen. In het ver-

lengde daarvan vind ik het van belang dat de raad een beetje consequent het beleid uitvoert dat hij

heeft vastgesteld en meerdere malen heeft bevestigd.

Doorgaande fietsroutes zijn bij uitstek een milieubelang. Die zijn geen doel op zich. Die

zijn er uiteindelijk voor bedoeld om mensen te verlokken en uit te nodigen om in plaats van de auto

de fiets te pakken en misschien wel het flitsfietspad te gebruiken in de richting van Eindhoven.

Voorligt dan ook best een groen voorstel. Het gaat om een groot milieubelang als je naar de

langere termijn kijkt. De bomen zien er nu prachtig uit,. maar ook de bomen die wij er neerzetten

zullen uitgroeien tot prachtige bomen.

Het lid KLAUS (SP): Wil de wethouder ingaan op de alternatieven? Er wordt gesteld dat er

verkeerstechnisch gezien, vanuit het oogpunt van veiligheid, geen alternatief mogelijk zou zijn.

Het lid HESEN (wethouder): Wij hebben deze discussie in de commissie gevoerd. Het

voorstel van de buurtvereniging werd overigens op het allerlaatste moment aan ons aangereikt. Wij

hebben uitgebreid met de bewoners gesproken over alternatieven. Daar was de buurtvereniging een

aantal keren bij aanwezig. Als ik ook maar enige mogelijkheid zou zien om de bomen te behouden

- het zijn immers prachtige bomen -dan zou ik dat voorgesteld hebben.

Het lid mevrouw JONKERS-GOEDHART (wethouder): Voorzitter! De heer Raaymakers

dringt aan op enige haast met de beleidsnota inzake fietsen in de toekomst. Een en ander is ui-

teraard afhankelijk van de ambtelijke capaciteit. Een nieuw beleid op dit punt start met een terug-

blik op het oude beleid. Dat betekent dat wij kritisch zullen kijken naar wat wij de afgelopen jaren

-21- 7 december 1999.

hebben gedaan (routes, vormgeving, ervaringen in de praktijk, slachtoffercijfers), zodat wij heel

gewogen in de toekomst verder kunnen gaan met het aanleggen van verantwoorde, verkeersveilige

fietsroutes. Het zou natuurlijk best zo kunnen zijn - ik proef dit links en rechts in de raad - dat het

niet vanzelfsprekend is dat wij doorgaan met het leggen van wat hier in de raad is gaan heten rode

lopers. Wij zullen serieus moeten bekijken hoe het plan, waarvan vanavond het laatste onderdeel

aan de orde is, in de praktijk bevalt. Enkele fracties hebben op sommige punten terecht kritiek.

Desalniettemin zullen wij ervoor zorgen dat er in de toekomst in deze stad niet alleen ruimte is

voor autogebruik, maar ook voor voetgangers en fietsers.

De VOORZITTER geeft de gelegenheid tot het afleggen van een steinverklaring.

Het lid RIETER (Helmondse Belangen): Voorzitter! Het tegenstemmen van onze fractie is

geen teken dat wij tegen het fietspad zijn. Hier is naar onze mening echter wel degelijk een en/en-

situatie mogelijk. Mede in het licht van het voorstel van het CDA stemmen wij tegen dit voorstel.

Het voorstel wordt vervolgens in stemming gebracht en aangenomen met 20 tegen 15

stemmen.

Voor stemmen de leden: Henraat, Damen, Danis, mevrouw Houthooft-Stockx, Kuypers,

1 Praasterink, Bekkers, Van Rooij, Van der Zanden, Yeyden, mevrouw Meinardi, Raaymakers,

Witteveen, Prinsen, mevrouw Jonkers-Goedhart, Bethlehem, Hesen, Van de Ven, Tielemans en

Wijnen.

Tegen stemmen de leden: Ferwerda, Smits, Rieter, Kuijpers, Van Mullekom, Van Heugten,

mevrouw Jurrius-Hakvoort, Klerkx, Mokadim, Van Rest, Roefs, Naourn, mevrouw Lintermans,

Klaus en Verbakel.

20. Voorstel tot het beschikbaar stellen van een krediet ten behoeve van de maatregelen in verband met

de wetswijziging bronifietsers op de rijbaan (1' fase) (bijlage nr. 265).

Het lid RIETER (Helmondse Belangen): Voorzitter! Ik weet dat in de buurt liggende

gemeenten inmiddels borden hebben en dat die al geplaatst zijn. Ik vrees dat wij op 15 december,

wanneer de wetswijziging in werking treedt, een stuk onduidelijkheid in Helinond hebben, doordat

er bijvoorbeeld geen borden staan. Wat heeft dit voor consequenties voor de gebruiker?

De VOORZITTER: Dan kan er in ieder geval niet geverbaliseerd worden.

Het lid KUYPERS (Ondernemend Helmond): Voorzitter! Het thans gevraagde krediet heeft

betrekking op de aanvullende agenda Programma Duurzaam Veilig. Dit programma bestaat uit drie

onderdelen: bromfietsers op de rijbaan, voorrang fietsers van rechts, inrichting verblijfsgebieden.

De studie op basis van de startnotitie wetswijziging bromfietsen op de rijbaan is wel in een afron-

dende fase, maar de resultaten ervan zijn nog niet bekend. Het toestaan van bromfietsers op de

rijbaan moet tot doel hebben het vergroten van de verkeersveiligheid. Vanaf midden december

zouden rijk, provincie en de gemeentelijke overheid starten met een voorlichtingscampagne voor

alle weggebruikers om met deze nieuwe regelgeving vertrouwd te geraken. Wij zijn nu nog maar

acht dagen verwijderd van de invoeringsdatum. Bijna niemand weet wat hem of haar te wachten

staat. Daarvan zal ik enkele voorbeelden geven.

De regelgeving geldt alleen voor wegen binnen de bebouwde kom en niet op elk fietspad of

elke fietsstrook. Er is een nieuw verkeersbord, waarop een fiets en een bromfiets staan. De be-

staande situatie kan dan ook gehandhaafd worden. Het bord betekent immers hetzelfde als nu het

bord waarop een fiets staat.

De gewijzigde voorrangsregeling geldt pas vanaf eind 2000. Die is pas van toepassing als er

verblijfsgebieden zijn.

Zullen de sensoren die ervoor zorgen dat de verkeersregelinstallaties op groen springen wel

werken als een bromfiets op de rijbaan rijdt? Het gebeurt namelijk al heel vaak dat een motorfiets

de sensoren niet in werking kan stellen, zodat het licht op rood blijft staan.

Wat te denken van de infrastructurele werkzaamheden die nodig zijn om de bronifietsers

veilig van of naar de rijbaan te geleiden? Ook zijn er in Helmond zeer vele enkelvoudige fietspaden

(een fietspad aan één zijde). Het kan problemen geven als de bromfiets van hieruit de rijbaan op

-22- 7 december 1999.

moet.

Al met al zijn er nogal wat maatregelen te nemen die niet direct de veiligheid gaan bevorde-

ren wanneer er onvoldoende voorlichting plaatsvindt. Over acht dagen gaat de maatregel in en nog

bijna niemand in Helmond weet wat hem te wachten staat. De voorlichting had ook een klein beetje

van onze kant af mogen komen. De voorlichting is niet gekomen van rijk, niet van provincie en

niet van gemeente. Gisteren lag er nog niets in de visiekamer over het rapportje dat zou aangeven

wat de maatregel voor Helinond in zou houden.

Wij vragen ons af of het krediet van f 188.250,-- wel voldoende zal zijn als dekking. Er

worden nogal wat maatregelen gevraagd.

De VOORZITTER: Je zou ook kunnen praten over de zorgvuldigheid van de wetgever waar

die ons met dit soort wetgeving op zo korte termijn overvalt.

Het lid KUYPERS (Ondernemend Helmond): Twee jaar geleden heb ik het college al de

waarschuwing gegeven dat de maatregel inzake bronifietsers op de rijbaan eraan zat te komen.

De VOORZITTER: Als wij ons nu al moesten wapenen voor de wetgeving die over twee

jaar te verwachten is, dan kunnen wij aardige discussies voeren. Het gaat erom dat het rijk ons de

tijd moet geven om ons te kunnen voorbereiden op nieuwe wetgeving. Die tijd was volstrekt

onvoldoende.

Het lid HESEN (wethouder): Voorzitter! De opmerkingen van de heren Rieter en Kuypers

zijn volstrekt terecht. Wij hebben daar in de commissie SBV uitgebreid bij stilgestaan.

In heel Nederland weet op dit moment eigenlijk niemand waar hij precies aan toe is. Collega

Jonkers heeft op dit moment een beleidsnotitie terzake in voorbereiding. Wij zullen die afwachten.

Wij vragen op dit moment het krediet aan de raad, omdat wij, vooruitlopend op de invoe-

ringsdatum van 15 december, enkele eenvoudige maatregelen willen nemen en ruimte willen

hebben voor communicatie. Wij stellen dan ook voor om vooruitlopend op de gereedkoming van de

notitie de eerste fase door te voeren, om precies te bereiken wat door de heer Kuypers wordt

gesuggereerd.

Het lid mevrouw JONKERS-GOEDHART (wethouder): Voorzitter! Wij waren niet eerder

in staat om een eigenstandige communicatiecampagne te starten. Dat zou overigens ook heel

onverstandig zijn. Wij kunnen dat beter doen in combinatie met de campagne die rijk en provincie

ongetwijfeld gaan voeren.

In recent overleg met de politie en andere instanties is besloten de bromfiets op de weg te

laten rijden waar het maar kan, met uitzondering van wegen in Helmond waar meer dan 20.000

voertuigen per etmaal rijden of waar een snelheid is toegestaan van meer dan 60 km per uur. In het

verkeersveiligheidsplatform hebben wij afgesproken dat wij in aansluiting op de campagne van de

hogere overheden een aanvullend communicatietraject zullen gaan voeren, dat inzoomt op speci-

fieke situaties in het Helmondse. Gegeven de korte voorbereidingstijd zijn wij er nu nog mee

doende om dit goed voor te bereiden.

Zonder stemming wordt overeenkomstig het voorstel van burgemeester en wethouders

besloten.

21. Voorstel tot het beschikbaar stellen van een krediet ten behoeve van de aanleg van een

passantenhaven voor de recreatievaart alsmede ten behoeve van de renovatie van sluis 7 (bijlage nr.

273).

Het lid VAN ROOIJ (PvdA): Voorzitter! Het voorstel is uitvoerig in de commissie behan-

deld. Wij hebben daar geprobeerd om de zaken te ontkoppelen (sluis en toegang haven via Aarle-

Rixtel). Deze ontkoppeling werd ons ingegeven door het feit dat er door rijkswaterstaat een dead-

line was vastgesteld op 1 januari 2000 en naar aanleiding van een artikel in het Eindhovens Dag-

blad, waarin burgemeester Van Beers verklaarde dat hij de openstelling van de brug in Laarbeek

pas wilde bekijken, wanneer de PW205 gereed zou zijn. Dat gaat gebeuren halverwege het jaar

2001. Ik dacht dat wij dan ook nog zo'n anderhalf tot twee jaar de tijd zouden hebben om een

besluit te nemen over dit punt.

Ik heb in de commissie voorgesteld om alsnog met rijkswaterstaat contact op te nemen om

-23- 7 december 1999.

te bezien of er een afspraak is te maken over de restauratie van de sluis, die bij ons een hoge

prioriteit heeft. Achteraf heeft men er mij van kunnen overtuigen dat opnieuw onderhandelen met

rijkswaterstaat zinloos zou zijn. Wij staan dan ook voor een beslissing die niet omkeerbaar is. Als

wij tegenstemmen, dan verliezen wij de sluis in zijn oorspronkelijke staat en kunnen wij de overige

zaken niet realiseren.

Het is ons een prijs waard als de sluis, die een cultuurhistorische waarde heeft, gerenoveerd

gaat worden. Wij wensen echter niet in de situatie te verkeren dat wij een passantenhaven gaan

aanleggen, die over enkele jaren niet bereikbaar is. Dat willen wij niet meemaken.

Wij hebben de zaken goed tegen elkaar afgewogen. Zeggen wij op dit moment "nee" tegen

de passantenhaven, dan gaat rijkswaterstaat er volgens onze informatie toe over om een soort stuw

te maken om de waterstand te regelen in de Zuid-Willemsvaart. Aan de bevaarbaarheid komt dan

een einde. Zeggen wij "ja", dan is het risico aanwezig dat wij een onbereikbare passantenhaven

krijgen, als Laarbeek geen medewerking verleent. Het lijkt erop dat de medewerking door Laar-

beek niet zo enthousiast gegeven zal worden. Er is daar inmiddels een groep actief die het ge-

meentebestuur heeft geadviseerd de brug niet te openen, maar om zelf een- passantenhaven te

realiseren.

Wij staan voor het feit dat de raad een besluit dient te nemen, waar wij en rijkswaterstaat

mee uit de voeten kunnen. Wij hebben in het coalitieoverleg uitgebreid gesproken over deze zaak.

Wij willen instemmen met het voorstel onder de voorwaarde dat wordt toegezegd door het college

(ik dien daar geen amendement voor in; een toezegging van het college is voor mij heilig) dat pas

met de realisering van de passantenhaven wordt begonnen als met rijkswaterstaat en de gemeente

Laarbeek over het openen en bedienen van de brug in Aarle-Rixtel overeenstemming is bereik-t.

Daarbij heb ik het niet over een overeenstemming voor één jaar, maar over een overeenstemming

die geldt voor 25, 30 of misschien wel 50 jaar.

Het lid DAMS (VVD): Voorzitter! De kop van de raadsbijlage luidt: "aanleg passanten-

haven recreatievaart". Dat roept bij mij een aantal associaties op. Ik krijg een beeld voor ogen van

plezierjachten die naast elkaar afgemeerd liggen onder een ondergaande zon, terwijl de eigenaren

op het terras zitten van de bij het complex horende horecagelegenheid en onder het nuttigen van

een koel drankje genieten van het zacht klotsende water en het fluiten van de wind door de wanten.

De havemneester staat er genoeglijk bij en tracht het de passanten zoveel mogelijk naar de zin te

maken, want de haven staat immers bekend om zijn Bourgondische gastvrijheid. Passanten hebben

de moeite genomen om de omweg te maken, want in de Michelingids voor de recreatievaart staat

vermeld: "Deze haven is de omweg waard."

Bij het nader analyseren van de bijlage blijkt mijn beeld ver van de waarheid af te liggen.

Er komt een kale aanlegsteiger in een bedrijfsterreinachtige omgeving met enkel wat basale voor-

zieningen, een echte omweg om er te komen, beperkte doorvaartijden en een parttime havenmees-

ter. Kortom: niet echt aantrekkelijk en niet iets wat Helmond een verdere plaatsing op de toeris-

tische agenda biedt. Wellicht geef ik een zwartgallig beeld, maar o.i. is dit wel een realistische

schets. Als het alleen om de aanleg van een dergelijke aanlegsteiger zou gaan op deze locatie, dan

moge het standpunt van de VVD duidelijk zijn. Reeds eerder hebben wij immers gepleit voor een

inbedding van de voorziening in de ontwikkelingen op het Hatéma-terrein, waar het eerder ge-

schetste visioen wellicht wel te realiseren zou zijn.

Pas bij een grondige kennisname van de stukken blijkt de werkelijke doelstelling. Wij willen

sluis 7 als schutsluis in ere houden. Dit geeft voor de toekomst flexibiliteit. Bovenal begint echter

het besef door te dringen dat deze sluis een cultuurhistorische waarde heeft. Dat de sluis nog niet

op de gemeentelijke monumentenlijst geplaatst is, verbaast ons overigens. De VVD wil de renova-

tie van dit monument niet belemmeren, ook niet als dit impliceert dat een goedkoop uitgevoerd

aanlegsteigertje daarvoor de kar moet trekken.

Wij wijzen erop dat er nog altijd onzekerheid bestaat over de bereidwilligheid van Laarbeek

om medewerking te verlenen (en de voorwaarden waaronder) aan de openstelling van de brug in

Aarle-Rixtel. Aan onze goedkeuring aan dit raadsbesluit willen wij dan ook de voorwaarde verbin-

den dat, alvorens vanuit Laarbeek de volledige medewerking onder voor Helmond aanvaardbare

randvoorwaarden wordt verleend aan de openstelling van de brug, geen aanvang gemaakt mag

worden met de aanleg van de passantenvoorziening.

Onze voorkeur blijft naar de toekomst toe nog altijd uitgaan naar inbedding van de haven in

de ontwikkelingen op het Hatéma-terrein.

Het lid FERWERDA (D66): Voorzitter! De wethouder kan een gebrek aan doorzettings-

-24- 7 december 1999.

vermogen niet worden verweten, want de passantenhaven komt voortdurend terug. Hoe is het

overigens met het bootje Jama, dat wij hebben aangeschaft? Is het al verschroot? Volgens mij komt

dat ding immers nooit tegenover de Veestraatbrug te liggen.

Mevrouw Jurrius sprak mij laatst in een téte-á-téte aan met de vraag: Zijn jullie niet voor de

renovatie van een cultuurhistorisch monument? Natuurlijk zijn wij daarvoor. Wij zijn ertegen dat

dit gekoppeld wordt aan een passantenhaven die wij echt volstrekte onzin vinden. Overigens is de

informatie van de heer Van Rooij nieuw dat deze koppeling noodzakelijk zou zijn. Er komen

slechts enkele mensen in de passantenhaven. Deze straalt niets uit voor het citygebied. Je moet als

schipper nog een behoorlijk eind lopen voor je drankje.

Wij zijn vóór de renovatie van sluis 7, maar als deze gekoppeld wordt aan de aanleg van de

passantenhaven, dan moet ik nog even diep nadenken.

Het lid VAN HEUGTEN (CDA): Voorzitter! Na het mooie sfeerbeeld van de heer Dams en

het zwartgallige beeld van de heer Ferwerda, willen wij proberen een wat genuanceerd perspectief

op voorliggend voorstel te werpen.

Het lid FERWERDA (D66): De heer Van Heugten wil toch niet zeggen dat mijn standpunt

niet genuanceerd was.

Het lid VAN HEUGTEN (CDA): Nee, maar het was wel zwartgallig.

In onze ogen zijn er drie aspecten verbonden aan het voorstel als het gaat om de aanleg van

de passantenhaven en de renovatie van sluis 7: het historische, het functionele en het kostentechni-

sche aspect.

Vanuit historisch perspectief bezien is het een uitermate goede zaak dat sluis 7 als schutsluis

bewaard blijft en dat de renovatie daarom doorgang kan vinden. In de commissievergadering is

overigens gebleken dat men daar raadsbreed voor voelt.

Het lid KLAUS (SP): Volgens mij hadden wij het toen wel over restauratie. Willen wij het

historische aspect bewaren, dan moeten wij restaureren.

Het lid VAN HEUGTEN (CDA): Ja, maar er is aangegeven dat de eerste stap zal zijn het

functionele behoud van de sluis. Wellicht kan op een latere termijn een verdere cultuurhistorische

restauratie plaatsvinden. Om geen onomkeerbare besluiten te nemen, moeten wij nu al beginnen

met de functionele renovatie.

Verder speelt hier het functionele aspect. De stad kiest voor het kanaalscenario. Er wordt

veel geld in geïnvesteerd om het oude kanaal een bepaalde plaats in de stad te geven. Dan moet je

ook niet te zuinig doen over een stukje haven aan de noordzijde van de Julianabruggen. De functie

van het kanaalpand na sluis 7 moet een bevaarbare blijven, zodat het kanaal voor evenementen en

een stukje toerisme in gebruik kan blijven. Of je daarmee het mooie beeld bewaarheidt dat de heer

Dams schetste, is de vraag. Recreanten in Zuid-Nederland hebben moeite om dit soort plaatsen

iedere dag te kunnen bereiken.

Bevordering van toerisme is beleid van de stad. Het voorliggende voorstel past hierin.

Een laatste en zeker niet onbelangrijk aspect is het kostentechnische aspect. Wij zien het

voorstel als het uitwerpen van een spierinkje om een heel grote vis binnen te halen. Per saldo

investeert Helmond f 49.000,--. Daarvoor krijgt het terug een passantenhaven, een gerenoveerde

sluis 7 en f 520.000,-- in de algemene reserve. Wij kunnen hier een bijzonder goed multipliereffect

bereiken. Wij hebben dan ook geen moeite om het voorstel te steunen.

Ten aanzien van de locatie voor de passantenhaven is een aantal locaties in beeld geweest.

De voorgestelde locatie kan onze goedkeuring wegdragen, mede vanwege het feit dat rijkswater-

staat en de Stichting Recreatietoervaart Nederland hun oordeel hebben gegeven en vinden dat de

locatie in het kader van de recreatietoervaart een goede locatie zou kunnen zijn.

In de besluitenlijst van het college is nadrukkelijk de voorwaarde gesteld dat met de aanleg

pas begonnen wordt nadat met rijkswaterstaat over het betreffende kanaalpand en met de gemeente

Laarbeek over de openstelling en bediening van de brug in Aarle-Rixtel overeenstemming is

bereikt. Wij zien graag dat deze voorwaarde vanavond bevestigd wordt door het college.

Wij gaan er vanzelfsprekend van uit dat de dienst Stadsbeheer de activiteiten en werkzaam-

heden die verband houden met het bedienen van bruggen en het onderhoud van de haven zoveel

mogelijk in zal gaan vullen door middel van bijvoorbeeld een Melkert-baan. Ik heb begrepen dat de

perspectieven daar gunstig voor zijn.

-25- 7 december 1999.

Vanuit diverse oogpunten bezien, vinden wij dit een goed voorstel.

Het lid KUIJPERS (HSP): Mijnheer de voorzitter! Ik ga niet in op de laatste commissiever-

gadering. Dat heeft de heer Van Rooij al gedaan. Daar hebben wij ons standpunt naar voren

gebracht. Wij zijn bijzonder blij dat er een passantenhaventje zal komen, als de gemeente Laarbeek

meewerkt. Ze heeft mij verteld dat ze meewerkt.

Het passantenhaventje kan heel eenvoudig geplaatst worden. Wij vinden het een mooie

promotie voor Helmond en een mooie invulling van de kanaalzone en de omgeving daarvan. Met

medewerking van het VVV-promotieteam, dat gesubsidieerd wordt door de gemeente Helmond,

kan het passantenhaventje een mooi gebeuren zijn voor Helmond. Men moet door de sluis naar

Helmond komen. Wanneer er geen haventje komt, zie ik problemen waar het de koppeling betreft.

Er is iemand bereid gevonden om met een mooie tjalk, die op de monumentenlijst staat, drie

maanden ter plekke te gaan liggen. Hij wil er geheel gratis, op vrijwillige basis, medewerking

verlenen aan het openen van de sluizen en eventueel de brug.

De heer Dams stelt dat het leuk is om te genieten van een drankje in de haven. Ik nodig

hem bij dezen uit op het Havenplein. @

De VVV Helmond heeft een jaar of vier geleden gewerkt met bootjes. Dat ging fantastisch.

De watervoorziening wordt gratis aangebracht door Obragas (dat zal nu wel de WOB zijn). Hoe

staat het met de Jama? Die willen wij graag gebruiken voor festiviteiten bij de haven, bijvoorbeeld

het Jazz-festival. Dan kunnen wij er een orkestje op zetten.

Het lid RIETER (Helmondse Belangen): Voorzitter! Ik hoop dat de zinsnede van de heer

Kuijpers ten aanzien van de gemeente Laarbeek is genotuleerd, want daarmee is de zorg van PvdA,

CDA en VVD weg. De heer Kuijpers heeft het al rond met Aarle-Rixtel!

Het lid VAN ROOIJ (PvdA): Dan krijgen wij pas zorgen, als hij zijn zin krijgt!

Het lid RIETER (Helmondse Belangen): Als wij de media mogen geloven, komt er een

jachthaven. Ik zag Helmond Sail al voor me. Wij praten echter over een passantenhaven.

Investeren voor passanten of met andere woorden: geld uitgeven voor mensen die even

langskomen. Het moge duidelijk zijn dat het hier gaat om een gevoelig onderwerp. Die indruk

kreeg ik in ieder geval in de commissievergadering. Ik had het genoegen daar mijn collega Smits te

mogen vervangen en een lans te mogen breken voor de sluis en het stukje kanaal.

Wat zijn de baten uiteindelijk voor de investeerders Deze vraag zal door elke econoom

direct naar voren worden gebracht. Het is een vraag die natuurlijk ook door politiek verantwoorde-

lijken moet worden gebezigd. Passantenhaven Helmond: wat levert deze op? De haven geeft

ongetwijfeld een toeristische waarde voor passanten en de Helmondse recreant. Helmond wordt

voor de recreatieve watervrienden nautisch weer op de kaart gezet. Helmond blijft aan de noord-

kant in ieder geval tot aan de Julianabruggen redelijk bereikbaar voor de scheepvaart. Toerisme -

in dit geval watertoerisme - is een onderwerp dat volgens de kernstadsvisie meer aandacht moet

krijgen.

De relatie met buurgemeente Laarbeek krijgt positieve impulsen wanneer ze erin toestemt de

brug periodiek open te stellen. Op dit punt ligt toch de grootste zorg die Helmondse Belangen ook

in de commissie uitsprak.

Wij krijgen er een brug bij. Een brug meer of minder maakt voor politiek Helmond niets

uit, gelet op het aantal bruggen in de kanaalzone. Ook bestaat de mogelijkheid om brugopbouwen

die toch al geen nautische dienst meer deden, te amoveren. Tijdens vorige begrotingsbehandelingen

hebben wij het college daar reeds op gewezen. Amoveren of slopen heeft de NS inmiddels ook

ontdekt, gelet op de plotselinge verwijdering van de NS Spoorbrug afgelopen weekend. Die had

wat ons betreft misschien juist wel mogen blijven staan, vanwege een cultuurhistorische waarde die

vergelijkbaar is met die van de sluis.

Wij krijgen een rijkssubsidie om de monumentale sluis 7 te renoveren, met als mogelijkheid

deze uiteindelijk te restaureren. Dit onderwerp haakt perfect aan bij de kernstadsvisie, waarin is

opgenomen dat er meer oog moet zijn voor monumentale waarden binnen onze stadsgrenzen.

Er zitten diverse voordelen aan het plan, maar er zijn natuurlijk ook nadelen. Collega-

fracties schermen naast de investering, met de jaarlijks terugkomende onderhoudskosten. Voor-

aleerst moet worden geconstateerd dat de budgetten voor de sluis en het kanaal voor de eerst-

komende 30 jaar zijn afgedekt. Daarbij komt dat het onderhoudsbudget voor de Laarbeekse brug

wordt over eheveld. Dan resten de iaarliikse onderhoudskosten voor de passantenhaven. Als wij

9

-26- 7 december 1999.

deze afzetten tegen de onderhoudskosten voor de kanaalzone of de investering voor de parkbrug,

die inmiddels alleen bestemd is voor de ontsluiting voor enkele vrachtwagens, dan hebben wij het

o.i. hier over peanuts. Mocht de Laarbeekse raad alsnog besluiten de brug aan de ketting te leggen,

dan kunnen wij de plannen voor de passantenhaven altijd nog naar het zuiden verplaatsen, waarbij

de gemeente Helmond een gerenoveerde en hopelijk in de toekomst ook gerestaureerde sluis 7 in

prima conditie en met toeristische waarde overhoudt. De voormalige passantenhaven kan dan

wellicht dienst doen als blijvende ligplaats voor bijvoorbeeld woonboten als de Nova Zembla.

Het lid WIJNEN (SDH): Voorzitter! Wij hadden evenals andere partijen liever gezien dat

beide zaken niet aan elkaar gekoppeld waren geweest. Dan was het wat gemakkelijker geweest.

Wij hebben al meerdere malen gezegd dat wij in de aanlegsteiger, zoals wij de passanten-

haven noemen, niet direct een toegevoegde waarde zien. Wij zien die naar de toekomst toe niet

zitten. Wij zien liever een echte jachthaven. Wij hopen dan ook dat het college wel degelijk, als de

mogelijkheden zich voordoen, ten aanzien van het terrein van Gamma Holding serieus zal meene-

men of daar een echte jachthaven gecreëerd kan worden. Dan slaan wij o. i. een goede slag.

Wij hebben gisteren binnen de fractie uitgebreid gesproken over voorliggend voorstel,

waarin passantenhaven en renovatie van de sluis zijn gekoppeld. Als de sluis definitief dicht moet

als wij "nee" zeggen, dan willen wij het niet op ons geweten hebben dat wij nu "nee" zeggen. Wij

willen de sluis graag open houden, als is het maar voor incidentele gevallen

Is het geld dat wij krijgen voor de renovatie wel voldoende? In de notitie staat namelijk dat

sluis 7 als zeer slecht staat aangemerkt. Ik hoop dat wij de sluis inderdaad voor het beschikbaar

gestelde geld kunnen renoveren en dat wij niet later een extra budget beschikbaar moeten stellen

om deze op te knappen. Dat zou ik vervelend vinden.

De aanleg van het passantenhaventje moet ook naar onze mening gepaard gaan met de

voorwaarde die al door de heer Van Rooij is genoemd.

Het lid PRAASTERINK (Ondernemend Helmond): Voorzitter! Ik sluit me volledig aan bij

de woorden die mijn buurman Van Heugten naar voren heeft gebracht. Ook ik ben de mening

toegedaan dat wij reële zaken doen voor f 50.000,--. Hadden wij destijds de Jama niet gekocht, dan

hadden wij f 35.000,-- bespaard en dan had het ons maar f 15.000,-- gekost. Wat gebeurt er met de

Jaina?

Het lid mevrouw MEINARDI (GroenLinks): Voorzitter! Wij zijn in principe niet tegen een

passantenhaven. Wij verwachten er echter niet zoveel van op de locatie ten noorden van de Juliana-

bruggen dat de offers die hier gebracht moeten worden het waard zijn. De locatie ten noorden van

de Julianabruggen draagt te weinig bij aan de levendigheid in het centrum, waar het eigenlijk om te

doen is. Dat iemand drie maanden lang twee keer per dag klaar moet staan om indien nodig de

brug in Aarle-Rixtel en sluis 7 te bedienen en liggeld te innen, gaat ons te ver. De jaarlijks terug-

kerende kosten en de afhankelijkheid van de gemeente Laarbeek waar het gaat om de openings-

tijden, zijn een extra reden om tegen deze locatie te zijn.

Los hiervan is er binnen GroenLinks draagvlak voor de renovatie van sluis 7. Het voort-

bestaan van de sluis kan voor recreanten heel aantrekkelijk zijn, zeker voor de mensen die aan

weerszijden van de sluis fietsen of wandelen. Daar liggen mooie gebieden, waar veel gefietst en

gewandeld wordt. Deze mensen zouden erg gebaat zijn bij, een oversteekmogelijkheid over de sluis.

Wij verzoeken het college om bij een eventuele renovatie een mogelijkheid tot oversteek voor

fietsers en wandelaars te maken.

Het lid KLAUS (SP): Voorzitter! In reactie op de laatste opmerking van mevrouw Meinardi

merk ik op dat de sluis destijds is afgesloten vanwege het gevaar voor schoolkinderen bij het

oversteken.

Toeristenstad Helmond is, naar ik heb begrepen, voor de toekomst geen probleem meer.

Wij krijgen drie maanden lang vijf (dat was het maximum) pleziervaarders per dag. Er komt een

tjalk te liggen. Ik heb van de wethouder begrepen dat er antieke boten door het kanaal gaan varen.

Er komen verder ook over het flitsfietspad vast vijf fietsende toeristen: het kan niet meer kapot!

De SP is van begin af aan tegen het plan geweest om een haven aan te leggen. Wij zien daar

het nut niet van in. Naar ons idee nemen pleziervaarders niet de moeite om die afstand te gaan

varen, terwijl ze onderweg op diverse andere plaatsen aan kunnen leggen en daar gemakkelijk hun

boodschappen kunnen doen. Wat de mensen per se naar Helmond zou laten varen: wij vragen het

ons af.

-27- 7 december 1999.

Ik heb begrepen dat er inmiddels een flink aantal fracties om is vanwege de sluis. Ik vind

dat de koppeling nu, een maand voor het verstrijken van de deadline, erg ongelukkig is gekomen.

Dat zet mensen onder druk om een beslissing te nemen. Als de passantenhaven er niet komt, rest

de vraag of wij de sluis moeten handhaven vanwege de historische waarde. Als dat zo is, dan moet

je restaureren in plaats van renoveren. Het gaat hier om renoveren. Ik kan me haast niet voorstellen

dat het elkaar niet bijt als je de brug eerst renoveert en deze daarna wilt restaureren. Financieel

gezien zal het een flinke investering vragen om de brug dan alsnog te restaureren. Als restauratie

nu niet aan de orde is, dan hebben wij het over renoveren ten behoeve van Sinterklaas een keer per

jaar en mogelijkerwijs ooit voor de doorgang van antieke boten en vijf pleziervaarders. Daar zien

wij het nut niet van in.

Wij zullen tegen het voorstel stemmen.

Het lid HESEN (wethouder): Voorzitter! Ik ben blij dat verschillende fracties nog eens goed

hebben gekeken naar het voorstel, dat in feite ook heeft voorgelegen in de commissie. De kern van

de investering die hier wordt voorgesteld, ligt in de investering in sluis 7. Deze sluis is er op dit

moment heel slecht aan toe. In het contract met de staat hebben wij afgesproken dat die zou worden

afgesloten, waardoor een doorgang niet meer mogelijk zou zijn. Na beraadslaging in de commissie

hebben wij andermaal de kansen proberen te zoeken om de doorgang door de sluis te garanderen.

Dit stond voor ons centraal. Dat is de reden dat ik de commissie indringend heb gevraagd om

verder te kunnen gaan met die exploratie. Dit hebben wij kunnen doen op grond van het feit dat de

staat in zijn beleidsplan de wens heeft geuit om in Helmond een rustpunt te maken voor de water-

recreanten. Ingaand op die kans hebben wij het gedaan gekregen dat rijkswaterstaat bereid was om

te investeren in sluis 7. Dan moet er natuurlijk wel een functie voor zijn. Die functie werd gevon-

den in de eigen beleidsplannen van rijkswaterstaat. Dat heeft uiteindelijk de meerwaarde gegeven,

waardoor wij een combinatie konden vinden tussen enerzijds de behoefte aan een passantenrustpunt

bij rijkswaterstaat en de Stichting Recreatietoervaart Nederland en anderzijds de behoefte van

Helmond om de sluis niet voor de eeuwigheid af te sluiten, maar Helmond ook van de noordkant

benaderbaar te laten. Dit voorstel bood daartoe de kans. Ik ben blij dat de raad dit belang erkend

heeft.

De koppeling tussen de functie van de passantenhaven en de renovatie van de sluis is er van

meet af aan geweest. Zo is er ook de vereiste geweest om met alle betrokken partijen overeenkomst

te bereiken. De fracties hebben volledig gelijk wanneer ze opmerken dat geen passantenhaven moet

worden aangelegd als wij het risico lopen dat er geen bootje komen kan. De Stichting Recreatie-

toervaart Nederland, die de haven voor tweederde financiert, stelt deze eis natuurlijk ook. De

volgtijdelijkheid is dan ook zoals de heer Van Heugten die heeft aangegeven. Wij leggen de

passantenhaven pas aan als volstrekt helder is dat deze bereikbaar zal zijn. Die aanleg volgt natuur-

lijk op het renoveren en mogelijk restaureren van sluis 7. Wij hebben er in de commissie al wat

uitspraken over gedaan hoe een en ander zou kunnen plaatsvinden. Wat tijd betreft hoeft er m.i.

JJ geen grote tegenspraak te zijn tussen onze insteek en de uitspraken die door burgemeester Van

Beers van Laarbeek zijn gedaan. Wij kunnen elkaar daarin tegemoet komen.

Ik zeg toe dat de voorwaarde zal gelden die door verschillende sprekers is geformuleerd.

Het tijdstip van de aanleg van de passantenhaven zal bepaald worden door de overeenstemming die

ten volle en voor een geloofwaardige tijdsperiode wordt bereikt met de gemeente Laarbeek en de

Stichting Recreatietoervaart Nederland.

Zonder stemming wordt overeenkomstig het voorstel van burgemeester en wethouders

besloten.

De leden van de fracties van SP en GroenLinks en de heer Ferwerda verkrijgen op hun

verzoek aantekening in de notulen dat zij zich met de genomen beslissing niet hebben verenigd.

22. Voorstel tot het beschikbaar stellen van een krediet ten behoeve van het bouwrijpmak n van de

hoek Markt/Ameidewal (bijlage nr. 264).

Zonder stemming wordt overeenkomstig dit voorstel van burgemeester en wethouders

besloten.

23. Voorstel tot het beschikbaar stellen van een krediet ten behoeve van het aanlichtingsplan Helinond

(bijlage nr. 2W.

-28- 7 december 1999.

Het lid RIETER (Helmondse Belangen): Voorzitter! Er worden voorbeelden genoemd met

betrekking tot het aanlichtingsplan. Wij vragen ons af of deze opsomming limitatief is. Wij zouden

er andere gebouwen en objecten aan toe willen voegen, zoals Boscotondo, de watertoren, Zeezicht,

West-End, Valentyn en Vlisco 1911 (sinds oktober jl. rijksmonument). Deze zijn alle gelegen in de

beeldbepalende kanaalzone.

De VOORZITTER: Dames en heren! De opsomming is zeker niet limitatief bedoeld. Of

alles erin opgenomen wordt wat de heer Rieter nu noemt, waag ik echter te betwijfelen.

Het lid KUYPERS (Ondernemend Helmond): Voorzitter! Wij juichen het toe dat op aan-

vraag van een lid van onze fractie enkele jaren geleden zoveel gebouwen nu in het licht komen te

staan. Ik denk dat dit een goed aanzicht zal zijn voor Helmond.

Zonder stemming wordt overeenkomstig het voorstel van burgemeester en wethouders

besloten.

24. Initiatiefvoorstel van de fractie Helmondse Belangen inzake het publiceren van kapvergunningen

(bijlage nr. 277).

Het lid RIETER (Helmondse Belangen): Voorzitter! Waarom maken wij ons in politiek

opzicht toch zo druk om bomen? Wij kunnen hier een boom opzetten over het belang van bomen:

het milieubelang, de ecologische waarde, de landschappelijke waarde, de stedenbouwkundige

waarde enz.

Bomen hebben een belang met betrekking tot de openbare ruimte. In de openbare ruimte

heeft ieder zijn of haar belang. Helmondse Belangen. Wanneer er wijzigingen in de openbare

ruimte plaatsvinden, zijn velen geïnteresseerd. In de gemeente Helmond zijn er momenteel voor-

beelden te over. Welke? De kap van de bomen in de kanaalzone, de tulpenboom in Stiphout, de

verplaatste Havenpleinbomen naar Helmond-Noord en zelfs naar Eindhoven, de eikenbomen op 't

Hout, het Kasteelpark, de seniele boompjes op het Speelhuisplein of de maatregelen voor de

bestrijding van de eikenprocessierups.

Het is naar de inzichten van Helmondse Belangen toch niet meer dan billijk dat het college

vanuit de achtergronden van behoorlijk bestuur de nodige informatie verstrekt wanneer de openbare

ruimte veranderingen ondergaat vanwege bijvoorbeeld het hakken van bomen.

Ook dienen particulieren op de hoogte te zijn van de noodzaak van een kapvergunning.

Eigenaren van gemeentelijke of particuliere bomen kappen deze met een bepaalde reden. Als deze

reden legitiem is, dan behoeft publicatie geen beletsel te zijn. Behoorlijk bestuur: informeren door

publiceren.

Een geïnformeerde burger telt naar onze inzichten voor twee. Mogelijk zullen raads- en

commissieleden vanwege slaapgebrek geen verwijten meer krijgen wanneer er beeldbepalende

bomen verdwijnen. Informeren is in ieders belang.

Als wij alle argumenten van het college om niet over te gaan tot informatie dan wel publi-

catie achter elkaar zetten, dan concluderen wij dat de afdelingen juridische zaken en stedelijk

beheer diverse registers hebben moeten open trekken. Onze vraag is: Welk belang heeft het college

erbij om geen informatie te verstrekken? Hoe kunnen geïnteresseerde burgers weten wanneer het

college overgaat tot het omhakken en herplanten van bomen? Bellen, brieven schrijven, actie-

groepen opzetten?

Hou het simpel! Gebruik de gemeentelijke pagina in de Traverse, door onder de paragraaf

"aanvraag bouwvergunning" ook de aanvragen voor kapvergunningen te plaatsen, zoals in heel

veel Nederlandse gemeenten al veel langer gebeurt. Het ontgaat ons geheel waarom dit kostenver-

hogend zou werken.

Wij verzoeken het college om een bomenverordening op te zetten. Het moge duidelijk zijn

dat de VNG haar leden, waaronder de gemeente Helmond, in 1994 een modelbomenverordening

heeft toegezonden om bijvoorbeeld vanuit de Boswet, APV's enz. een herkenbaar kapbeleid te

formuleren. Waarom het college in 1994 geen invulling heeft gegeven aan de uitwerking van het

VNG-model is voor ons niet duidelijk. Of staat paragraaf 6 in de modelverordening het college niet

aan, waarin standaard de publicatieplicht is opgenomen?

Resumerend willen wij stellen dat vanuit de achtergrond van behoorlijk bestuur tot publica-

tie van kapvergunningen dient te worden overgegaan en het kapbeleid van de gemeente Helmond

-29- 7 december 1999.

(naast de bestaande APV-artikelen) beleidsmatig zou moeten aansluiten op het VNG-model bomen-

verordening. Wij roepen de andere fracties op ons initiatiefvoorstel te steunen. Wij verzoeken u het

initiatiefvoorstel voor stemming voor te leggen.

Het lid VAN HEUGTEN (CDA): Voorzitter! Wil de heer Rieter zeggen, als hij stelt dat het

niet publiceren van kapvergunningen een vorm van onbehoorlijk bestuur is, dat driekwart van de

Nederlandse gemeenten zich schuldig maakt aan onbehoorlijk bestuur?

Het lid mevrouw MEINARDI (GroenLinks): Voorzitter! Wij vinden het geen goede proce-

dure dat nu in de raad beslist moet worden over een belangrijk probleem. De kwestie van de

kapvergunningen is te belangrijk om onvoorbereid in behandeling te nemen. De oplossing die het

initiatiefvoorstel biedt is niet de enige, de juiste of de beste oplossing voor het probleem. Heknond

heeft nu een kapverordening in de APV opgenomen, maar de bepalingen worden zodanig gelezen

en geïnterpreteerd dat de publicatieplicht niet van toepassing wordt geacht. Men publiceert alleen

aanvragen voor het kappen van gemeentelijke bomen op verzoek van particulieren, terwijl uit

jurisprudentie blijkt (die informatie heh ik ook van de Bomenstichting) dat publicatieplicht vaak wel

bestaat. Achteraf legt de rechter deze plicht toch vaak op.

Veel gemeenten zijn op het ogenblik hiermee aan de gang. De Bomenstichting krijgt heel

veel telefoontjes. Naar aanleiding daarvan is ze bezig een boekje op te stellen voor met name

ambtenaren. Dat boekje heet "Boornbeleid" en zal halverwege het jaar 2000 beschikbaar zijn.

De VNG heeft een mogelijkheid om de gemeente te helpen bij het in de APV regelen van

wat een gemeente wil. Er zijn echter ook gemeenten die gewoon de verordening van de Bornen-

stichting overnemen. Er zijn ook veel gemeenten die daar hun eigen invulling aan toevoegen.

Onze opvatting is dat wat er nu in Helmond gebeurt te beperkt en te minimaal is en niet

meer past in deze tijd. De publicatieplicht moet worden uitgebreid met name ook tot gemeentelijke

bomen. Over de beste manier om tot deze uitbreiding te komen, willen wij meer informatie, zodat

wij een goede afweging kunnen maken. Wij moeten streven naar een op onze gemeente afgestemde

verordening, die meer open en controleerbaar is, maar ook door ambtenaren als een verbetering

wordt gezien.

Laten wij de zaak beter voorbereiden en er dan in de commissie over praten.

Het lid KLAUS (SP): Voorzitter! Het college geeft in de stukken een juridisch verhaal over

kapvergunningen. Bij bouwvergunningen wordt de zorgvuldigheid betracht om bij aanvraag van

een vergunning deze ook te publiceren, zodat andere mensen de mogelijkheid hebben om daartegen

in beroep te kunnen gaan. Waarom moet in dit geval voor de zorgvuldigheid wel een kapvergun-

ning aangevraagd worden, maar blijft publicatie achterwege, waardoor andere mensen er hun zegje

over kunnen doen?

De VOORZITTER: Dames en heren! Ik zal namens het college antwoorden, omdat het gaat

om de APV, de consequenties daarvan en eventuele wijzigingen daarin.

Het college vindt dat het een essentieel verschil uitmaakt of het gaat om bomen in de

openbare ruimte (gemeentelijke bomen) of om particuliere bomen. Wij lijden in Nederland aan een

overgrote mate van regelgeving. Wij vinden dat wij daar geen verdere bijdrage aan moeten leveren.

Het openbare domein is het publieke domein. Dat betekent dat burgers er recht op hebben om te

weten wat daar gebeurt. Wij publiceren dan ook wat er daar gaat gebeuren. Dat doet de gemeente

in een bomenrooilijst voor de hele gemeente, voor zover de gemeente bomen gaat rooien. Dat doet

de gemeente ook waar burgers vragen gemeentelijke bomen te rooien. Voor deze twee categorieën

zien wij de publicatieplicht als een belangrijke plicht, omdat deze het publieke domein betreffen.

Het college wil duidelijk een cesuur leggen tussen publiek en privaat. Het gaat ons te ver

om te stellen dat ook voor particuliere tuinen een publicatieplicht zou gelden. Ik vind dat een vorm

van modern gluurderschap, die naar de mening van het college echt te ver gaat.

Het lid KLAUS (SP): Voorzitter! Wij vragen de mensen wel om een kapvergunning aan te

vragen voor het kappen van een boom op particulier terrein. Vervolgens bepaalt een ambtenaar of

het al dan niet gerechtigd is de boom om te kappen. U geeft aan dat er geen belang is voor andere

burgers, maar volgens mij is een grote boom een publiek domein. Die heeft een aantal functies. Het

college betracht dan niet de zorgvuldigheid om andere burgers in de gelegenheid te stellen hun

zegje daarover te doen. De ambtenaar heeft daarin de verantwoordelijkheid over wat er is toege-

staan met de boom.

-30- 7 december 1999.

De VOORZITTER: Nee. De afweging komt dan bij de gemeente te liggen en niet bij de

buurt die toevallig wel of niet zin heeft om een boom door de buurman te laten kappen. Wij zouden

het volstrekt ten onrechte vinden als dit zou gebeuren. Dat is een belangenverstrengeling die niet

aan de orde hoort te zijn. Als u iets van burenruzies en de oorzaken daarvan weet - en daar weet

het college iets van - dan moeten wij daar zeker geen bijdrage aan leveren.

Het lid KLAUS (SP): Met dit verhaal houdt u geen enkele burenruzie tegen. Ik kan zo al

garanderen dat, als een ambtenaar zou zeggen dat een monumentale boom op particulier terrein

omgekapt zou mogen worden, de buurt daartegen in opstand komt.

De VOORZITTER: Voor het kappen van een monumentale boom krijgt ook een particulier

van dit college geen vergunning. Het gaat vaak over die discutabele zaken, waarin wij vinden dat

iets moet kunnen, omdat iemand zijn woning wil uitbreiden of een serre wil aanbouwen. Wij

vinden het echt te ver gaan als de buurt, die de betrokken persoon wel of niet welgevallig is, daarin

dwars rijdt. Dit hoort een afweging te 'Zijn die door de gemeente gemaakt wordt en niet beïnvloed

behoort te zijn door de gezindheid van de buurt. Daarom handhaven wij de cesuur tussen publek en

privaat domein en willen wij aan deze zaak niet meewerken.

Het lid SMITS (Helmondse Belangen): Voorzitter! U heeft aangegeven dat u zich ervoor wil

inzetten kapvergunningen met betrekking tot de openbare ruimte te publiceren. Wanneer weten wij

wanneer een kapvergunning wordt verleend, bijvoorbeeld voor de eikenbomen op de Noord-

Parallelweg? Wanneer weten wij wanneer de monumentale boom in Stiphout wordt gehakt?

De VOORZITTER: Wij komen met voorstellen om bomen te kappen, als dat aan de orde is.

Zo was er vanavond een voorstel aan de orde om ten behoeve van een fietspad bomen te kappen.

De raad heeft daar een afweging in gemaakt.

Het lid SMITS (Helmondse Belangen): Daar heeft u gelijk in. Hoe weet echter de gewone

burger, die vanavond niet aanwezig is geweest, dat de kapvergunning wordt verleend, zodat hij een

bezwaar kan indienen?

De VOORZITTER: Jaarlijks wordt gepubliceerd welke bomen de gemeente van plan is te

rooien. Dat is toegezegd. Bovendien worden gepubliceerd de bomen in het publieke domein die

worden gerooid op verzoek van burgers. Het gaat om het publieke domein. Daar mogen burgers

uiteraard hun mening over hebben. Het gaat ons evenwel te ver dat ze hun zegje zouden mogen

doen over het tuintje van de buurman.

Het lid SMITS (Helmondse Belangen): Als de reden legitiem is, is er geen probleem. Ik heb

vandaag contact gehad met een medewerker van de bestuursrechter in Den Bosch. Die zegt dat hij

niet eerder aan de slag kan dan wanneer hij weet wanneer een kapvergunning is verleend. Hij moet

dan bellen of een brief schrijven om de bestuursrechter van informatie te kunnen voorzien, zodat de

zaak in gang kan worden gezet. Dat is een heel rare situatie.

De VOORZITTER: Ik heb niets toe te voegen aan het standpunt van het college.

Wij maken een duidelijk onderscheid tussen het publieke domein en het private domein.

Voor wat betreft het publieke domein publiceren wij wat wij van plan zijn te doen. Daarbij gelden

procedures. In het private domein verlenen wij wel of niet een kapvergunning op basis van een

objectieve weging en niet op basis van subjectieve oordelen van een willekeurige burger.

Het lid RIETER (Helmondse Belangen): Ons voorstel was er louter om te doen datgene te

voorkomen wat ons en met ons de Helmondse bevolking in februari is overkomen. Ondanks het feit

dat wij het misschien hadden kunnen weten, zijn er 19 lindes (door de media eiken genoemd)

gekapt.

Ik mag begrijpen uit uw toelichting dat in een bomenrooilijst van tevoren wordt aangegeven

welke bomen in het publieke domein het college voornemens is te kappen, hetzij op verzoek van

gemeente, hetzij op verzoek van bewoners. Dat was het doel van ons voorstel.

De VOORZITTER: Die toezegging heeft u destijds al gekregen. Als gevolg van het inisver-

-31- 7 december 1999.

stand dat er is geweest, hebben wij gezegd dat wij dit voor de toekomst zullen voorkomen door

jaarlijks een bomenrooilijst te publiceren. U bent op uw wenken bediend. Nogmaals, het gaat ons

erom dat wij daarbij niet het private domein willen betrekken.

Het lid RIETER (Helmondse Belangen): Ik kan me voorstellen dat zich in september

ontwikkelingen voordoen, waarbij het college voornemens is bomen te rooien die niet op de lijst

staan.

De VOORZITTER: Dan publiceren wij.

Het lid RIETER (Helmondse Belangen): Prima. Met die toezegging, trekken wij heel graag

ons initiatiefvoorstel in.

De VOORZITTER: Nou, dan hadden wij ons een hoop moeite kunnen besparen!

Ik constateer dat het initiatiefvoorstel is ingetrokken.

25. Voorstel tot vaststelling van de 100', 103', 108', 113'. 117' t/m 123 e en 126' wijziging van de

gemeentebegroting 1999 en de 7' wijziging van de gemeentebegroting 2000 (nr. 100 betreft star-

tersloket Helmond, nr. 103 betreft inzet intranet als intern communicatiemiddel, nr. 108 betreft

IJ krediet skatevoorziening Qp sportpark De Braak, nr. 113 betreft krediet bodemzoneringskaart, nr.

117 betreft tv-programma Baanbrekend; nr. 118 betreft aWassing balie l' fase stadskantoor, nr.

119 betreft krediet wetswijziging bromfietsers op de rijbaan; nr. 120 betreft krediet aanlichtings-

plan Helmond, nr. 121 betreft krediet fietsroutoroject 1999; nr. 122 betreft krediet actiolan

verkeersruimten 1999; nr. 123 betreft krediet bouwrijl2maken Markt/Ameidewak nr. 126 betreft

kunstobject centrum Dierdonk, nr. 7 betreft krediet aanleg passantenhaven en renovatie sluis 7).

Zonder stemming wordt overeenkomstig het voorstel van burgemeester en wethouders

besloten.

De leden van de fractie van Helmondse Belangen verkrijgen op hun verzoek aantekening in

de notulen dat zij zich met de genomen beslissing niet hebben verenigd voor wat betreft de 121'

wijziging.

26. Ingekomen stukken en mededelingen behorende bij de agenda voor de vergadering van de

gemeenteraad van 7 december 1999.

Met betrekking tot de ingekomen stukken en mededelingen wordt zonder stemming besloten

overeenkomstig hetgeen daaromtrent door burgemeester en wethouders is voorgesteld.

Ie AANVULLINGSAGENDA.

1. Voorstel tot vaststelling van het beleidsplan Duurzaam Veilig Verkeer (bijlage nr. 282).

Het lid PRAASTERINK (Ondernemend Helmond): -Voorzitter! In de commissie hebben wij

onderhevig voorstel uitvoerig behandeld. Ik heb begrepen dat er in de commissie SO een duidelijke

teneur was om meer aan preventie en handhavingsbeleid te gaan doen dan om simpel drempels en

dergelijke zaken aan te leggen. Ik kon het commissieadvies niet terugvinden in de visiekamer. Ik

hoor graag de toezegging dat wij niet alleen drempels en dergelijke zaken gaan uitvoeren, maar dat

wij ook gaan werken aan het opvoedings-, respectievelijk handhavingsbeleid.

Het lid KLERKX (CDA): Voorzitter! Ik wil aan de opmerking van de heer Praasterink

toevoegen dat wij in de commissie SO onze bedenkingen hebben uitgesproken over allerlei maatre-

gelen die genomen moeten worden. Wij hebben gevraagd deze niet al te stringent toe te passen. Ik

heb geen commissieadvies gezien, maar ik heb begrepen uit de nieuwe bijlage dat het college

voornemens is dat te doen. Er was sprake van dat in een 30 km-gebied om de 70 m snelheidsrem-

mende maatregelen genomen zouden moeten worden. Gelukkig is dit door het college veranderd.

Er zal in deze gebieden met aanvullende snelheidsremmende maatregelen gewerkt worden. Dat is

een hele verbetering. Een en ander moet niet te stringent toegepast worden. Laat alsjeblieft de wijk

meespreken over de gevaarlijke punten!

-32- 7 december 1999.

Het lid mevrouw JONKERS-GOEDHART (wethouder): Voorzitter! Ik kan de heer Praaste-

rink verzekeren dat wij de zinvolle discussie over dit onderwerp in de commissie vervat hebben in

een commissieadvies dat tot mijn spijt niet in de visiekamer lag. Wij willen met gezond verstand de

maatregelen benaderen die wij willen treffen in een wijk. Daar waar mogelijk willen wij opereren

in de sfeer van handhaving en preventie. Dit kan men naderhand in de uitwerking terugvinden.

Zonder stemming wordt overeenkomstig het voorstel van burgemeester en wethouders

besloten.

2. Voorstel tot het beschikbaar stellen van een krediet ten behoeve van de aankoop van de Veka-

sporthal (bijlage nr. 281).

Het lid VAN DER ZANDEN (PvdA): Voorzitter! In het verleden is door de PvdA-fractie

herhaalde malen verzocht een oplossing voor het betrokken probleem te bewerkstelligen. Wij zijn

blij met de gekozen oplossing. Het lijkt een beetje een kleine "De Wissen" te zijn geworden.

Zonder stemming wordt overeenkomstig het voorstel van burgemeester en wethouders

besloten.

3. Voorstel tot vaststelling van de 129' wijziging van de gemeentebegroting 1999 en de 6' wijziging

van de gemeentebegroting 2000 (nr. 129 betreft krediet beleidsplan Duurzaam Veilig Verkeer; nr.

6 betreft krediet Veka-sporthal).

Zonder stemming wordt overeenkomstig dit voorstel van burgemeester en wethouders

besloten.

De VOORZITTER sluit hierna, te 22.00 uur, de vergadering.

Aldus vastgesteld in zijn openbare vergadering van

De raad voornoemd,

De voorzitter,

De secretaris,

Uw Reactie
Uw Reactie